vrijdag 27 mei 2022

webZine over Stad, Cultuur
en Wereld

'Poëziecel' als afscheid van Jana Beranová

31 december 2010 (Jim Postma)

Op de valreep van haar afscheid als stadsdichter van Rotterdam heeft Jana Beranová voor een prachtig ‘geschenk’ gezorgd in de vorm van een gedichten-telefooncel voor de Centrale Bibliotheek.

Van haar zijn daar acht stadsgedichten gratis te beluisteren in de zogenaamde ‘Poëziecel’.

Het gaat om nog een ouderwetse meer dan manshoge telefooncel die inmiddels al lang uit het straatbeeld zijn verdwenen. Jana Beranová kwam in het afgelopen jaar toevallig in Den Haag met de Poëziecel in contact in het Theater aan het Spui.

Die stond daar min of meer in de weg en of de Rotterdamse stadsdichter er niet een ‘goede bestemming aan kon geven?’ Een dag later wist zij de directie van de Centrale Bibliotheek er van te overtuigen dat er geen betere plek voor was dan in het ‘hartje van onze eigen stad’.

Jana Beranová zegt daar zelf over: ,,In 2003 werd er een nieuwe manier om gedichten te beleven geïntroduceerd door de Stichting Gedichten in Bomen, onder het motto ‘dichter dan in je eigen oor kan een gedicht niet komen’. Tegen betaling van 50 cent kon je zo iedere dag naar een ander gedicht luisteren op de lijn 0909gedicht. Deze gedichtenlijn is inmiddels om financiële redenen ter ziele, maar heeft als afsluiting nog de ouderwets telefooncel kunnen bemachtigen. Daarna werkte ik geregeld voor Gedichten in Bomen en voor de Gedichtenlijn.’’

De Poëziecel die nu dus dank zij de stadsdichter in Rotterdam staat blijft eigendom van de stichting en is nu voor onbepaalde tijd in bruikleen geschonken aan de Centrale Bibliotheek. De acht gedichten van Beranová zijn geschreven tijdens haar Stadsdichterschap in 2009 en 2010. De titels waaruit kan worden gekozen zijn: ‘De rivier stroomt naar zee/ 14 mei 1940/ Muren/ Meisje van Maandag/ Dichters zijn bouwvakkers/ The Red Apple/ Tulpen op het graf en Klare Taal’. (www.stadsdichter.rotterdam.nl).

De eerste reacties heeft Jana Beranová op haar ‘afscheidsgeschenk’ aan de bibliotheek al gehad. Zij zegt: ,,Toen ik gisteren de nieuwe ansichtkaarten met mijn stadsgedichten ophaalde, zag ik een man staan in de Poëziecel. Ik stevende op hem af. De kwam naar buiten en ik vroeg: ‘Hoe vindt u dat?’ Hij antwoordde: ‘Heel leuk. Maar ik ben erg verbaasd. Ik kom hier bijna dagelijks langs en heb die hele telefooncel nog niet opgemerkt.’

Ik legde uit dat die er pas stond en vroeg hem wat hij had gehoord. De man zei: ‘De rivier stroomt naar zee. Goed hoor, vooral dat mes! Dat is ook zo in Praag en in Boedapest, de rivier snijdt de stad doormidden. Een goeie helft en een minder goeie.’’

Op 27 januari volgend jaar neemt Jana Beranová officieel afscheid als stadsdichter van Rotterdam in de Theaterbibliotheek. Op deze zelfde dag zal worden bekend gemaakt wie haar gaat opvolgen.

 

Deel dit bericht met je vrienden!