maandag 18 oktober 2021

webMagazine over stad, cultuur
en wereld

Hoe middeleeuws is de Antwerpse haven nog?

24 augustus 2009 (de Redactie)
Natuurlijk hebben de Vlamingen gelijk met hun woede over het feit dat de Nederlandse regering de toezeggingen over het verder uitdiepen van de Westerschelde steeds voor zich uitschuift. Maar enige zelfreflectie zou in dit verband de Antwerpse en Vlaamse bestuurders ook sieren.

Hoe middeleeuws is de Antwerpse haven nog?Want hoe diep moet de Westerschelde over tien of twintig jaar zijn om de ook dan weer steeds grotere schepen door te kunnen laten varen tot Antwerpen zelf? In de tijd dat Rotterdam begon met de ontwikkeling van eerst de Europoort en later de twee Maasvlaktes gebeurde dat met als eenvoudige reden dat de grootste olie – en ertstankers aan de monding van de rivier geladen en gelost kunnen worden. Zij hoeven niet meer door varen naar wat toen de grootste massagoedhaven in Rotterdam, de Waalhaven, was. Er varen geen zeeschepen meer “aan Katendrecht voorbij”. Maar het was een visionair besluit.


Nu hebben de Vlamingen het wat dat betreft moeilijker. Aan de monding van de Westerschelde liggen de Nederlandse havens Terneuzen en Vlissingen.Er waren in die periode ook in Vlaanderen grootse plannen om Zeebrugge uit te bouwen tot een Belgische diepzeehaven. Wanneer ik mij goed herinner werden aan de universiteit van Leuven plannen ontwikkeld voor een overslagstation op de Noordzee, waar de mammoettankers hun ruwe olie hetzij in een pijplijn, hetzij in kleinere tankers konden pompen. Daar is maar heel weinig meer van vernomen.

In NRC Handelsblad van zaterdag 22 augustus las ik dat de Antwerpse havenarbeiders zich nog steeds enkele malen per dag moeten melden bij het zogenaamde “Kot”. De bazen kiezen daar de havenarbeiders die nodig hebben. Er gaat een bel. De chefs wijzen de mannen aan die ze kunnen gebruiken en de rest kan weer naar huis.

Dit systeem bestond heel vroeger ook in Rotterdam. Op 2 januari 1955 werd hier een einde aan gemaakt en traden de toen 6000 losse Rotterdamse havenarbeiders in dienst van de toenmalige werkgeversvereniging Scheepvaart Vereniging Zuid. Dat betekende dat voor het eerst ook het ontslagrecht van toepassing werd. Er werden vaste ploegen gevormd onder leiding van een botenbaas of een bootsman.

Dat ging overigens niet zonder slag of stoot. Vooral de anarchistische vakbond OVB onder leiding van Toon van den Berg en Leen van Os verzetten zich hier hevig tegen. Want het ook zijn voordelen. Je had geen vaste werkweek. Wanneer het mooi weer was en je wilde gaan vissen dan deed je dat.

Later werd deze havenpool ondergebracht bij de SHB, die met vallen en opstaan ruim 50 jaar heeft bestaan.
Misschien komt het in Rotterdam terug met de inzet van Z(elfstandigen) Z(onder) P(ersoneel), de zogenaamde ZZPers.
Maar voorlopig blijft het systeem van “ kiezen in het kot” in Antwerpen op mij toch behoorlijk middeleeuws overkomen.
Deel dit bericht met je vrienden!