dinsdag 4 augustus 2020

webZine over stad, cultuur
en wereld

Yeo-jeong Jo en Woo-sik Choi als zus en broer in 'Parasite' Foto Filmdepot

Wat maakt 'Parasite' zo succesvol?

25 juli 2020 (door Ronald Glasbergen)

Als er één film afgelopen jaar in de prijzen viel dan was het wel 'Parasite'. Het was de eerste, niet Engelstalige film die ooit de Academy Award kreeg voor beste film, ontving  verder een Gouden Palm, Bafta's, Golden Globe's terwijl de voor speelfilm belangrijke bioscoopkassa’s, voordat Covid toesloeg, stevig rinkelden. Wat maakt Parasite zo succesvol en wat en wat maakt het een goede film?  

Twee families, de Kim’s en de Park’s, raken in ‘Parasite’ innig met elkaar ververweven. De Kim’s moeten de eindjes aan elkaar knopen doen hun best maar zitten door armoede gevangen in hun kelderwoning. Als er op straat kakkerlakken verdelgd worden, houden ze de ramen open om gratis insectenverdelger binnen te krijgen. Voor verbinding met het internet liften ze mee op de Wifi van de buren, soms krijgen ze alleen goed signaal op het toilet. Elk van de vier gezinsleden knokt om te overleven.  Ki Taek(Kang-ho Song), de vader doet dat met telkens op niets uitdraaiende zakelijke ondernemingen. De sportcarrière van de moeder (Sun-kyun Lee) is al vroeg gestrand, dochter Yeon (Yeo-jeong Jo) en zoon Ki Woo (Woo-sik Choi) lopen vast op de universiteit.

Het gezin Park bestaat ook uit vier personen, maar leiden een riant leven. Vader Gung Se (Myeong-hoon Park) verdient als manager in de IT, geld als water. Dat levert hem en zijn gezin, met vrouw, zoon en dochter, bijna een spiegel van de arme Parks's, een riante modernistisch stadvilla op, inclusief  tuin met gazon, een huishoudster en een  chauffeur.

De Park's en de Kim's zijn qua inkomen en leefstijl het ultieme contrast. Normaal gesproken zouden ze elkaar niet snel tegenkomen, daarvoor liggen hun levens in verschillende klassen en buurten van de maatschappij te ver uit elkaar. 

Dat verandert als een medestudent van  Ki Woo zijn bijbaantje als huiswerkleraar aan Ki aanbiedt. Dat bijbaantje bestaat uit het geven van bijlessen aan de dochter van de Park’s. Als Ki het baantje krijgt, ruikt hij de kans om niet alleen zichzelf maar ook zijn familie te helpen en stelt zijn zus voor aan de Park's als begaafd therapeute voor het wat lastige zoontje van de Park's en zo raken, onder regie van Ki Woo, stap voor stap de verschillende families steeds meer verknoopt.

Filmregisseur Bong-Joon Ho -wiens zevende film het is- noemt het zelf een tragikomedie. Dat is het, evenals een allegorie voor arm en rijk in 21e eeuwse kapitalistische tijden.Haast niemand heeft honger, iedereen overleeft aanvankelijk,  maar de manier waarop mensen overleven verschilt heel erg tussen rijk en arm. 

Armoede en rijkdom zijn thema van talloze films en verhalen, maar in de normatieve kant van 'Parasite' als tragikomische- zedenschets ligt niet de kracht van de film . Die zit hem veel meer in de precizie waarmee de infiltratie van het ene in het andere milieualles plaats vindt, precies zowel in het verhaal dat door de film verteld, als in de manier waarop het geensceneerd is in heel zorgvuldig gemaakte shots en decors.

Het scenario heeft een zelfde soort nauwkeurigheid waarin alles in elkaar grijpt. Als vader Kim op een bepaald moment goedmoedig over de Park’s zegt ‘They’re rich but still nice’, merkt zijn vrouw op ‘They’re nice because they’re rich’.  

De Kim's vouwe pizzadozen Foto Filmdepot

De langgerekte finale van de film is een verhaal op zich. Het geeft de film een plotseling onverwachte twist die je doet afvragen hoe het zover heeft kunnen komen en daarvoor moet je de film opnieuw zien. Die finale heeft zeker bijgedragen hebben aan het succes. Maar daarvoor zijn meer verklaringen:

Naast het talent van Bong Joon Ho als regisseur en diens miniteuze voorbereidingen voor de casting, de sets , de regie van de film, is er de professionaliteit van de Koreaanse cinema. Heel zorgvuldige planning dacht ook Bero Beyer.         

    Hye-jin Jang als mevrouw Park Foto Filmdepot   

Een boeiende discussie rond de film ‘Parasite’ vond plaats op de pagina's van de NRC tussen de filmcritici Coen Van Zwol en Peter de Bruijn. De Bruijn vond ‘Parasite’ een film zonder ziel -dat is het ook voor zover de film niet echt diep in de karakters duikt of waarin het gezichtpunt van de camera grotendeels gelijk valt met dat van Ki-Woo de zoon van het armere gezin Kim. Van Zwol vond het een messscherpe komedie. Hij noemt het prijzend een unieke 'mix van sociale satire, klucht en thriller'. Zijn genre benoeming als klucht en satire maakt een ziel minder belangrijk, immers satire heeft niet als hoofdzaak het uitdiepen van karakter, maar het uitvergroten van de trekken die de satiricus uitkomen om zijn doel te bereiken of het nu aan de kaak stellen van misstanden of het relativeren van bijvoorbeeld met macht beklede personen is. Dat laatste is ook precies wat De Bruijn de film verwijt: heel knap gemaakt maar alles staat nogal doorzichtig in dienst van het concept. De maker - de Bruijn noemt hem poppenspeler - blijft nadrukkelijk zichtbaar.

Maakt niet uit vindt Van Zwol: de film laat vlijmscherp de stand van zaken in de huidige wereld zien: de sociale kloof verdiept zich maar het zijn niet meer de werkers die tegenover de kapitalisten staan zoals aan het begin van vorige eeuw, nu is iedereen kapitalist. 'Dus zien ook de armen zichzelf als parasieten die onderling vechten om de kruimeltjes. En sluit de enige revolutionair zichzelf berouwvol op in het cachot'. (Die laatste zin heeft u vast te goed voor de ontknoping van de film).

Van Zwol heeft gelijk, de sociale satire in Parasite snijdt hout. De Bruijn heeft ook gelijk: alles staat in ‘Parasite’ in dienst van het concept, dat overal doorheen schemert.

Hoor de ‘auteur’ van de film, Bong Joon Ho zelf over een typische scene van de film spreken

Wifi ontvangst op de WC Foto Filmdepot

Zie ook:

Lees meer over:

Film Parasite
Deel dit bericht met je vrienden!

De toekomst is vandaag, de geschiedenis wordt morgen geschreven