woensdag 24 februari 2021

webZine over stad, cultuur
en wereld

NRC kiest ‘grachtengordel’

1 februari 2011 (Hans Roodenburg)

De teloorgang van (papieren) dagbladtitels is in de regio Rotterdam in de afgelopen ruim veertig jaar het grootst van Nederland – en misschien wel van heel Europa – geweest.

Nederland was na de Tweede Wereldoorlog krantenland bij uitstek.Dankzij de langzaam maar zeker toenemende welvaart, de groeiende informatiebehoefte en tot de jaren ’60 het gebrek aan het belangrijkste nieuwe naoorlogse medium de televisie – had elk huishouden wel een eigen dagelijkse krant. Vaak ook verbonden aan de zuil waartoe men behoorde.

 

In de regio Rotterdam waren er in de jaren ’60 nog negen titels met een redactie in Rotterdam: Het Vrije Volk, Algemeen Dagblad, Rotterdams Nieuwsblad, De Rotterdammer, Het Rotterdams(ch) Parool, Nieuwe Rotterdamsche Courant (NRC) en De Maasbode. Daarnaast waren de nog dagelijks te verschijnen vakkranten Dagblad Scheepvaart en de Handels- en Transport Courant. De laatste twee specialistische dagbladen voor het bedrijfsleven rolden in een oplage van enkele duizenden, gezet in ouderwets lood, in een snelheid van hooguit één krant per seconde van de loodzware naar olie stinkende persen.

 

Het krantenlandschap in Rotterdam is inmiddels op z’n kop gegooid. Er is nog één papieren editie over die zich uitsluitend op de regio richt: het AD Rotterdams Dagblad als onderdeel van het AD.

Een andere chique – en ook een kwalitatieve – landelijke krant, het NRC Handelsblad, heeft aangekondigd in 2012 met z’n hele hebben en houden naar Amsterdam te verhuizen.

Dat betekent dat vanaf dat moment er nog maar één papieren dagblad in Rotterdam redactioneel wordt samengesteld, namelijk de edities van het AD.

 

Wat weinigen weten is dat de verhuizing naar Amsterdam op de redactie van NRC Handelsblad tot behoorlijke discussies hebben geleid. Wij weten uit betrouwbare bronnen dat een minderheid van de redactie liever voor het centrum van Rotterdam had gekozen, maar dat de meerderheid het niet interesseerde of voor Amsterdam lobbyde. Voor directie (en Amsterdamse eigenaren) en hoofdredactie was de beslissing om naar Amsterdam te verhuizen daarna niet zo moeilijk meer.

 

We gaan ervan uit dat de hoge kwaliteit van de krant daardoor niet verandert. Maar mocht de Amsterdamse ‘grachtengordel’ (die ook al de tv-wereld beheerst) grotere invloed krijgen op de inhoud van het landelijke dagblad dan zal men nog in de papieren oplage (thans samen met NRC.next 286.000) van een koude kermis thuis komen.

In de NRC zelf is onder de kop ‘Rotterdam heeft geen krant meer’ aandacht besteed door de plaatselijke verslaggever Mark Hoogstad aan het vertrek uit Rotterdam. Enige kritiek daarop kwam in het artikel ook aan de orde. Schrijver en historicus Jan Oudenaarden, geboren en getogen Rotterdammer, overweegt zijn abonnement op te zeggen als de krant in Amsterdam wordt gemaakt.

 

Het zal met het aantal opzeggingen wel loslopen als ‘de NRC’ – zoals men nog steeds in Rotterdam zegt en niet ‘het NRC’ zoals in Amsterdam wordt gesteld – qua inhoud niet veel verandert.

Hoe het ook zij, begin juli gaat in Rotterdam een expositie in het Schielandhuis van start die als thema krijgt de teloorgang van krantentitels die in Rotterdam zijn gemaakt. Misschien krijgt NRC Handelsblad daarin ook een plaatsje.

 

Blijft dus in deze regio over het AD Rotterdams Dagblad (voortgekomen in 2005 uit het zelfstandig gemaakte Rotterdams Dagblad dat in 1991 weer is ontstaan uit Het Vrije Volk en het Rotterdams Nieuwsblad.

Over de kwaliteiten van deze betaalde krant verschillen de meningen. Vele Rotterdammers missen in de krant goede en kwalitatieve berichtgeving over de haven en maritieme zaken waarmee in het verleden vooral het Rotterdams Dagblad, het Rotterdams Nieuwsblad en Het Vrije Volk zich profileerde.

 

Cees de Keijzer, voorzitter van de World Ship Society Rotterdam Branch en die al vele jaren als bunkerexpert van het Havenbedrijf Rotterdam voorzitter van de International Bunker Conference was, houdt wat dat betreft journalistieke producties in Rotterdam goed in de gaten. In het AD stuitte hij op een bericht dat in de Rotterdamse haven in het afgelopen jaar minder is ‘gebunkerd’ dan in 2009. ‘In totaal gingen er 11,9 miljoen ton olie en kolen aan boord van de schepen die in Rotterdam afmeerde.’

Nog even los van de taalfout erin noemt Cees de Keijzer deze berichtgeving ‘lachwekkend’. Hij vraagt zich af ‘welke journalistieke onbenul’ dat nu weer beweert. ,,Ja, de bunker was in het stenen tijdperk de ruimte waar aan boord de kolen werden opgeslagen. Nu worden met bunkers de vloeibare scheepsbrandstoffen aangeduid.’’

 

 

Deel dit bericht met je vrienden!