De mensen die Rotterdam kleur geven in de serie 010
De fascinatie voor ‘de gewone man’ in zijn natuurlijke habitat is een gouden formule voor de Nederlandse televisie. Na het succes van series die ons meenamen naar hechte gemeenschappen als Urk en Volendam, richt de camera zich nu op een compleet andere schaal: de tweede stad van Nederland. De RTL 5-serie ‘010: De Mensen die Rotterdam Kleur Geven’ is een kijkcijferhit, maar in het overvolle medialandschap van vandaag is dat geen garantie voor kwaliteit.
De moderne consument wordt geconfronteerd met een duizelingwekkende hoeveelheid keuzes voor ontspanning. De vraag of je je avond besteedt aan een lineaire tv-show wordt relevanter als het alternatief alles omvat van diepgaande documentaires tot het laagdrempelige digitale vermaak van bijvoorbeeld iDEAL casino's beoordeeld door online-casinos.com. Wat biedt ‘010’ dat het onderscheidt en onze kostbare tijd rechtvaardigt? De serie belooft een ongefilterde blik op het leven in de Maasstad, maar hoe ongefilterd is deze blik werkelijk?
Meer dan alleen 'Niet lullen, maar poetsen'
‘010’ breekt bewust met de traditie om bekende Rotterdammers als Lee Towers of Gerard Cox op te voeren als hét gezicht van de stad. In plaats daarvan volgt de voice-over van ras-Rotterdammer John Buijsman (bekend als de opa uit de Tatta's-films) een reeks ‘markante’ inwoners. We maken kennis met het echtpaar Gerda en Frank, kampeerfanaten die hun buurt door een rattenplaag omgedoopt zien tot ‘Ratterdam’. Hun nuchtere, geopolitieke analyse - “Je mag geen gif meer gooien, je mag wel bommen gooien enzo in de wereld” – is direct memorabel.
Dan zijn er Sandy en Marco van De Ballentent (waar recentelijke zelfs Willem Alexander nog op het terras zat!) een horecakoppel dat zwoegt onder personeelstekort maar ondertussen de meest komische en onvervalst Rotterdamse dialogen uitkraamt. Marco’s advies aan klanten met haast is nu al klassiek: “Dan moet je effe naar de Mèk Drijf rijden bij Sjaarloos. Dan blijf je in je auto zitten en dan gooien ze de hamburgers zo bij je naar binnen.” De serie toont verder een stadsherder met zijn schapen, rioolexperts die de stad draaiende houden en een ‘high end’-makelaar die zich verbaast over collega’s met een ‘papadag’. Het zijn deze personages die, met hun platte accenten en medische krachttermen als “grafpleuristyfuswerk”, de serie zijn charme geven.
Caricatuur of realiteit?
Het succes van het programma is onmiskenbaar. Het biedt een verfrissende en vaak hilarische kijk op het leven in de stad, ver weg van het gepolijste imago van ‘Manhattan aan de Maas’ met zijn indrukwekkende skyline. Het programma viert de directheid, de humor en het gouden hart dat vaak achter een grote mond schuilgaat. Het geeft een stem aan de ‘gewone’ Rotterdammer wiens leven zich afspeelt in de straten, de kroegen en de havens, niet in de bestuurskamers.
Toch is een kritische noot op zijn plaats. Is dit een authentieke representatie van Rotterdam, of een zorgvuldig gecultiveerde karikatuur? In tegenstelling tot Urk of St. Willebrord is Rotterdam geen homogene gemeenschap. Het is een superdiverse metropool met meer dan 600.000 inwoners en 170 nationaliteiten. Door een handvol excentrieke, ‘tv-waardige’ types te selecteren, creëren de makers een specifiek, bijna pittoresk beeld.
Dit beeld is vermakelijk, maar het negeert de complexiteit en de scherpe randen van de stad. Grote stedelijke problematiek zoals armoede, gentrificatie en sociale ongelijkheid blijft grotendeels buiten beeld. De focus ligt op de ‘leuke gekkigheid’, wat Wilfred Takken in zijn recensie in het NRC treffend omschrijft als een “opgepoetst pittoresk beeld”.
De balans tussen vermaak en verbeelding
De vraag is of dit erg is. Televisie is per definitie een vorm van selectie en enscenering. Niemand zal beweren dat ‘010’ een sociologische documentaire is. Het programma dient ter vermaak en slaagt daar glansrijk in. Het gevaar schuilt erin dat dit zorgvuldig samengestelde beeld een eigen leven gaat leiden en de perceptie van de stad, zowel binnen als buiten Rotterdam, gaat domineren. Het reduceert een complexe, dynamische stad tot een verzameling van komische oneliners en herkenbare stereotypen.
Aan de andere kant kan de serie ook een positieve functie hebben. Het doorbreekt het soms wat kille en zakelijke imago van Rotterdam als stad van louter architectuur en haveneconomie. Het laat zien dat de ware kracht en kleur van de stad in haar inwoners schuilt. De trots, de veerkracht en het vermogen om de dingen met een flinke dosis humor te relativeren, zijn onmiskenbaar Rotterdamse kwaliteiten die de serie feilloos weet te vangen.
Uiteindelijk biedt ‘010: De Mensen die Rotterdam Kleur Geven’ een dubbelzijdige medaille. Het is enerzijds een liefdevolle en humoristische ode aan een bepaald type Rotterdammer. Anderzijds is het een versimpeling die de immense diversiteit en de reële uitdagingen van de stad onbelicht laat. De waarde van de serie ligt misschien niet in de absolute waarheid van het beeld dat wordt gepresenteerd, maar in de discussie die het op gang brengt. Het dwingt ons na te denken over het imago van Rotterdam en over wat het vandaag de dag betekent om een ‘echte Rotterdammer’ te zijn, in al zijn kleurrijke, complexe en soms tegenstrijdige glorie.