Fabeltje over héél veel nieuwe sociale huurwoningen in Rotterdam blijft intact
De Rotterdamse gemeenteraad gaat gewoon door met het verkondigen dat de nieuwbouwproductie in de stad voor 29 procent uit sociale huurwoningen bestaat. Dat terwijl in werkelijkheid - op basis van de actueelste, van 2023 daterende cijfers - het percentage 15 bedraagt.
Tijdens de gisteren begonnen behandeling van de gemeentebegroting voor 2026 lieten de fractievoorzitters van VVD, Leefbaar Rotterdam, Denk en D66 weten dat zij het goed vinden dat de gemeente 9 procent boven het streefpercentage van 20 zit.
De twee grootste oppositiepartijen GroenLinks en PvdA corrigeerden de verhalen van de vier coalitiepartijen niet. Zoals gewoonlijk maakte ook de SP er geen woorden aan vuil.
De veel te rooskleurige 29 procent (956 woningen, start bouw 2023) deugt niet. Dat komt omdat er ook 379 studentenwoningen (Brainpark), 84 flexwoningen en 15 onzelfstandige woningen van niet-toegelaten instellingen bij zijn meegerekend. Die - bij elkaar opgeteld - 478 woningen mogen dan weliswaar verhuurd worden voor minder dan 900 euro. Maar meetellen als sociale huurwoning doen ze niet.
De omvang van die goedkoopste categorie woningen stijgt al jaren niet meer. Oorzaak: corporaties verkopen, slopen en liberaliseren meer sociale huurwoningen dan ze er bijbouwen.
Zelfs de VVD erkent tegenwoordig dat per saldo het aantal sociale huurwoningen niet meer toeneemt.
Meer info: laffe roeptoeter