maandag 6 april 2020

webZine over stad, cultuur
en wereld

In Rotterdam zijn meeste kinderen in bijstand

25 augustus 2016 (door de Redactie)

(Door Hans Roodenburg)

De gemeente Rotterdam voert landelijk een verkeerd lijstje aan: ongeveer 18 procent van de kinderen in 2015 tussen de nul en achttien jaar komt uit een gezin in een bijstandssituatie. Ofwel ruim 22.000. De steden Amsterdam, Heerlen en Groningen komen met 14 procent van de kinderen een stuk achter Rotterdam.


Overigens is dat niet zo verwonderlijk want Rotterdam heeft de grootste gemeenschap niet-westerse huishoudens (Marokkanen, Turken, enz.) die laag opgeleid zijn en in het tegenwoordige tijdperk snel in de bijstand komen. Scholing, opleiding, studie en ontwikkeling zijn dan ook de toverwoorden die wij voortdurend blijven herhalen.

Uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) blijkt dat er in heel Nederland in 2015 226.000 kinderen woonden in bijstandsgezinnen. Dat is een stijging van 1,3 procent ten opzichte van het jaar 2014. Dat komt doordat huishoudens kinderrijker zijn geworden want het aantal gezinnen mét bijstand is vrijwel hetzelfde gebleven.

De ontwikkeling is volgens het CBS toe te schrijven aan de toename van het aantal kinderen van Syrische herkomst waar de huishoudens gemiddeld genomen groter zijn. Van de Syrische bijstandsgezinnen met kinderen heeft landelijk 34 procent twee kinderen, 25 procent drie kinderen en 15 procent vier of meer kinderen.

Foto: Dit is een foto van het CBS op haar site en geeft een beeld van anonieme jongeren ergens in Nederland.

Mede dankzij Rotterdam heeft de provincie Zuid-Holland veruit het meeste aantal kinderen die in een bijstandsgezin wonen, namelijk bijna 65.000. En dat is bijna 29 procent van het totaal in Nederland.

De stad blijkt ook wel aanlokkelijk te zijn voor laagopgeleide en allochtone huishoudens. Mogelijk door de lage huren en dus wat minder kwalitatieve huizen. In de gemeenten in de omgeving van Rotterdam zijn verhoudingsgewijs véél minder kinderen die uit een bijstandsgezin komen. Vaak zelfs minder dan de helft van het percentage in de stad.

De grote vraag is wat de gemeente Rotterdam daaraan gaat doen. Er zijn mensen die menen dat het vroeg of laat vanzelf goed komt omdat de kinderen tegenwoordig alle mogelijkheden krijgen zich te ontwikkelen en hoger op te leiden.

Het heeft natuurlijk met de hoeveelheid banen in de regio Rotterdam te maken. En daarin zie je dat het aantal heel lage arbeidsplaatsen (ongeschoolden) enorm afneemt.

Dat is zeker in de haven – vroeger een plaats waar erg veel ongeschoolden, de zogenoemde ‘zakkendragers’ terecht konden – het geval. Voor een redelijke baan is minstens een mbo-opleiding nodig. Ook in de winkelsector worden steeds meer middelbare opleidingen gevraagd. En niet te vergeten services, gespreksmogelijkheden en uiterlijke kenmerken.

Er zijn steeds meer winkels die zeker door de autochtone bevolking wordt gemeden vanwege slordig uiterlijk, de taal niet spreken of zelfs omdat men niet door allochtonen wil worden bediend.

Tóch zal de gemeente Rotterdam een beleid moeten voeren om kinderen van voornamelijk asociale (autochtonen) ouders én allochtonen naar een hoger plan te tillen. Aan de ouders in de bijstandssituatie is niet zoveel meer te doen dan de strenge maatregelen die nu al gelden, zoals fraude tegengaan, geen enkel vermogen hebben, strafkortingen als men werk niet accepteert, enz.

De kinderen uit dit soort gezinnen zijn nog wel te beïnvloeden hoewel hun ouders vaak niet meewerken en het slechte voorbeeld geven. Laat staan dat sommige van deze kinderen in de criminele wereld terechtkomen of anderszins op het verkeerde pad gaan.

We zijn benieuwd wat de gemeente Rotterdam eraan gaat doen. Lapmiddelen helpen niet meer. Misschien toch iets van een strengere opvoeding waarin het onderwijzend personeel een grotere rol gaat spelen? Van hun ouders in bijstand is vaak niet zoveel te verwachten want die gaan in de Nederlandse of islamitische trend mee.

Ik heb zelf als kind al geleerd dat ouderen over het algemeen gezag hadden. Laat staan je eigen ouders. Helaas is dat nu heel anders geworden! Een kind weet verdomd goed welke oudere wél is te vertrouwen en welke niet.

Het probleem is echter dat de politieke partijen daarover, zeker in Rotterdam, nogal van mening verschillen. De een vindt bijstandsuitkering niet hoog genoeg, de ander denkt nog in individualisme en persoonlijke vrijheden (privacy) en de derde wil een hardere (wettelijke) aanpak. De laatste politieke partijen (Leefbaar Rotterdam, CDA en D66) zitten in het college van burgemeester en wethouders. Normen en waarden moeten er zijn! Maar zij kunnen geen ijzer met handen breken. Op onderdelen zijn zij ook nogal verschillend van invalshoek.

Deel dit bericht met je vrienden!

De toekomst is vandaag, de geschiedenis wordt morgen geschreven

Vandaag&Morgen is een uitgave van Stichting Third Road. Steun onze verslaggeving op NL55 INGB 0009 2593 29 t.n.v. Stichting Third Road