zondag 28 februari 2021

webZine over stad, cultuur
en wereld

Smit: ‘Ik was 't groentje van de set'

17 december 2012 (Ronald Glasbergen)

In deze vierde aflevering van de serie interviews over de speelfilm ‘Het Bombardement’, die gaat over Mei 1940 in Rotterdam, een vraaggesprek met volkszanger Jan Smit. Het interview vindt plaats in Hotel New York in Rotterdam Zuid.

Het gaat over de voorbereiding op zijn rol, waar behalve acteren ook boksen deel van uit maakte.

Over hoe hij zich als Volendammer een beeld vormde van de impact die het bombardement gehad heeft op de stad Rotterdam. Over Smit’s aarzeling om de rol te accepteren: het aanbod vond hij eervol genoeg, maar Jan Smit in de hoofdrol van een oorlogsfilm?

Hoe ben je betrokken geraakt ?
Ik werd benaderd door Ate [de Jong], de regisseur. Hij kwam bij ons op kantoor. Eigenlijk niet met de vraag, maar met het gegeven dat hij ‘Het Bombardement’ ging maken, met mij in de hoofdrol. Dus ik had eigenlijk weinig keus.

En wat was je motivatie? Je bent al een beroemd zanger!
Ja, hij zocht een volksjongen type Jan Smit. Na lang gesteggel was het: waarom vragen we niet Jan Smit zelf?

Je hebt een script te lezen gekregen?
Eerst hebben we het toch afgewimpeld omdat ik zoiets had van: zit daar überhaupt iemand op te wachten, Jan Smit de zanger, die een hoofdrol speelt in een oorlogsfilm? Ik had daar zo mijn twijfels bij. Later kwam het script en toen bleek toch wel dat het een heel mooi verhaal was. Een liefdesverhaal dat zich afspeelt rond het bombardement. Toen vond ik het een kans die ik eigenlijk niet mocht laten liggen. Het is ook een enorme eer als dit soort mensen naar je toe komt. En eigenlijk kan je er wel van uitgaan dat je het dan gaat doen. Als ze zeggen dat je de gedroomde hoofdrolspeler bent wie ben ik dan om te weigeren?

Wat trok je aan in het verhaal?
Nou allereerst het boksen, laat ik dat niet vergeten. Ate had tegen me gezegd, je bent voor negentig procent geschikt voor de rol, die andere tien procent is het boksen. Waarop ik zoiets had van: ,,dan ga ik laten zien dat ik dat ook kan.’’ Ik ben meteen de volgende dag aan de slag gegaan met trainen. Dat sprak me enorm aan. Ik heb een carrière van vijftien jaar achter de rug als zanger en vond het een hele mooie uitdaging om is een zijstap te maken naar iets dat ik niet ken. Dus los van de vraag of ik kon acteren - ja of nee - was het zo eervol dat ik het wel moest doen. En als je later aan je kinderen kan laten zien: ,,Papa heeft nog in de film gespeeld. Kijk eens.” Zo’n film is, ongeacht wat het gaat doen natuurlijk een hele belevenis.

Wat is je rol?
Ik ben Vincent de Graaf, dat is de hoofdrolspeler. Vincent wordt verliefd op een Duits meisje. Dat ligt in die tijd nogal lastig.

Je hebt moeten leren boksen…
Ik heb nooit gebokst. Ik had nog nooit iemand geslagen, tot in deze film dan. Ik ben acht maanden in training gegaan bij Joop Kasteel [speelt Schloss in de film], wereldkampioen Free Fight en die heeft me klaargestoomd. Het is heel intens. Ik vond het heel zwaar in het begin. Je hele houding verandert erdoor. Je wordt heel zeker. Ik ben me er beter door gaan voelen.

Hoe belangrijk was het voor je rol?
Ik wilde heel graag een geloofwaardige bokser neerzetten. Kijk, het komt een paar keer voor in de film dat er een gevecht plaatsvindt. Dan wil je het ook graag goed laten zien. Dus we hebben echt vanaf het eerste moment het doel gehad het zo te laten lijken. Dus de techniek, de techniek is wel degelijk ja …

Heb je naast bokslessen ook acteerlessen gevolgd of ben je ervoor gecoacht?
Ja, ik ben gecoacht door mijn medespelers, door de acteurs en actrices om me heen. Die hadden allemaal hun eigen ervaring uit het toneel of van tv-series. Ik was het groentje van de set. Zij hebben me enorm geholpen.

Wat heeft een Volendammer met het bombardement van Rotterdam? Volendam lijkt hiervandaan heel ver weg?
Het eindigt ook op Dam… . [lacht] Nee, ik speel allereerst geen Rotterdammer. Daar was in het begin al wat consternatie over. Jan Smit als Rotterdammer is nooit de bedoeling geweest. Ik ben [in de film] Vincent die op zoek is naar werk in Rotterdam en die uiteindelijk ook werk vindt. Zoals er in die tijd heel veel mensen naar de stad trokken om werk te vinden. Wat trok me aan? [Jan Smit praat snel, maar nu aarzelt hij even].
Het is natuurlijk een heel intens verhaal. Ate de Jong maakte de vergelijking met de Nieuwjaarsbrand bij ons in Volendam. Dat is natuurlijk helemaal niet vergelijkbaar, maar je kan wel de impact vergelijken die het op een gemeenschap heeft. Voor zo’n grote stad als Rotterdam en omstreken was het bombardement iets waar mensen nu nog steeds over praten. Zo heeft bij ons ook de cafébrand, waarbij veertien doden vielen, in het dorp nog steeds zijn naweeën. Dat litteken blijft. Dat is wel een grote overeenkomst denk ik.

Heb je je zo een voorstelling gemaakt van dat bombardement?
Aye…, we zochten naar allerlei gebeurtenissen - ook uit mijn eigen leven - om emoties op te rakelen van een bepaalde kant van Vincent. Die heeft zijn moeder verloren bij een brand, doordat hij een sigaret rookte in bed.
Zijn broer is daarbij door zijn schuld verminkt. Wat dat betreft was die [café-] brand wel een aanknopingspunt. Ik ben daar gelukkig niet bij geweest maar ik ben daarbij, tien jaar geleden, wel vier klasgenoten kwijtgeraakt. Dus het is wel iets waar je je in kan verdiepen, waar je het uit terug kan halen.

Die brand in Volendam is tamelijk recent. Voor de meeste mensen zal het bombardement voor hun geboorte gebeurd zijn…
Natuurlijk, het bombardement ken je alleen van de geschiedenisles op school. En je ziet wel eens documentaires of filmpjes. Voor deze film heb ik het nodige gelezen en gezien. Maar wat weet je er over het algemeen nou van? Niks.

In Rotterdam leeft het sterk, ook omdat de hele binnenstad nieuw gebouwd is…
Uiteraard, dat gaat op voor de Rotterdammers en de mensen die hier komen en die hier wonen, die mensen kennen die het hebben meegemaakt. Maar ik denk dat het bij de jeugd… . Ja, je weet dat het gebeurd is, dat het plaatsgevonden heeft, maar van de rest weet je vrij weinig.

En dan je hoofdberoep. Je bent zanger. Zing je in de film?
Ik zing niet voluit, ik neurie wel . Het zou ook gek zijn als ik in deze film zou zingen, want dan wordt het wel heel erg Jan Smit.

De titelsong?
De titelsong heb ik wel gedaan, maar die zing ik niet in de film. Het thema hoor je wel steeds terug komen. Maar de titelsong hoor je als de titelrol verschijnt, als het afgelopen is.


De vorige drie interviews, met respectievelijk Gerard Cox, Mike Weerts en Ate de Jong, zijn de afgelopen dagen (vanaf woensdag 12 december) hier verschenen. Het laatste interview in deze reeks over 'Het Bombardement' (van Rotterdam) is met Roos van Erkel en verschijnt woensdag 19 december, een dag voor de filmpremière.

 

Deel dit bericht met je vrienden!