Meer mensen in dienst bij de overheid. Gemiddeld € 54 per uur
In de afgelopen zeven jaar is het arbeidsvolume gemeten in arbeidsjaren (vte’s) in de overheidssector steeds toegenomen. Daarvoor daalde dit arbeidsvolume juist zeven jaar lang. In 2024 bedroeg de hoeveelheid werk bij de overheid 1,1 miljoen vte. Dit meldt het CBS op basis van nieuwe cijfers.
Een vijfde overheidsuitgaven naar loon werknemers
In 2024 gaf de overheid ruim 97 miljard euro uit aan de beloning van werknemers. Het aandeel hiervan in de overheidsuitgaven is al jaren stabiel rond de 19 procent. Het totale arbeidsvolume binnen de overheidssector bedroeg ruim1,1 miljoen vte in 2024. Hiervan werkt het grootste aandeel (36 procent) bij de door de overheid gesubsidieerde instellingen in het onderwijs zoals scholen en universiteiten. Na het onderwijs werkt het grootste deel bij de Rijksoverheid (20 procent) en bij gemeenten (16 procent). In het arbeidsvolume zijn alleen werknemers meegenomen die in loondienst zijn bij de overheidssectoren, dit is dus exclusief ingehuurd personeel.

Groei voltijdbanen of voltijdequivalenten (VTE) bij alle overheden (vte). Bld. CBS
De overheid is hier breder gedefinieerd dan alleen de Rijksoverheid (inclusief defensie en Belastingdienst) en decentrale overheden zoals gemeenten, provincies en waterschappen. Ook het gesubsidieerd onderwijs en overige overheidsinstellingen, zoals de politie en ProRail, maken deel uit van de overheid.
Van 2018 tot en met 2024 was de grootste groei bij het gesubsidieerd onderwijs (54 duizendvte; +15 procent), de Rijksoverheid (51 duizend vte; +30 procent), en de gemeenten (28 duizendvte; +18 procent). De gehele overheid groeide met154 duizend vte of 16 procent. In de nasleep van de kredietcrisis leidden bezuinigingen bij de overheid vanaf 2011 tot een daling van het arbeidsvolume gemeten in vte’s. Sinds 2018 stijgt het aantal vte echter weer.

Hoogste beloning bij de Rijksoverheid
De gemiddelde beloning in 2024 voor de overheid bedroeg 54 euro per gewerkt uur. De beloning bestaat niet alleen uit lonen, maar ook uit sociale premies die betaald worden door de werkgever, zoals pensioenpremies. Bij de Rijksoverheid en de provincies is de beloning per gewerkt uur het hoogst. De beloning is het laagst bij gemeenschappelijke regelingen waartoe veel sociale werkplaatsen behoren met relatief laagbetaalde functies. In het algemeen wordt de hoogte van de beloning bepaald door factoren zoals de aard van het werk, de benodigde kennis, vaardigheden en het opleidingsniveau. Ook de gemiddelde leeftijd en concurrentie op de arbeidsmarkt spelen een rol.