De enige goede leiding is de waterleiding (een hommage)
Sommige mensen, tot en met één columnist op deze site, beschouwen mij als een oude marxist met communistische neigingen. Die hebben het grotelijks mis. Toen ik nog aan de Universiteit van Amsterdam studeerde, was ik vaste klant bij koffiebar Roodmerk in de Lastagebuurt. Daar at ik op doordeweekse dagen in de ochtend altijd een dubbele boterham met kaas op weg naar het Historisch Seminarium. Roodmerk was een initiatief van de anarchisten. Ik heb daar veel gediscussieerd en ik ging ook naar bijeenkomsten. In die tijd hadden de anarchisten twee kernen: een in en rond Amsterdam en een in Oost-Groningen. Eens per jaar hielden zij een weekend in Ter Apel. Eigenlijk moest het daar over de revolutie gaan, maar meestal beperkte men zich tot een aantal voetbalwedstrijden.
Van de anarchisten leerde ik dat je nooit op autoriteiten af moest gaan, ook als het geleerden waren. En bovendien dat alles het beste voor elkaar kwam als de mensen onderling, zonder een of andere leider, hun zaakjes zelf regelden. Nu - meer dan een halve eeuw later - vind ik nog steeds dat ze het eigenlijk bij het rechte eind hadden, al leert de praktijk van het dagelijks leven veelal anders.
Ik kom tegenwoordig weinig in Amsterdam en al helemaal niet aan het eind van de Haarlemmerstraat, maar het standbeeld van Ferdinand Domela Nieuwenhuis daar heeft nog steeds een heel warme plek in mijn hart. Wacht, ga van het weekend zijn krant maar eens lezen. Dat is goed voor je, op Delpher: Recht voor Allen
Vind je dat een beetje oude koek, kijk dan op het Forum voor Anarchisme. Er bestaat sinds enige tijd een Federatie voor Vrij Socialisme, maar die heeft alleen nog maar een manifest opgesteld.
Als je die tekst leest, begrijp je meteen waarom ik zo-even schreef dat de anarchisten eigenlijk in de grond gelijk hebben, maar dat de uitwerking vraagtekens oproept. Toch wonen ze in mijn hart. Maar niet in mijn verstand. Je kunt zeggen wat je wilt: de enige goede leiding is de waterleiding.
Dit lange begin is noodzakelijk om uit te leggen waarom mijn hart altijd opspringt als mensen het lot in eigen handen nemen en een oplossing realiseren voor een probleem dat ze zelf voelen. Dit zonder formele organisatie en vooral zonder de overheid erbij te betrekken.
Zulke mensen zijn het zout der aarde. Zulke mensen zijn helden.
Mees Noordzij is zo’n held. Waarom? Sinds zijn zesde is hij een verwoed mountainbiker. Dan is de Rotterdamse wijk Overschie niet meteen de beste uitvalsbasis, want parcoursen voor deze sport zijn er bij ons nauwelijks te vinden. Mees ontdekte er maar één enkele en die is beperkt van omvang.
Op zijn tiende verjaardag besloot hij dan maar zélf een behoorlijk parcours te maken. Dankzij de zuinigheid van de gemeente zijn er overal in de stad verwaarloosde groenzones te vinden. Mees vroeg niemand iets, maar begon gewoon zelf parcoursen uit te zetten en geschikt te maken voor mountainbikers. Al gauw kreeg hij hulp van mede-fietsfanaten. Zo raakte Rotterdam voorzien van hartstikke leuke parcoursen voor mountainbiken. Mees legde er zelfs eentje aan vlak bij de ouderlijke woning in Overschie.
Dit viel de gemeente op. En u weet wat er in De Internationale staat - niet alleen een socialistische, maar ook een anarchistische hymne: „De staat verdrukt, de wet is logen.”
Het gezag probeerde Mees te stoppen. Wat hij deed, mocht absolúút niet. Dat was ten strengste verboden. Ook al deed verder niemand iets met die groenzone.
Toen gebeurde er iets bijzonders. Mees liet zich niet op zijn nummer zetten. Zo jong als hij was, pleitte hij als Brugman voor zijn parcoursen. En... hij vond gehoor. Het parcours mag blijven. De gemeente is er nu zelfs blij mee.
Kijk, dat soort dingen zouden vaker moeten gebeuren.
Behalve parcoursen voor mountainbikers vind je in Rotterdam overal olifantenpaadjes. Die zijn ontstaan omdat mensen liever een grasveldje min of meer schuin oversteken dan te blijven op de kaarsrechte tegelpaden van de gemeente. Die olifantenpaadjes zijn vaak krom en verlopen in een bocht. De meeste mensen gaan niet uit hun bol van dat rechthoekige.
Veel gemeentes bestrijden zulke olifantenpaadjes met hekken en heggen. De Schiedamse wethouder Chris Zijdeveld deed tijdens zijn ambtsperiode in de jaren zeventig, tachtig en negentig precies het omgekeerde. Als dit de keus van de burgers was, moest zo’n paadje niet bestreden worden, maar juist geplaveid. Het maakte niet uit of ze krom waren. Chris koos tegen de orde en voor het gevoel van de burgers. Dit is de mentaliteit die je van overheden mag verwachten. Mees Noordzij en zijn vele fietsvrienden hebben vertegenwoordigers van zo’n voortreffelijke overheid ontmoet.
Hij is nog maar zestien en hij is nog lang niet klaar met zijn mountainbikeparcoursen. Zijn vele vrienden en vriendinnen ook niet.
Mees Noordzij is een jonge held in Overschie. Aan hem is dit lied van vroeger opgedragen: À bicyclette van Yves Montand.