zaterdag 8 mei 2021

webZine over stad, cultuur
en wereld

Rotterdam draagt locaties windmolens aan voor regionale opgave

5 april 2017 (de redactie)

Onderstaand persbericht van de Gemeente Rotterdam in zake de 5 jaar geleden gemaakte afspraken van het Rijk en de provincies om, uiterlijk in 2020, voor 6.000 megawatt aan windenergie op te wekken spreekt van 150 megawatt voor de regio Rotterdam.

Uitgaande van een gemiddeld vermogen van 3 megawatt voor een op land geplaatste molen, betekent dit dus 50 stuks erbij in deze regio.

Dit los van de 100 stuks in het havengebied en 75 stuks op Goeree-Overflakkee, vlak ten zuiden van Rotterdam. Al met al een forse concentratie van windmolens in de regio Rotterdam en omgeving op het totaal van 250 stuks in de gehele provincie Zuid-Holland.

Het Rotterdamse college heeft de provincie Zuid-Holland vier locaties aangedragen voor de plaatsing van windturbines. Naar aanleiding van het in augustus 2016 verschenen conceptplan, heeft de gemeente samen met de voormalige stadsregio Rotterdam in kaart gebracht waar en hoeveel windmolens kunnen worden geplaatst. Tien nieuwe locaties werden onderzocht, acht ervan sneuvelden al eerder. Twee locaties waren al in studie. In totaal resteren er dus vier locaties met de mogelijkheid voor acht windturbines in totaal, waar het college een positief advies op afgeeft.

Voor potentiele locaties op Rotterdams grondgebied gaat om het Beneluxplein in Rotterdam-Hoogvliet (1 turbine), de Charloissepoort in Zuid (1 turbine), de Verlengde Nieuwe Waterweg in Hoek van Holland (2 turbines) en Landtong Rozenburg (4 turbines). Rotterdam spreekt zich ook uit over de eventuele plaatsingslocaties in buurgemeenten. Het college is van mening dat het Distripark in de gemeente Albrandswaard, Hartel Oost in Nissewaard en de Stormpolder in Krimpen aan den IJssel kunnen voldoen als plekken voor windmolens.

“Rotterdam gaat voor een duurzame samenleving, maar het is van belang dat er bij windenergie zorgvuldig wordt gekeken naar de geschiktheid van de locaties. Belangrijk in dit kader is dat toekomstige windturbines op voldoende afstand van kwetsbare objecten worden geplaatst en niet conflicteren met belangrijke recreatieve of economische ontwikkelingen”, laat wethouder Pex Langenberg (duurzaamheid) weten.

De taakstelling is om regionaal te komen tot 150 Megawatt aan extra windvermogen in 2020. Alle gemeenten moeten gezamenlijk komen tot de regionale taakstelling: lukt dit niet dan is de provincie als bevoegd gezag in staat om gebieden aan te wijzen waar alsnog windturbines moeten verrijzen. Gezien de grootte van de gemeente is berekend dat Rotterdam circa zeven turbines moet leveren om een gelijkwaardig aandeel te leveren in de regionale taakstelling.

De provincie Zuid-Holland behandelt alle ingebrachte zienswijzen in de periode mei-juli. Na de zomervakantie wordt er een voorstel gestuurd naar de Provinciale Staten. In het najaar van 2017 wordt er een definitief besluit genomen. Op dat moment staat vast op welke locaties er windturbines komen er hoeveel dat er zijn.

 

Deel dit bericht met je vrienden!