Artemis II heropent met diverse crew de weg naar de ruimte
In 1972 heeft voor het laatst een mens voet op de maan gezet. De Artemis missie is een aanloop naar een reeks nieuwe en definitievere maanmissies. In 1972 was dat het slotstuk van NASA's Apollo programma waarmee tussen 1969 en 1972 in totaal twaalf mensen op de maan landden
Artemis II wordt de eerste vlucht met bemanning aan boord van NASA's nieuwe systeem voor diepruimteverkenning: het Orion-ruimtevaartuig, de Space Launch System (SLS)-raket en de grondsystemen op het Kennedy Space Center in Cape Canaveral, Florida.
Tijdens deze ongeveer tiendaagse missie die op 1 april van start gegaan is zullen vier astronauten alle systemen van het vaartuig testen op werking in de ruimte ver van de aarde zoals de ontwerpers dat voor ogen hadden. De Artemis II-testvlucht baant de weg voor de landing van de eerste vrouw en de volgende man op de maan tijdens Artemis III.

NASA's eerste bemande vlucht met SLS en Orion effent het pad voor een langere periode op de maan en missies naar Mars. Bld. NASA
Lancering en baan rond de Aarde
De SLS brengt Orion naar de ruimte, waarna de boosters, de panelen van de servicemodule en het ontsnappingssysteem (launch abort system) worden afgeworpen. Vervolgens schakelen de motoren van de hoofdtrap uit en scheidt deze zich af van de bovenste rakettrap en het ruimtevaartuig.
Omdat er bij deze missie een bemanning aan boord is, zullen Orion en de bovenste trap — de Interim Cryogenic Propulsion Stage (ICPS) — eerst twee keer in een baan om de aarde cirkelen. Dit gebeurt om te controleren of alle systemen naar behoren werken terwijl het vaartuig nog relatief dicht bij huis is.
Twee fasen van de baan
Orion bereikt eerst een elliptische baan op een hoogte van ongeveer 185 bij 2.250 kilometer (115 bij 1.400 mijl). Deze ronde duurt iets meer dan 90 minuten en omvat de eerste ontbranding van de ICPS om de koers van Orion te handhaven.
Na de eerste baan rond de Aarde zal de ICPS Orion naar een hoge baan om de aarde stuwen. Deze manoeuvre stelt het ruimtevaartuig in staat om genoeg snelheid op te bouwen voor de uiteindelijke stuwkracht die nodig is in de richting van de maan. Deze grotere, tweede baan duurt ongeveer 23,5 uur, waarbij Orion in een ellips vliegt tussen de 185 en 74.000 kilometer boven de aarde.
Ter vergelijking: Het Internationaal Ruimtestation (ISS) vliegt in een nagenoeg cirkelvormige baan op slechts 400 kilometer (250 mijl) hoogte boven onze planeet.
Op weg naar de maan
Na het voltooien van de controleprocedures zal Orion de volgende voortstuwingsmanoeuvre uitvoeren: de Trans-Lunar Injection (TLI). Terwijl de ICPS het meeste werk heeft verzet om Orion in een hoge baan om de aarde te krijgen, zal de servicemodule de laatste duw geven die nodig is om Orion op een koers richting de maan te zetten.
De TLI-ontbranding stuurt de bemanning op een heenreis van ongeveer vier dagen. Ze vliegen hierbij om de achterkant van de maan, waarbij ze uiteindelijk een achtvormig traject beschrijven dat zich uitstrekt tot ruim 370.000 kilometer (230.000 mijl) van de aarde, voordat Orion weer naar huis terugkeert.