maandag 25 oktober 2021

webMagazine over stad, cultuur
en wereld

Rechten & Plichten 13 over huwelijk

29 augustus 2015 (de Redactie)
Vragenrubriek voor lezers over uitkeringen, consumentenzaken, rechten (zoals erfrecht), belastingen en andere financiële zaken. Vanwege uw privacy worden de vragen en antwoorden anoniem behandeld. Onze ingeschakelde deskundigen proberen u zo spoedig mogelijk een persoonlijk antwoord te geven. Stuur uw vraag naar Hans Roodenburg.

Omdat Rotterdam en Den Haag elkaar niet bijten, staat deze rubriek ook in De Oud-Hagenaar.
Tot 31 december 2014 stond Rechten & Plichten ook in De Oud-Rotterdammer.




Samenlevingskwesties


Neef en nicht mogen huwelijk aangaan

Ik heb altijd gedacht, dat familie niet met elkaar mag trouwen. Nu heb ik kennissen die inmiddels al elf jaar gehuwd door het leven gaan, maar wel 100 procent neef en nicht zijn. Hun vaders waren broers. De ene is de zoon, de ander de dochter. Er is voor dit huwelijk niets bijzonders ondernomen zoals speciale toestemming van de overheid of iets dergelijks. Het geheel komt mij vreemd voor. Wat is uw mening?

Een broer en een zus mogen inderdaad vanwege het bloedverwantschap in de eerste lijn niet met elkaar trouwen of een geregistreerd partnerschap aangaan, neef en nicht wél. Het bloedverwantschap geldt voor ouders en kinderen, grootouders en kleinkinderen en broers en zusters. Als broer en zus door adoptie familie van elkaar zijn kan de minister van Justitie het verbod opheffen. Een huwelijk tussen neef en nicht en een huwelijk tussen zwager en schoonzus zijn dus niet verboden.


Consumentenzaken

Onterechte rekening op z’n beloop gelaten

Begin van dit jaar op een zaterdagmorgen, had mijn buurman een storing aan zijn centrale verwarming. Hij belde een installatiebedrijf. Na enig heen-en-weer vragen kreeg hij te horen dat een monteur over enkele dagen zou kunnen langskomen.
Dat zou betekenen een weekend in de kou. Hij raadpleegde mij en samen hebben wij een lekke leiding gerepareerd, waarna de verwarming weer aan kon. Mijn buurman heeft het installatiebedrijf gebeld om te laten weten dat zij niet meer hoefden te komen.
Enige tijd later ontving mijn buurman echter wel een rekening van €350, daarna gevolgd door dreigbrieven. Bij terugkomst van vakantie vorige week, bleek dat deze zaak voor het kantongerecht was geweest, waarbij mijn buurman bij verstek was veroordeeld tot in totaal €900.
Hoewel ik als buurman voor alles en iedereen wil getuigen dat wij die reparatie samen hebben gedaan vraag ik, gedreven door het onrecht, wat we hiertegen nog kunnen doen?


In deze kwestie zijn een paar dingen kennelijk behoorlijk fout gegaan, enerzijds door uw buurman en anderzijds door het installatiebedrijf. Het installatiebedrijf heeft afgaande op uw verhaal ten onrechte een rekening gestuurd.
Toen uw buurman daarop niet betaalde is het bedrijf een incassoprocedure gestart. Uw buurman had echter toen de rekening binnenkwam rechtstreeks schriftelijk zijn bezwaarschrift met redenen omkleed (tijdstippen van de telefoontjes) moeten insturen.
Vervolgens heeft hij een oproep gehad om voor de kantonrechter te komen en heeft hij die genegeerd. Op deze rechtszitting had hij alsnog zijn argumenten kunnen aanvoeren. Hij heeft zich hierdoor aardig in de nesten gewerkt en kan de rechterlijke beslissing alleen nog maar in hoger beroep, met alle juridische kosten van dien, proberen ongedaan te maken.
Het lijkt ons het beste dat uw buurman met het installatiebedrijf tot een schikking komt.


AOW en pensioen

AOW gekort voor Surinamer

Ik ben bij de onafhankelijkheid van Suriname in 1975 naar Nederland gekomen. Nu ik binnenkort 65 jaar en drie maanden word, blijk ik te worden gekort op mijn AOW-uitkering omdat ik niet mijn hele leven in Nederland heb gewoond. Dat vind ik vreemd! Want Suriname was vóór 1975 toch een onderdeel van het Nederlandse koninkrijk?

Dat laatste is juist, maar voor het verzekerd zijn van de totale AOW geldt dat u in Nederland zelf (het grondgebied in Europa dus!) heeft moeten wonen. Voor elk jaar dat men tussen zijn 15de en 65ste jaar niet in Nederland heeft gewoond en men zich niet vrijwillig heeft bijverzekerd, wordt de AOW-uitkering met 2 procent gekort.
Voor Surinamers die bij de onafhankelijkheid naar Nederland zijn gekomen en die dit jaar 65 jaar en drie maanden worden, betekent dat inderdaad dat hun AOW-uitkering wordt gekort. Volgens onze berekening is dat bij u ongeveer 20 procent. Heeft u geen andere inkomsten, dan kunt u bij sociale dienst van uw gemeente een aanvulling aanvragen tot het sociaal minimum.


Sociale voorzieningen

Gevolgen voor huurtoeslag door inwonen zoon

Mijn broer logeert tijdelijk bij mijn moeder omdat hij midden in een echtscheiding zit. Door grote financiële problemen kan hij op dit moment geen eigen woonruimte huren. Onze moeder van 71 jaar heeft AOW en huurtoeslag. Van haar inwonende zoon ontvangt zij geen geld of vergoeding. Het is de bedoeling dat zij hem tijdelijk onderdak verschaft. Hoelang mag zij haar zoon deze gastvrijheid geven zonder dat zij in problemen komt met haar alleenstaande AOW en huurtoeslag?

Voor de AOW van uw moeder heeft het inwonen van haar zoon geen gevolgen. Zij houdt de alleenstaande AOW want ze woont weliswaar thans (tijdelijk?) samen maar haar zoon is een bloedverwant in de eerste graad (ouder en kind) en telt als zodanig niet mee bij de bepaling of er sprake is van een gezamenlijke huishouding. Voor haar huurtoeslag heeft het inwonen van de zoon waarschijnlijk wel gevolgen, zeker als het langer duurt dan zes maanden. Hij wordt dan beschouwd als medebewoner en daarom zal bij de bepaling van de huurtoeslag van de moeder het inkomen van hem worden betrokken. Zij moet met een wijzigingsformulier de situatie opgeven.

Deel dit bericht met je vrienden!