woensdag 15 juli 2020

webZine over stad, cultuur
en wereld

Pers is niet vrij van (lichte) corruptie

28 april 2014 (door Hans Roodenburg)

Wijlen Martin Bril was enigszins corrupt – hijzelf vond van niet - door in zijn column voor De Volkskrant positief te schrijven over bepaalde betaalde diensten aan hem, onder meer over het automerk Volvo. Het Bureau Integriteitsbevordering Openbare Sector (BIOS) merkt op dat bijna een kwart van de Nederlandse ambtenaren praktijken bij collega’s signaleert die niet door de beugel kunnen.
Hoewel we het laatste niet kunnen extrapoleren, zou misschien een zelfde percentage misstanden kunnen gelden onder de 12.000 ambtenaren in Rotterdam en nog duizenden in omliggende gemeenten.

Ervaring

Waar we wel enigszins ervaring mee hebben is de – meestal minder zware – corruptie onder de als onafhankelijke geesten bekend staande journalisten van Rotterdam. Voor sommigen onder ons durven wij onze handen niet in het vuur te steken.
Ikzelf verschuil me achter een uitspraak van een collega vroeger: ,,Het heeft pas zin als journalist corrupt te worden als je in één keer een grote slag kan slaan.’’ Met andere woorden: je moet wel in één keer rijk kunnen worden om daarna direct uit het beroep te stappen.
Meestal blijven gratis diensten, geschenken, reizen en andere aanbiedingen aan journalisten beperkt tot het doel om een positief verhaal te krijgen in een dagblad, huis-aan-huis-krant of andere onafhankelijke media. Het is aan de journalist om te beoordelen of er positief of negatief (komt ook voor) over geschreven wordt.
De middelzware pogingen tot omkoperij - zoals die met wijlen Martin Bril – komt zelden aan het licht. Laat staan de ware corruptie van journalisten: een positief verhaal om er zelf beter van te worden of uit zelfbeveiliging na chantage.

 

Reisje
Niemand zal er moeite mee hebben dat een journalist een cd, game, boek, reisje, diner, consumpties in de kroeg of andere douceurtjes aanneemt om daarover een artikel te maken. Soms kan het wel te ver gaan. Zo heb ik zelf in de jaren ’70 en ’80 als financieel-economisch redacteur van Het Vrije Volk diverse wereldreizen gemaakt op kosten van Nederlandse multinationals (met name Shell, Unilever en Philips). Dat paste toen in het tijdsbeeld van de onafhankelijke geachte pers.
Alle met het doel om wat van hun activiteiten buiten Nederland te laten zien om lastige vragen daarover tijdens de jaarlijkse persconferentie van de financiële cijfers te voorkomen. Er hoefde per seniet over geschreven te worden. Sommigen – iedereen van landelijke kranten tot aan beleggersbladen ging op de uitnodiging in – deden dat niet. Of dat uit luiheid was of een vreemd soort teken van onafhankelijkheid (ga anders niet mee) weet ik niet.
Er waren natuurlijk altijd wel - vooral leuke – zaken om een reportage over te maken. Soms zelfs écht nieuws. Het is nu vrijwel onbestaanbaar en terecht verwerpelijk dat Nederlandse multinationals dit soort groepsreizen op hun kosten aan onafhankelijke journalisten aanbieden.

‘Inpakken’
Een financiële redacteur van De Volkskrant meende een keer tijdens een Shell-reis naar Australië een verhaal te moeten maken over de collega’s van andere kranten die zich lieten ‘inpakken’ door de Nederlandse multinational. Het vreemde daarvan was dat hij tijdens de reis van al het fêteren zelf gebruik maakte. Opgegroeid in de financieel-economische pers in die jaren vond ik het zelf ‘normaal’ dat je uitgenodigd werd.
Erger vond ik soms het gedrag van de financiële collega’s zelf. In de trein terug na eenpersconferentie van Akzo in Arnhem in de jaren ’70 vertelde mij een redacteur van een landelijk vooraanstaande krant dat hij (en volgens hem andere ervaren collega’s) altijd op basis van het embargo van soms een week van het jaarverslag (in die tijd stonden daarin zelfs de nog niet gepubliceerde jaarcijfers) aan het speculeren sloeg op de aandelenbeurs. Ikzelf had daar nooit bij stil gestaan (had ook geen geld daarvoor) en beschouwde het als een dienst van de multinational om alle pers gelijk te behandelen.

Recensie-exemplaren
Komt thans het paaien van journalisten nog voor? Natuurlijk worden nog gratis recensie-exemplaren beschikbaar gesteld voor boeken, cd’s en computerapparatuur en voor tribuneplaatsen bij bijvoorbeeld voetbalwedstrijden. Maar dat valt onder de noemer dat de journalist zijn werk goed kan doen. Hoewel de media deze douceurtjeszelf zouden kunnen betalen om geheel onafhankelijk een recensie of verhaal te kunnen maken.
Een stap verder zijn de gratis persreizen (voor reisbijlages), auto-, sport- en bedrijfsreportages. Ze bestaan volgens mij nog steeds. Misschien een oud voorbeeld. Ik heb meegemaakt dat een collega door Nissan Japan werd uitgenodigd om hun fabrieken te bezichtigen. Bij aankomst op het vliegveld van Tokio kreeg hij de sleutels overhandigd van een gloednieuwe Nissan (destijds erg in opkomst in Nederland) om in een groep naar het luxueuze hotel te rijden. Ieder kreeg een schone dame mee als begeleidster...

Op de corruptieindex van 2012 neemt Nederland een 9e plaats in. België staat 16e in de index van minst corrupte landen.

Dit verhaal zou niet compleet zijn als ik niet een mini-enquête zou houden onder mijn naaste collega’s (van nu en vroeger) of zij bereid zijn hun uitwassen te onthullen. De onthullingen gaan niet verder dan iets meer dan het aannemen van boeken en cd’s. Ze varieerden van het soms ongevraagd opsturen van luxe artikelen tot aan het mee kunnen nemen van mooie winkelspullen als de betreffende journalist (in dit geval freelance van een huis-aan-huiskrant in Rotterdam) daarop wees.

Computertijdperk
Een mooi voorbeeld was de opkomst van het computertijdperk. ,,Natuurlijk waren de meeste IT-journalisten te goeder trouw. Materialen eerlijk beoordelen, een oprecht stuk schrijven en de handel al dan niet terugsturen. Als ik de leveranciers uit die periode mag geloven bleef het grootste deel van de spullen toch wel in het bezit van de recensenten. IBM was in die periode vrijwel de enige die liet tekenen voor ontvangst en teruggave van een pc,’’ aldus een collega.
De toeristenbranche kon (en kan?) er ook wat van. ,,Een week voor de opening van vrijwel alle pretparken en dierentuinen stroomden deze vol met journalisten en hun verre familieleden om gratis een weekeinde door te brengen. Tien familieleden eten, drinken en slapen en 1 persoon moet een (half) uurtje op een persbijeenkomst aanwezig zijn om bijzonderheden over een nieuwe attractie te vernemen. Wel grappig toch?’’
Deze mini-enquête blijft steken in lichte gevallen van omkoperij en/of corruptie. Zwaardere gevallen zullen inderdaad zijn voorgekomen maar als collega’s daarin handig opereerden kwam niemand dat ooit te weten. En de ‘omkopers’ bleven natuurlijk zwijgen als het graf. Hoeveel procent van de onafhankelijke journalisten is werkelijk corrupt? De middelzware gevallen – zoals Martin Bril – niet meegerekend schat ik het op hooguit enkele procenten.

Sponsoring
Een probleem is wel dat – ook in Rotterdam- gratis journalistieke producten (huis-aan-huis-kranten en op internet) beschikbaar zijn. Die neigen steeds meer naar sponsoring, advertentiefuiken of zelfs zogenoemde ‘advertorials’. Het gevaar van omkoping of zelfs corruptie is dan iets groter. Mede omdat directies en hoofdredacties steeds meer commerciëler zijn gaan denken. In mijn redactionele tijden bij respectievelijk Het Rotterdams Parool (eind jaren ’60), Dagblad Scheepvaart (begin jaren ’70), Het Vrije Volk (1973-1991) en het Rotterdams Dagblad (1991-2005) waren redacties en andere (commerciële) afdelingen veel strikter gescheiden.

Ik heb op deze site ‘Vandaag&Morgen’ waar geld bij moet, nog geen omkoperij of zelfs maar kleine corruptie ontdekt. Het belangrijkste is dat de lezer dit goed in de gaten houdt. Overigens is er niks tegen gezonde betaalde advertenties. Maar daarvoor moet men een hoog (en uniek) bezoekersbereik hebben.
 

Deel dit bericht met je vrienden!

De toekomst is vandaag, de geschiedenis wordt morgen geschreven