“Je moet het met je eigen ogen zien” Marktkoopman en kandidaat gemeenteraadslid Hennie van Schaik over de verkiezingen van 18 maart

08 maart 2026 door Ronald Glasbergen
“Je moet het met je eigen ogen zien” Marktkoopman en kandidaat gemeenteraadslid Hennie van Schaik over de verkiezingen van 18 maart
Hennie van Schaik. Foto RP Glasbergen IMG_20260227_130706

Voor Hennie van Schaik is politiek geen abstracte wereld van vergaderingen en rapporten. De kandidaat‑gemeenteraadslid voor 50PLUS — nummer twee op de lijst bij de gemeenteraadsverkiezingen van 18 maart 2026 — komt uit een heel andere omgeving: de Rotterdamse straat en de markt. Daar hoort hij dagelijks wat er speelt. “Ik ben een mensenmens,” zegt hij. “Ik sta voor iedereen open. Ik laat me niet in het ootje nemen. Als mensen bellen met klachten ga ik altijd zelf kijken. Ik moet het met mijn eigen ogen zien.”

Van Schaik groeide op in het Oude Noorden, in een arbeidersgezin vlak na de oorlog. “Ik ben geboren in het Oude Noorden, op een zolderkamertje in de Ooievaarstraat. We waren met z’n zevenen: vijf kinderen, pa en ma. Later woonden we in een driekamerwoning.” Het leven was eenvoudig. “Eén keer per week gingen we in bad in een teil. Mijn vader ging water halen bij de waterstoker. Eerst ging de kleinste erin, dan het meisje, dan de jongen. De oudste ging als laatste in het water van de anderen.” Zijn vader werkte hard om het gezin te onderhouden. “Mijn vader werkte in het fruit in de haven en hij verdiende in de zomer bij met ijs verkopen. Hij moest vijf kinderen eten geven.”

Die achtergrond verklaart volgens hem waarom hij zich zo betrokken voelt bij bewoners. “Ik heb toch wel feeling als marktkoopman. Ik ben gewoon een straatjongen.” Op de markt hoort hij elke dag wat mensen bezighoudt. “De mensen komen naar me toe op de markt als ze iets hebben. Ik heb het soms drukker met klachten van bewoners dan met verkopen. Maar dat geeft niet — daar ben ik voor.” Die directe band met bewoners ziet hij als een groot voordeel in de politiek. “Wat ik gezien heb met mijn ogen, daar kan niemand omheen. Ik ben van eerlijkheid, recht door zee.”

Volgens Van Schaik staat Rotterdam voor een aantal duidelijke uitdagingen. Het belangrijkste thema voor hem is veiligheid. “Ten eerste veiligheid. Voor vrouwen, maar ook voor ouderen. Als ouderen ’s avonds niet meer naar buiten durven, dan gaat het niet goed in een stad.” Hij ziet het ook in zijn eigen wijk. “De mensen komen bij mij klagen. Dat is goed ook, want daar ben ik voor. Je kan niet alles oplossen, maar als ik het zelf gezien heb ga ik proberen het op te lossen.” Een concreet voorbeeld is de overlast van verslaafden en verwarde mensen in het centrum. “Je zag daar mensen poepen, pissen, spuiten gebruiken. Dat kan toch niet? Die mensen zijn ziek, die moet je van de straat halen. Het is mensonterend hoe ze daar buiten slapen.”

Naast veiligheid noemt hij bereikbaarheid en voorzieningen voor ouderen. Zo verzet hij zich tegen het verdwijnen van een belangrijke tramverbinding. “Het is een schandalige zaak dat tramlijn 4 weggaat. Ouderen gingen daarmee naar de markt of naar de stad. Die kunnen straks niet meer.” Ook vindt hij dat Rotterdam groener moet worden. “Bomen zijn de longen van de stad. Dan zeg ik: planten die handel. Duizend bomen per jaar moet je doen.” Tegelijk wil hij dat bepaalde dingen juist blijven zoals ze zijn: de leefbare buurten en de menselijke maat. Over zijn eigen straat zegt hij: “Waarom is dit zo’n leuke straat? Er is veel groen. Kijk naar die tuinen midden in de stad. En de architectuur van de jaren dertig vind ik ook mooi.”

Voor de verkiezingen van 2026 staat Van Schaik op plaats twee van de lijst van 50PLUS in Rotterdam. “Ik geef mij honderd procent voor 50PLUS. Wij gaan voor 50PLUS en de anderen zoeken het maar uit onder elkaar.” Zijn campagne is praktisch en zichtbaar in de stad. “We hebben borden opgehangen in Alexanderpolder. Met drie man in de auto. Ik weet precies waar ze moeten hangen — op de plekken waar veel mensen langs komen.” Daarnaast bestaat de campagne uit flyeren, markten bezoeken en debatten. “Zondag gaan we flyeren op het Binnenwegplein. Daarna naar Hoogvliet, Alexanderpolder en Schiebroek. Je moet de mensen gewoon vertellen waar je voor staat.”

Hij blijft daarbij nuchter over zijn kansen. “Ze willen me of ze willen me niet. Willen ze me, dan vind ik het fijn. Willen ze me niet, dan zeg ik: welterusten.” Maar één ding staat voor hem vast: zijn inzet voor de stad. “Ik ben 365 dagen per jaar bereikbaar. De mensen weten waar ik sta.” Voor Van Schaik is dat uiteindelijk de kern van politiek: aanwezig zijn in de stad en luisteren naar bewoners. “Ik hou van Rotterdam,” zegt hij. “En daarom wil ik dat het hier veilig en leefbaar blijft voor iedereen.”

Meer over:
Cookies

Deze website gebruikt noodzakelijke cookies voor een correcte werking en analytische cookies (geanonimiseerd) om de statistieken van de website bij te houden. Marketing cookies zijn nodig voor laden van externe content, zoals YouTube-video's of widgets van Sociale Media. Zie ons cookiebeleid voor meer informatie, of om je instellingen later aan te passen.