donderdag 23 september 2021

weekZine over stad, cultuur
en wereld

Foto: Monument voor Jan Palach en Jan Zajíc op het Wenceslasplein voor het Nationaal Museum. (Fotograaf: Roger Veringmeier)

Jan Palach 50 jaar geleden

16 januari 2019 (Jana Beranová)

Op 16 januari 1969 stak Jan Palach, student geschiedenis aan de filosofische faculteit, zich in brand op het Wenceslasplein in Praag. Een halfjaar nadat de ‘Praagse lente’ door de landen van het Warschaupact in de kiem was gesmoord. Het was geen wanhoopsdaad. Palach was vastbesloten om de mensen wakker te schudden. Hij ging dan ook weloverwogen te werk. Nadat hij in de studentenmensa had gegeten, liep hij naar het postkantoor om de brieven met zijn eisen te posten; op één na die onmiddellijk na zijn zelfverbranding moest worden gelezen. Daarna kocht hij een witte kunststoffen emmer met deksel en liet die met benzine vullen.

Rond halfvier die donderdagmiddag zette hij zijn tas neer bij het fontein van het Nationale Museum, overgoot zich met de benzine en stak zich in brand. Op hetzelfde tijdstip vergaderde het Centraal Comité van de Communistische Partij.

Passanten dachten eerst dat er een auto in lichterlaaie stond, maar al snel zagen ze dat er een mens brandde, een levende fakkel die in de richting van het standbeeld van de heilige Wenceslas rende en even later neerzeeg. De tram, die toen nog langs het museum reed, stopte. Een man van het openbaar vervoer legde snel zijn pelsjas over hem heen, een ambulance reed hem naar de brandwondenkliniek. ‘Ik ben geen zelfmoordenaar,’zei Jan Palach onmiddellijk toen hij de kliniek werd binnengebracht. Met moeite, hij was voor 85% verbrand. Een bandje, later opgenomen met zijn stem, schokte iedereen die het hoorde. Drie dagen later stierf hij.

In zijn brieven stelde Palach toen twee concrete eisen – hij was geen dwaze idealist:

1. afschaffing van de censuur. Want is vrijheid van meningsuiting niet de meest essentiële voorwaarde voor alle andere vrijheden? 2. verbod op de verspreiding van het nieuwsbulletin van de bezetter.

Jan Palach wilde leven in overeenstemming met zijn geweten. Hij is een symbool van de ethiek die innerlijke vrijheid op de voorgrond stelt. Hij studeerde geschiedenis en maakte geschiedenis. Nu, vijftig jaar na zijn dood, zullen nieuwe generaties hopelijk ook door zijn kracht worden aangesproken. U kunt zijn graf op begraafplaats Olšany (Elzentuin) in Praag bezoeken. Eindelijk een mooie plek, na het onsmakelijke gesol met zijn stoffelijk overschot door het toenmalige regiem. En het ouderlijk huis in zijn geboortedorp Všetaty – aldus heeft de Tsjechische regering laten weten – zal worden ingericht als een permanent Jan-Palach- monument. Om niet te vergeten.

Plekje op Olšany
voor Jan Palach

Kale elzentakken flirten met grafzerken,
eenzaam als verstokte vrijgezellen. Winter-
licht valt op het plekje naakte aarde, niet
ver van de kerkhofmuur.

Ik ken zijn foto, de zachte jongenstrekken,
eenentwintig jaar, zijn toekomst legde hij
in de as (ofschoon geen zelfmoordenaar).

Ik weet de plek op het Wenceslasplein,
het vuur rende met hem mee, drong steeds
dieper in zijn huid. De oogleden weggebrand

doet zijn nacht voorgoed geen ogen dicht.

Met geheven vlam zweren kaarsen sindsdien
onze eed van trouw. Ook op dat plekje op
Olšany. Het is weer lente. En wat voor één.
De elzen kijken hun katjes uit.

 

Deel dit bericht met je vrienden!