vrijdag 7 mei 2021

webZine over stad, cultuur
en wereld

Cartoonist Djanko heeft nog een ‘tweede antenne’ . Foto...

In gesprek met cartoonist en songwriter Djanko

13 februari 2021 (Martin Reekers)

Een artikel in het AD/Rotterdams Dagblad trok onze aandacht. Er stond dat Djanko, pseudoniem voor Herman Jan Couwenberg, onlangs is gestopt als vaste cartoonist bij die krant. Opmerkelijk want hij was vele jaren voor de krant actief. In hetzelfde artikel was te lezen dat Djanko een CD  met als titel ‘To Do’ heeft uitgebracht, uitgevoerd door gelegenheidsformatie ‘Blue Heroes’. Voldoende aanleiding om in gesprek te gaan met Djanko, een oude bekende want hij tekende ooit ook voor Rotterdam Vandaag & Morgen in de tijd dat de krant nog op papier verscheen.  

De geboorte van een cartoonist

Herman Jan heeft met enige moeite zijn weg in het leven gezocht. Op zijn 20ste , nog tijdens zijn studie Rechten, kreeg hij een chronische ziekte waar hij tot op de dag van vandaag last van heeft en die vooral zijn fysieke energie aantast. Cartoontekenen, dat bij toeval op zijn pad kwam bleek het geluk bij een ongeluk omdat het precies het soort werk is dat goed paste bij zijn fysieke ongemak. 

Cartoon Djanko

Herman Jan: ‘Ik was in mijn jeugd  helemaal geen tekenaar. Ik tekende wel eens, maar het was niet mijn ding. Humor wel. Ik maakte tijdens mijn studie al grappige liedjes voor het studentencabaret. Ik wilde wel cabaretier worden maar dat lukte qua gezondheid niet. Na mijn studie kon ik door mijn ziekte vrijwel niks. Ik schreef wel mappen vol met grappige dialogen. Radiopresentator Roland Vonk, die destijds boven mij woonde, kwam op een gegeven moment met boeken van de Vlaamse cartoonist Kamagurka aan. Ik zag dat Kamagurka simpele tekeningen maakte en dacht als ik bij mijn dialogen gezichtjes teken, dan heb ik een stripje. Zo is het geleidelijk aan begonnen. Het was ook Roland Vonk, die in die periode voor het Vrije Volk werkte, die mij tipte over een proefmaand die de krant had georganiseerd om nieuw illustratief tekentalent op te sporen. Ik heb toen een maand lang samen met zo’n twintig andere jonge mensen dagelijks een proefkrant gemaakt, naast de gewone krant. Elke dag kregen wij nieuwsberichten om illustraties bij te maken. Na die maand werd ik samen met nog iemand uitgekozen. Achteraf hoorde ik dat ik opviel door het snel en to-the-point maken van grapjes. Er werd wel opgemerkt dat ik niet kon tekenen maar iemand zei toen dat ik dat tekenen nog wel zou leren. Daarmee kreeg ik een contract aangeboden door hoofdredacteur Geert Jan Laan. Ik ging meteen het diepe in met zes keer per week een cartoon over actuele dingen. Het was een geschenk uit de hemel. Ik ben er nog steeds dankbaar voor. Ik heb er zelf hard aan gewerkt maar ik heb ook een kans gekregen. Soms heb je even iemand nodig die zich sterk voor je maakt zoals diegene die zei: dat tekenen leert hij nog wel. Geweldig. Terugkijkend kun je zeggen dat het eerste jaar gewoon een betaalde cursus cartoontekenen was. In dat eerste jaar maakte ik soms dingen waar ik nu heel kritisch op zou zijn, maar door het elke dag te doen word je, zoals eigenlijk in elk vak, beter’.

Cartoon VPRO-Gids Djanko 

‘Sindsdien heb ik eigenlijk altijd werk gehad als tekenaar zonder dat ik acquireerde. Fantastisch! Iemand vroeg me om mee te doen aan het Rotterdamse stripblad ‘Zone 5300’ en dat deed ik natuurlijk. Ik ben de enige tekenaar die er al vanaf het begin elk nummer in staat en dat is al bijna 30 jaar. Op een gegeven moment belde iemand van de VPRO-Gids, die dat blad gezien had en die zoiets zocht als wat ik maakte. Dus heb ik een jaar of zes voor de VPRO-gids getekend. Zo, via via, kwam ik aan veel opdrachten voor bladen. Ik kan van dit werk leven en dat is mijn grootste zegen en succes.

Het AD/Rotterdams Dagblad is nu met mij gestopt. Online is de toekomst en daar pasten volgens hen geen cartoons bij. Het kwam onverwacht en het was even slikken. Het is jammer maar ik heb nog een aantal bladen en ik ben ook Stand-up cartoonist geworden. Ik werk voor een trainingsbureau dat aan allerlei bedrijven trainingen geeft en ik teken dan live waar zij tijdens trainingssessies over spreken. Daar heb ik veel werk aan gehad de afgelopen jaren en nog steeds. Ik kom soms bij bedrijven waar ik helemaal niets mee heb en waar ze Engels spreken en ik moet dan toch maar meteen snappen waar het over gaat en dat ook nog vertalen in een grapje. Ik ben notulist in tekeningen.  Het is een vorm van intelligentie. Ik kan heel snel snappen wat er ergens speelt en waar de spanning zit van het probleem waar ze het over hebben en vervolgens die spanning vertalen naar een speels plaatje. Dat is mijn grootste talent. Het geheim van een goede cartoon is dat je het meteen hoppekee grappig vindt. Als ik kijk naar de gemene deler van mijn werk dan is die dat ik grote dingen probeer klein te maken door die te vertalen naar hoe het onderwerp gewone mensen beïnvloedt’.

Facebookfriends Djanko 

De songwriter dient zich aan

Je ziet het wel vaker. Kunstenaars die meerdere disciplines beoefenen. Ron Wood is bijvoorbeeld naast gitarist van The Rolling Stones ook kunstschilder. Ook Djanko blijkt naast cartoonist voor songwriting een ‘tweede antenne’ te hebben, zoals hij dat zelf noemt. Nu ligt zijn CD ‘To Do’ er met twaalf stukken van zijn hand, uitgevoerd door een band professionele muzikanten. Het ligt wellicht voor de hand aan te nemen dat hij grappige cabareteske liedjes schrijft, maar dat is niet het geval. Zijn huidige repertoire bestaat vooral uit melodieuze, goed gearrangeerde popmuziek. Popmuziek van het soort waardoor hij al sinds zijn tienertijd geïnspireerd raakte. Vanaf het moment dat hij een eigen radiootje had, bracht hij al zijn zakgeld naar Radio Modern om in ruil daarvoor zijn favoriete singletjes en Lp’s mee te verwerven. ‘She likes Weeds’ van T-set was zijn eerste aankoop. Sinds zijn studententijd maakt hij ook zelf popliedjes. Door de jaren heen schreef hij er honderden, naast nog eens honderden melodieën die hunkeren naar een passende tekst.

Rond 1990

Herman Jan: ‘Ik heb me nog niet vaak geprofileerd als liedjesschrijver. Ik heb zo’n 30 jaar geleden bij een programma van Roland Vonk samen met Frank Jan Kat elke week een actueel lied gemaakt. Roland interviewde iemand en vertelde dan aan Frank Jan welke onderwerpen daarin voorkwamen. Frank Jan maakte dan binnen een dag de tekst en ik, ook in een dag, een melodie. Ik speelde het lied in op een cassettebandje en dat draaide Roland dan in de uitzending. Dat was mijn belangrijkste eerste stap in de wereld van songwriting. Toen Radio Rijnmond 10 jaar bestond heeft Roland een CD laten opnemen met 20 van die liedjes die werden uitgevoerd door artiesten uit Rijnmond,  zoals Het Groot Niet Te Vermijden, Joke Bruijs, Cock v.d. Palm. Geweldig. Het is een erg leuk CD-tje geworden.

Ik schrijf altijd eerst de melodie en die neem ik dan op. Soms zit er wel twintig jaar tussen voordat ik er een tekst op maak. Componeren is voor mij spelen, maar teksten schrijven is voor mij echt werken Puzzelend, met het woordenboek erbij zoeken naar een tekst die in de melodie past en het liefst ook nog ergens over gaat. Ik zie in mezelf meer een liedjesschrijver dan een zanger omdat ik vind dat mijn stem niet goed genoeg is. Sommige van mijn liedjes vind ik zo mooi dat die echt goed moeten klinken. Dan is de keus óf het zelf opnemen óf het anderen laten doen. Ik besloot mensen te gaan zoeken die echt goed zijn, professioneel opgeleide muzikanten, zangers en zangeressen. Dat is de band van zangeres Sophie Reekers geworden. Ik vind de stem van Sophie erg mooi. Deze CD is een soort visitekaartje voor mij als songwriter; een ei dat móést worden gelegd. Daarom is de titel van de CD ook ‘To Do’.

CD cover

Een blik op de toekomst

Herman Jan: ‘Ik vind het niet erg om langzaamaan wat minder te gaan werken. Als het wat rustiger is, is dat ook goed. Als het tekenen afneemt moet de muziek toenemen. Het liefste zou ik nog eens schrijven voor een zanger of zangeres die mijn liedjes brengt, waarbij die de liedjes promoot en niet ik.

Zelf uitvoerend artiest zijn ziet hij niet voor zich, al sluit hij niet uit dat hij zelf nog eens een enkel liedje opneemt. Hij ziet zichzelf meer als een ‘verzinner’ en niet als ‘performer’. Hij is meer de man achter de schermen.

Herman Jan: ‘Ik bemoei me het liefst op een afstandje met dingen via een tekengrapje of met liedjes die ik thuis verzin en waarmee anderen dan iets doen’.

De CD ‘To Do’ van Blue Heroes, een CD voor liefhebbers van melodieuze popmuziek met een zweempje jaren ’70, is te beluisteren op Spotify en Apple Music. Op You Tube heeft Djanko zijn cartoon- en songwritingtalent geïntegreerd in een tekenfilm bij de track ‘Sing a Love Song’

 ‘To Do’ de CD van Blue Heroes is te koop via www.djanko.nl

Zie ook deze column van Geert-Jan Laan

Zie ook:

Lees meer over:

cartoon journalistiek
Deel dit bericht met je vrienden!