woensdag 25 november 2020

webZine over stad, cultuur
en wereld

Tom Dumoulin winnaar Giro 2017 Foto Filip Bossuyt cc

Na de Tour, de Giro d’Italia 2020

3 oktober 2020 (door Ard Heuvelman)

3 oktober start, met een tijdrit van Monreale naar Palermo, de Giro d'Italia. Deze grote ronde van Italië duurt evenals de Tour de France drie weken. Wielercorrespondent en schrijver Ard Heuvelman vertelt ons met smaak en enthousiasme over de voorgeschiedenis van dit roemruchte wielerevenement dat met Tom Dumoulin in 2017 voor het eerst een Nederlandse winnaar zag. 

Trofeo senza fine

De bij ons minder bekende, maar bij de ware liefhebber en alle tifosi geroemde Giro d’Italia, die normaliter in mei had moeten worden verreden gaat op zaterdag 3 oktober van start. De Tour de France heeft boven alle verwachting het virus doorstaan en nu lijkt weinig meer de start van het Italiaanse wielerspektakel in de weg te staan. De Giro is bijna even oud als de Tour, de eerste editie vond al in 1909 plaats en ze is net als de Tour georganiseerd door een sportblad: het nog immer bestaande en op roze papier gedrukte La Gazzetta dello Sport.

Ook in 2020 zullen de renners strijden om de maglia rosa, de roze trui, en de enorme overwinningsbokaal, de trofeo senza fine. 

Drie uur 's nachts

In 1909 staan er 127 renners aan de start voor 2448 km, verdeeld over acht etappes: van Milaan naar Bologna (397km), Chieti (378km), Napels (243km), Rome (228km), Florence (346km), Genua (294km), Turijn (354km), en weer naar Milaan (206km). Het vertreksein wordt op 13 mei 1909 even voor drie uur ’s nachts gegeven onder enorme schijnwerpers en tussen duizenden toeschouwers op de Piazzale Loreto. De publieke belangstelling voor die eerste Giro groeit tijdens de laatste etappes in het noorden enorm en was in Turijn zelfs zo groot, dat de aankomstlijn tweemaal verlegd moest worden om de koers te redden. Op 30 mei arriveren 49 dapperen in Milaan waar Luigi Ganna van de Atalaploeg het eindklassement voor zich opeist.

Eerste ritten op Sicilië

In de beginjaren werden de zeer slechte wegen ten zuiden van Napels nog gemeden. Dit jaar vinden de eerste vier ritten op Sicilië plaats, waarbij de actieve vulkaan Etna wordt aangedaan. Aanvankelijk kende de Giro ook geen hooggebergte. Een uitzondering daarop vormde Sestriere (2035m) in de Piemonte. Dat was een van de weinige plekken in de bergen waar toentertijd een fatsoenlijke weg over liep. In 1911 en 1914 voerde de route over de Colle del Sestriere. In de eerste rit van Milaan naar Cuneo over maar liefst 420km kregen de renners te maken met zo’n hevige sneeuwval op de flanken van de Sestriere, dat ze te voet verder moesten. De ronde was zo zwaar dat uiteindelijk slechts acht deelnemers de wedstrijd uitreden. Het huidige Alto Adige -Trentino en Zuid-Tirol - was nog niet Italiaans. De grens met de Dubbelmonarchie Oostenrijk-Hongarije liep dwars door de bergen en was strijdtoneel in de Grote Oorlog.

Hoge bergen, vaak slecht weer: het kan de organisatie van de Giro dÍtalia niet spectaculair genoeg

Na 1918 behoorde Alto Adige tot Italië, maar de bergen verdwenen juist uit de Giro. De meeste bergwegen bleven lange tijd onbegaanbaar, al was het alleen maar vanwege de vele blindgangers uit de oorlog. Niet eerder dan in 1933 gingen de renners over de Passo del Tonale (1883m). Deze pas lag in de Eerste Wereldoorlog op de grens met het Habsburgse Rijk waar zwaar werd gevochten. In 1933 kende de Giro geen strijd van betekenis, hoewel voor het eerst om een bergklassement werd gestreden, waarvoor vier beklimmingen meetelden met de Tonale verreweg als zwaarste col. In 1936 pakte de Giro uit met iets nieuws: een klimtijdrit. Deze vond plaats op de Monte Terminilo (1894m) in Lazio, waar op aandringen van leider Mussolini in 1935 een nieuwe weg was aangelegd om het favoriete skigebied van de Romeinen beter bereikbaar te maken. In 1940 werd voor de eerste maal het Zuid-Tiroolse Sellamassief in de Dolomieten aangedaan met de Passo Pordoi en de Passo di Sella. De Pordoi (2239m) is voor de Giro wat de Tourmalet voor de Tour is, de helling die het vaakst genomen is en waar de strijd om de eindzege vaak is uitgevochten.

Passo di Gavia (2621 meter) Foto Ard Heuvelman

De fameuze hoge passen deden pas ver na de Tweede Wereldoorlog hun intrede in de Giro, met de Colle del Gran San Bernardo (2469m) in 1952, de Passo dello Stelvio (2758m) in 1953, de Passo di Gavia (2621m) in 1960 en de Colle dell’Agnello (2744m) in 1994. Omdat de wedstrijd in mei wordt verreden, verhinderen de weersomstandigheden nogal eens dat de bergen kunnen worden doorkruist. Meestal leidt dat tot inkorting of afgelasting van de rit, maar niet altijd. Zo geschiedde het in 1956 in de rit van Merano naar Trento dat het bijzonder koud was met harde regen en sneeuwbuien op de passen. Op de slotklim naar Monte Bondone woedde zelfs een sneeuwstorm. Renners zochten schuilplaatsen langs de route, sommigen vluchtten boerderijen in. Er waren ook nogal wat renners die de rit per auto voltooiden, maar de volgende dag toch weer gewoon van start gingen. Van de 89 renners bereikten er slechts 43 de top van de Bondone. Grote winnaar was de Luxemburgse ‘engel van de bergen’ Charly Gaul, die altijd bijzonder goed presteerde met slecht weer.  In 1965 was het weer op de Stelviopas spelbreker. De laatste honderden meters naar de finish waren onberijdbaar en de renners konden niet anders dan lopend door de sneeuw ploeteren. Dit jaar staan zowel de hoge Colle dell’Agnello op de Franse grens, als de Stelvio met zijn 48 haarspeldbochten op het programma, evenals de befaamde Monte Bondone bij Trento.

Pedro Delgado dacht dat hij hallucineerde toen hem in de afdaling coureurs tegemoet reden. Om weer wat op te warmen, klommen zij een stuk terug

De Gavia was in 1988 het toneel voor misschien wel de spectaculairste rit in de Giro ooit. In de etappe naar Bormio overvielen snijdende koude en sneeuwvlagen de renners in de beklimming van de Passo di Gavia. Johan van der Velde, die later de eretitel ‘l’uomo di Gavia’ kreeg toegekend, bereikte alleen vooruit de top. Hij had echter zijn beschermende kleding weggegooid om sneller te kunnen klimmen. In de afdaling in de sneeuw en de vrieskou kwam hem dat duur te staan. Zoals veel renners kroop hij in een passerende bestelwagen om pas drie kilometer voor Bormio weer op de fiets te stappen. De organisatie kneep beide ogen toe, net zoals in 1956. De renners konden hun remmen en versnellingen niet meer gebruiken vanwege vastgevroren onderdelen en bevroren vingers. Schakelen was onmogelijk en remmen kon alleen met de schoenzolen. Pedro Delgado dacht dat hij hallucineerde toen hem in de afdaling coureurs tegemoet reden. Om weer wat op te warmen  klommen zij een stuk terug. De sterkste man van de dag was zonder meer Erik Breukink. Voor de mythevorming helaas geen boerenknecht of een kleine gevleugelde klimmer maar de rank gebouwde zoon van de directeur van de Gazelle fietsenfabriek. 

Colle dell'Agnello (2744 meter) Foto Ard Heuvelman

Hoge bergen, vaak slecht weer, maar het kan de Giro-organisatie niet spectaculair genoeg. Sinds 1990 staat de Passo del Mortirolo in Lombardije af en toe op het menu, een van de steilste passen die in de Alpen te vinden is. En daarom getooid met een monument voor de ‘piraat’, de betreurde Marco Pantani, de kleine man met de flaporen, die het leven liet na schorsing, gevolgd door onstuimig drugsgebruik. Vaak wordt gereden over onverharde wegen, de beruchte ‘strade bianche’, of worden tijdritten verreden over bootbruggen dwars door Venetië of over de Ponte Vecchio in Florence.

Meest aansprekende rit dit jaar is die naar Sestriere, ongeveer gelijk aan misschien de beroemdste etappe uit de Giro ooit,  Cuneo-Pinerolo in 1949, waarin de grootste campionissimo afrekende met zijn rivalen. Hij zette een zeer lange solo door de bergen op touw, die via de radio verslagen werd door Mario Ferretti . Die begon zijn reportage met de gevleugelde woorden ‘un uomo solo al commando, la sua maglia è bianco-celeste, il suo nome è Fausto Coppi’ (één man alleen op kop, zijn trui is wit-hemelsblauw, zijn naam is Fausto Coppi).

Het wachten is dit jaar op een nieuwe vedette.

Zie ook:

Deel dit bericht met je vrienden!