Uitgekleed en klem gezet
Ja, u leest het goed! En nee: dit wordt geen erotische column. Ben weer eens naar Dirk geweest, en daar is het gebeurd. Liep nietsvermoedend richting de bakken met zogenaamde Kanskoopjes toen er een meneer zijn kar voor de mijne zette. Ik keek hem aan, en hij keek terug. Van boven naar beneden en weer terug, met zo'n blik waardoor ik al m'n kleding van me af voelde glijden. "Goedemiddag!" zei de engerd met een soort van verlekkerde blik. "Goeiedág!" was mijn antwoord, duwde zijn kar aan de kant en liep door. Wél verdikkeme, wat denkt 'ie wel niet!
Kijk, als het nu één of andere aantrekkelijke Adonis was geweest, had ik nog wel een snedige opmerking gemaakt. Maar niets van dat al: het ventje was minstens 70, met lang grijzend haar in een staartje, wat ook nog dubbelgeklapt zat. Nu vind ik dat sommige mannen een paardenstaartje heel goed kunnen hebben, maar dit geval dus absoluut niet. Had hem wel willen vragen of 'ie niet effe langs Hans Anders moest om z'n ogen op te laten meten... Aangezien hij me achterna liep, heb ik dat maar niet gedaan. Bij het kattenvoer raakte ik hem gelukkig kwijt.
Toen ik bij mijn auto kwam, trof ik de tweede verrassing: ik was klemgezet. Kon nog net met goed fatsoen mijn boodschappentas op de achterbank zetten, maar niet via het portier aan de bestuurderskant naar binnen. (Ben wel een paar kilo afgevallen, maar heb nog steeds maat 42/44...)
Nu kon ik twee dingen doen: óf wachten tot de desbetreffende chauffeur/chauffeuse terugkwam, en hem/haar op onmiskenbare wijze duidelijk maken dat hij/zij absoluut niet inparkeren kon, en dat hij/zij ook absoluut geen rekening met een ander hield. Óf ik kon proberen om via de andere kant naar binnen te kruipen. Aangezien ik geen zin had in een discussie, heb ik voor het tweede gekozen.
Maar dat was nog best wel een dingetje. Eerst geprobeerd om zittend op de passagiersstoel mijn achterste over de handrem en schakelbak te tillen. Fout! Lukte niet. Uitgestapt, kruk in de auto gegooid (ik loop met een kruk tegenwoordig) en schuinhangend mijn linkerbeen over de handrem en schakelbak getild. Dat lukte! Hard foeterend het portier dichtgesmeten met een rotklap, want inmiddels kwam de stoom uit allebei mijn oren. Hèhè, ik zat!
De zenuwpijn gierde door m'n lijf, en ik zat te denken wat ik zou doen. Zou ik wachten tot hij/zij terugkwam, zou ik een venijnig briefje schrijven en dat tussen het zijraam schuiven. Maar ik had jammer genoeg alleen een pen in de auto, géén papier. Dus ben maar naar huis gereden.
Maar u snapt waarschijnlijk wel dat ik morgen als eerste een opschrijfboekje in de auto leg, en een rolletje plakband...