maandag 6 december 2021

webMagazine over stad, cultuur
en wereld

Ruud van der Velden, Partij voor de Dieren

Rotterdammer Ruud van der Velden strijdt voor de aarde

24 oktober 2021 (Martin Reekers)

Ruud van der Velden (1964), opgegroeid in Rotterdam, vertegenwoordigt de Partij voor de Dieren sinds 2018 in de raad. Daarnaast is hij eigenaar van een kunsthandel in Hillegersberg die gespecialiseerd is in de aan- en verkoop van schilderijen, aquarellen en andere werken op papier van Nederlandse- en Belgische kunstenaars uit de periode van 1880 tot nu.

Emancipatiepartij

De partij voor de Dieren zit sinds 2014 in de Rotterdamse gemeenteraad. Volgens Ruud is ongeveer  70% van de stemmers op de Partij voor de Dieren vrouw. Hij ziet de partij als een emancipatiepartij met persoonlijke vrijheid en verantwoordelijkheid als kernwaarden.  De partij gelooft in diversiteit en steunt LHBTIA-initiatieven hetgeen onder andere blijkt uit deelname aan de pride. De partij wil opkomen voor dieren, natuur en milieu en is volgens Ruud niet links of rechts. Het  overstijgend belang van de aarde, dieren, natuur en het milieu verbindt volgens hem iedereen bij de PvdD

De kunst van het raadslidmaatschap

Het werk van een raadslid in een stad als Rotterdam is niet eenvoudig. Het is een hele kunst om het vol te houden, zeker naast een andere baan. Er zijn veel onderwerpen die om beslissingen vragen, het gaat om veel geld en vergaderingen tot in de kleine uurtjes zijn geen uitzondering. Toch gebeurt het werk voornamelijk buiten het zicht van het publiek. Ruud: ’Soms fiets ik om half drie ’s nachts naar huis na de hele dag keihard aan het werk te zijn geweest en dan denk ik wel eens, welke Rotterdammer heeft dat gevolgd? Bijna niemand denk ik, terwijl we wel over een begroting van drie-en-een-half miljard gaan. Werk en vrije tijd lopen bij mij gewoon in elkaar over. Op zaterdag en zondag ben ik er ook mee bezig. Ik heb besloten alleen werk te doen dat me interesseert en dat ik leuk vind. Anders zou ik dit niet trekken’.

Ik vind dat het in de politiek alleen draait om de westerse mens, zijn kortetermijnbelangen en geld

Over wat Ruud deed besluiten het drukke raadswerk op zich te nemen is hij duidelijk: ‘Ik vind dat het in de politiek alleen draait om de westerse mens, zijn kortetermijnbelangen en geld. Daar zijn andere waardevolle dingen aan ondergeschikt, zoals bijvoorbeeld de dieren en de natuur. Toen de Partij voor de Dieren nog niet in de raad zat, werden er hier in Rotterdam gewoon dieren vergast. Een hele duivenpopulatie is vergast. Dat was allemaal normaal. Ik zag ook dat steeds meer groen moest wijken voor bebouwing. Groengebieden werden gezien als plekken waar je goed grote evenementen kunt organiseren. Dus of het nou broedseizoen was of dat de bomen er last van hadden, dat interesseerde niemand. Je zag ook dat aan de randen van de stad kostbaar groen werd uitgeleverd aan bedrijfsterreinen. Groen werd gezien als een verdienmodel.  Ik ben actief geworden om daar wat aan te veranderen. Ik was al lid van de Partij voor de Dieren, maar we zaten nog niet in de gemeenteraad. Ik zie het net als kunst. Daar heb je een schilderij tijdelijk te leen of in je bezit. Als het goed is, is dat schilderij er over honderd jaar nog. Dus je zorgt er tijdelijk voor om het te behouden voor toekomstige generaties. Nou, zo heeft onze generatie de aarde te leen en moet je ervoor zorgen dat toekomstige generaties er ook nog iets aan hebben. Dat vergt inzet. Ik merk dat veel politici alleen maar bezig zijn met de waan van de dag en niet met waar we over twintig, dertig jaar willen staan.

Drie aardbollen nodig voor Nederlandse consument

De naamgeving van de partij doet vermoeden dat de partij vooral voor de dieren opkomt, maar de praktijk is genuanceerder. Ruud: ’Wij willen dat mensen voorbij hun eigen belang denken. Als je opkomt voor het meest kwetsbare dat er is, en dat zijn de dieren en de natuur, ben je automatisch goed voor mensen. Er zijn hier twaalf partijen die alleen maar opkomen voor mensen. Er is er maar één die ook opkomt voor de dieren en dat zijn wij. “Partij voor de Dieren” is een soort geuzennaam geworden. Wij hebben één issue en dat is de aarde. Daar moeten we het allemaal mee doen, anders houdt het gewoon op. Wat heb  je aan geld als de ijskap smelt?  Ik heb wel eens in een debat gezegd dat de VVD het geld zit te tellen, terwijl hun voeten in het water staan. Dat is nu realiteit. Je ziet het elke dag. Overal op de wereld en dit jaar zelfs in Nederland. Je hebt maar één aarde. Er zijn drie aardbollen nodig om te blijven consumeren zoals de gemiddelde Nederlander dat doet. Dat is onhoudbaar. Je moet er wat aan doen’.  

Rotterdam:  Schiet op met dat asiel!

Opkomen voor de dieren, de natuur en het klimaat is volgens Ruud ook in Rotterdam hard nodig. Toen het college in 2018 aantrad had men niet aan een portefeuille dierenwelzijn gedacht. Ruud heeft toen gelijk in de eerste raadsvergadering een motie ingediend voor een wethouder dierenwelzijn. Deze motie werd aangenomen. Nu vindt iedereen en wethouder dierenwelzijn heel gewoon. Ook voorzieningen voor dieren schieten in het oog van de partij te kort. Ruud: ’We hebben geen dierenasiel. Dat zat altijd aan de Abraham van Stolkweg, maar dat is gesloten en sindsdien heeft Rotterdam er geen en moeten Rotterdammers ervoor naar Spijkenisse. Ik ben al jaren constant aan het drukken. Van schiet nu op met een nieuw dierenasiel. Nou dat zit er nu aan te komen.

Met het broedseizoen houden we eigenlijk nooit rekening. Dus er is wat betreft de dieren nog steeds een opgave en ook op het gebied van groenvoorziening en klimaat. Ondanks alle praatjes dat er meer groen bij komt zie je tegelijkertijd dat er wat ouder groen rücksichtslos verdwijnt. Nu hebben we de wijk Nieuw Kralingen en hup dan gaat er weer groen weg voor de bouw. Net als in de Parkhavenstrook, en Park de Twee Heuvels op Zuid. Tja, dat is niet goed. We moeten ook echt vaart gaan maken met klimaatmaatregelen.  Iedereen praat met elkaar maar er gebeurt, ook in Rotterdam, geen zak om die klimaatverandering aan te pakken. De Rotterdamse haven is verantwoordelijk voor en kwart van de Nederlandse CO2 uitstoot. De haven is nog steeds een heilig huisje. Ze hebben allemaal zó’n mond, maar zodra ik daar moties over indien, stemmen ze allemaal in het belang van de haven. Zo pak je nooit die CO2 uitstoot aan. Nu zijn er weer ideeën om die CO2 af te vangen en onder de Noordzee te stoppen. Daar krijgen ze miljarden subsidie voor vanuit Den Haag, maar daarmee pak je het probleem van de CO2 uitstoot niet aan bij de kern. De Rotterdamse haven is vooral olie en kolen. Hoe je het ook wendt of keert, van olie zal je afscheid moeten nemen. Je kunt de economie omvormen en toekomstbestendig maken beginnend met het weren van vervuilende schepen uit de Rotterdamse haven. Als je die uitstoot  daarvan ziet, die is echt gigantisch’.

Havenbedrijf blijft groei fossiele industrie faciliteren

Voor het argument dat schepen die geweerd worden dan koers zetten naar Antwerpen of andere Europese havens is Ruud niet gevoelig. Ruud: ‘Ja dat is altijd het excuus, maar je moet ergens beginnen. We kunnen ook besluiten geen nieuwe fossiele industrie toe te laten. Nu blijft het Havenbedrijf de groei van fossiele industrie faciliteren. Op een gegeven moment moet je er gewoon een streep onder zetten omdat het niet meer zo kan. Dat is wel het eerlijke verhaal. We hadden in de raad een discussie over de kolenoverslag, toen heb ik uitgerekend hoeveel mensen daar nu direct en indirect een baan in hadden en dat waren, uit mijn hoofd,  542 mensen. Wij pleitten er voor ermee te stoppen en dan krijg je verlies van werkgelegenheid als tegenargument. Maar je kunt ook denken dat als we stoppen met kolen wat kunnen we dan doen voor die mensen? Het is wel het eerlijke verhaal, want het gaat gewoon ophouden die kolenoverslag. Maar daar haal je geen meerderheid voor. Dan worden toch die oude belangen verdedigd. Uit angst of door gelobby. Het lobbyen bij dat soort bedrijven is vrij groot. Blijven agenderen en strijden dus’.

Ruud ziet wel raadsleden met idealen die overeenkomen met die van zijn partij. Toch heeft dat vaak geen effect. Ruud: ’Wat mij opvalt is dat zodra er iets in stemming wordt gebracht, idealen vervliegen. Je moet een politicus ook beoordelen op het stemgedrag. Je kunt wel allerlei idealen inbrengen, maar als het dan vervolgens aankomt op het stemgedrag dan schikken ze zich in de fractiediscipline en stemmen ze tegen hun idealen. Dat vind ik jammer. Ik zou dat nooit doen’.

Elf km snelweg, 1,3 miljard Euro, langs vijf woonwijken

Naast de CO2 uitstoot van de Rotterdamse haven, ziet Ruud nog wel meer zaken die in Rotterdam in de optiek van zijn partij te wensen overlaten, zoals de verlenging van de A16. Ruud: ‘Hoe verzin je het? Elf km snelweg, 1,3 miljard Euro, langs vijf woonwijken. Ommoord is helemaal de lul want de weg loopt echt pal achter de Rozenbuurt. Er komen wel schermen, maar die huizen staan er dicht op. Ik vind het ook jammer dat het Schiebroekse park zo onder druk staat van die A 16. Daar langs de Doenkade, hebben ze  aardig wat gekapt hoor. Jammer want dat was wel een aardige strook groen. Als je meer asfalt aanlegt, trekt dat alleen maar meer automobilisten aan. Dat verzin ik niet, daar zijn allerlei rapporten over. Ze zeggen dat die A16 de Molenlaan gaat ontlasten. Nou als ik naar het verkeer daar kijk, dan bestaat dat voornamelijk uit moeders met schoolgaande kinderen. Tijdens  die schooltijden is het er hartstikke druk. Het is echt voornamelijk regionaal verkeer. Tja en dan heb je het vliegveld al en van die snelweg zal je ook echt wel wat gaan horen. Jammer, echt jammer’.

De haas in de marathon

Het lijkt een hachelijke zaak om als eenmansfractie in een gemeenteraad ook echt iets te bereiken. Toch is Ruud daar wel optimistisch over. Ruud: ’Het lukt ons wel om invloed uit te oefenen. Wij zien onszelf als een haas in de marathon, de aanjager van het debat. Dat doen we met die ene zetel hier in Rotterdam. Constant het debat aanjagen over onderwerpen zodat andere partijen er harder voor gaan lopen en dat heeft succes’. 

Toch staat een eenmansfractie voor de lastige opgave om gewicht te geven aan de eigen stem, alleen al door de praktische beperkingen die er zijn voor wat betreft de spreektijd. Ruud: ‘We hebben beperkte spreektijd en dat is jammer. Als je één zetel hebt, heb je per raads- en commissievergadering hooguit vijf of zes minuten. Daarbinnen moet ik over al die onderwerpen iets vinden en moet ik in debat met de wethouder. Ik moet heel selectief zijn in de onderwerpen waar ik op ga spreken. Een partij als Leefbaar Rotterdam heeft bijvoorbeeld wel 20-25 minuten. Dus ligt mijn nadruk qua spreektijd op dieren, natuur en milieu. Je kunt je op andere onderwerpen ook politiek laten zien door je stemgedrag.  Bij onderwerpen waar ik niet op spreek stem ik wel in een bepaalde richting. Dus dan kan iedereen zien waar de Partij voor de Dieren bij dat onderwerp voor staat. Bij een commissievergadering zit ik tegenover de wethouder en een hele batterij ambtenaren. Als hij een antwoord niet weet op een vraag, dan zitten al die ambtenaren hem dat in te fluisteren. Het college heeft onbeperkte spreektijd. Die kunnen uitweiden wat ze willen en ik zit aan vijf minuten Dat is een volledig ongelijke strijd die vanuit democratisch oogpunt heel slecht is. Ik denk dat daar eens een keer iets aan gedaan moet worden bijvoorbeeld door af te spreken dat als je geïnterrumpeerd wordt en je geeft antwoord dit niet van je spreektijd afgaat. Dat is nu wel zo en dat maakt het debat dood. Dus je hoort vaak iemand zeggen ik sla het antwoord even over want anders heb ik geen spreektijd meer’.

Successen

Dat de Partij voor de Dieren, behalve het agenderen van onderwerpen, ook concrete invloed heeft, blijkt uit enkele behaalde successen. De realisatie van een portefeuille voor dierenwelzijn portefeuille is er een van. Ook stak de partij er een stokje voor dat dieren in Blijdorp worden afgemaakt als er sprake is van geldnood bij de dierentuin.  Ruud: ‘ Wat ik zelf een mooi succes vind is ons initiatiefvoorstel: ‘Carnivoor, geef het door’. Bij de Rotterdamse ambtenaren is de catering vegetarisch geworden, tenzij je aangeeft dat je vlees wilt eten. Dus het is omgedraaid. Als je carnivoor bent moet je dat doorgeven. Dat is een voorbeeld van dat je anders moet gaan denken. Iedereen vindt het nu heel normaal. Heel veel klimaatideeën van ons zijn ook aangenomen. Zoals meer groen aanplanten. Het was wel leuk dat in het collegeakkoord onderscheid werd gemaakt tussen “hoogwaardig groen” en “laagwaardig groen”. Er wordt niet gebouwd op hoogwaardig groen, stond er. Ik heb al drie jaar lang gevraagd om de definitie van wat hoogwaardig en wat laagwaardig groen is. Ze hebben uiteindelijk moeten toegeven dat die er niet is.  We moeten wel goed in de gaten houden dat er echt meer groen komt. Wat mensen vergeten is dat als je 10% meer groen toevoegt aan een wijk, dan bespaar je een kleine 400 miljoen op je gezondheidszorgkosten. Dus voor de gezondheid is het heel goed meer groen toe te voegen. Je kosten gaan omlaag.

Het faciliteren van een gemeenteraadslid

Over de Rotterdamse raad en raadswerk in het algemeen, heeft Ruud een aantal denkbeelden die hij graag gerealiseerd zou zien. Hij staat een fulltime raadslidmaatschap voor. Ruud: ’Ik denk dat je daar niet meer onder uitkomt. Als je de stukken ziet op de onderwerpen welzijn en zorg dan is het voor een kleine fractie gewoon niet te doen. Dus dan stem je volgens het partijprogramma maar je kan niet inhoudelijk meepraten’.

Ook de faciliteiten voor een gemeenteraadslid zouden volgens Ruud beter geregeld moeten zijn Ruud: ’Raadslid is het hoogste wat je kan zijn in een stad met de gemeenteraad als hoogste orgaan. Ik denk dat het achterhaald is dat je raadswerk naast je reguliere werk doet. In de vier grote steden kun je daar niet meer van uitgaan. Dat lukt bijna niemand. Ik vind de verhouding tussen een fulltime wethouder met een gigantisch salaris en goede arbeidsvoorwaarden en die van een parttime raadslid scheef. Het raadslidmaatschap wordt mager betaald als ik heel eerlijk ben. Een raadslid heeft €2.568 bruto en een wethouder € 10.743 en wachtgeld met een maximum van drie jaar. (Bron salarisbedragen . Dat is scheef. Als in een grote stad een wethouder fulltime is, waarom dan een raadslid niet? Steeds minder werkgevers zijn bereid jou er al die dagen vrij voor te geven en dan zie je dat de raad voornamelijk bestaat uit mensen die bij overheidsinstellingen werken. Die geven makkelijker vrij. Dat vind ik heel jammer. Wat ik ook een beetje mis is de praktisch opgeleide gewone Rotterdammer in de raad. Je ziet steeds meer raadsleden op hbo en universitair niveau. Ik denk dat je daar voor moet waken omdat er de kans is dat raadsleden de binding met de stad verliezen. Ik denk dat een hoop politici geen flauw idee hebben wat er in een wijk op Zuid of in Crooswijk aan de hand is. Ik ben zelf Rotterdammer en ik ken de stad de stad vrij goed. Dat klinkt wat arrogant maar dat is gewoon zo.

Roeien met de riemen die je hebt

Ruud: ‘Ik probeer van  alles te doen met die ene zetel, maar ik ben natuurlijk ook met handen en voeten gebonden. Ik kan er zijn voor de mensen en weten wat er speelt. Als mensen zien dat er groen verdwijnt in hun wijk en ze maken zich daar zorgen over, dan ga ik met hen praten. Bij de Tweebosbuurt was ons burgerraadslid erg betrokken en die had veel contact met die bewoners en zo probeer je dat te doen. We hebben ook een werkgroep, die je oren en ogen in de wijken zijn’.

Ruud is te benaderen voor de Rotterdamse burger. Ruud: ’ Mijn telefoonnummer en emailadres staan op de website van de gemeente. Daar ben je ook voor gekozen. De Rotterdammer kiest je en dan moet je niet vier jaar in een ivoren toren gaan zitten. Soms duurt het wat langer voor ik antwoord geef want die mailbox is echt gigantisch. Ik moet er af en toe echt voor gaan zitten. Ik heb geen secretaresse.

De toekomst

In het voorjaar van 2022 zijn er weer gemeenteraadsverkiezingen.  De Partij voor de Dieren werkt nog aan een verkiezingsprogramma, maar voorspelbare contouren zijn dat het klimaat er belangrijk in zal zijn, naast het wonen. Ruud: ‘Duurzamer omgaan met wonen is van belang. Dat we niet meer gaan slopen en dat iedereen welkom is in deze stad. Nu worden mensen gewoon de stad uitgejaagd, dus ook daar zullen we opkomen en strijden voor de mensen die het moeilijk hebben. Want in de randgemeenten kun je ook niet terecht hoor want daar is het ook hartstikke duur. Wat bij ons altijd centraal staat en waar we ook deze verkiezingen mee ingaan is het belang van de dieren dienen. Dus alle inwoners van Rotterdam en niet alleen de mensenbelangen.

Wij hebben willen niet te hard groeien. Dan word je een soort plofpartij. Wij zijn van de duurzame groei. Laat ons maar langzaam groeien en onze punten agenderen.

Wilt u een reactie laten plaatsen? mail  met naam en woonplaats naar: contact@vandaagenmorgen.nl  

 

 

  

Foto Erik Fecken

Zie ook:

Lees meer over:

Rotterdam Politiek
Deel dit bericht met je vrienden!