dinsdag 4 augustus 2020

webZine over stad, cultuur
en wereld

Hans Sleutelaar in 2018 Foto Ronald G

Hans Sleutelaar 1935-2020

1 juli 2020 (door Ronald Glasbergen)

Het dichten begon serieus te worden ergens eind jaren vijftig. Hans Sleutelaar (1935) uit Rotterdam West achter de Beukelsdijk en Cornelis Bastiaan Vaandrager (1935-1992) uit Zuid, gingen naar verschillende middelbare scholen. Ze leren elkaar kennen door de schoolkranten waar ze voor schrijven. Ze lezen Homerus op school en Kerouac er buiten. Ze schrijven gedichten en doen eindexamen. Wim Brands (1978-2016) vraagt in 2015 aan Sleutelaar: ‘Wanneer schreef je je eerste gedicht?’ Sleutelaar antwoordt dat hij toen zestien was, het was voor een meisje. Brands vraagt of het een goed gedicht was . Tja, vindt de dichter met 64 jaar hindsight, te veel woorden hé, ‘Je moet weten wanneer je weg moet zijn uit een gedicht’.

Sleutelaar en Vaandrager werkten na de middelbare school beiden als copywriter in de reclame op hetzelfde bureau aan de Coolsingel. Dat werk sloot goed aan bij hun opvattingen van poëzie. De taal diende economische en doelgericht te zijn. Ze zetten zich af, tegen de Vijftigers, de dichtersgroep rond, Kouwenaar, Lucebert, Elburg en de Vlaming Claus, die neigen naar het surrealisme. Vaandrager en Sleutelaar moeten het als dichter hebben van de Rotterdamse werkelijkheid. Een stad die in die tijd met veel heigeweld bezig is zichzelf uit te vinden. Hij krijgt gedichten onder ogen van de Amerikaanse beatgeneratie, dichters als Creeley en Ferlinghetti.

Bij uitgeverij Donker gaf hij volgens overlevering, nog vòòr Gard Sivik, zijn eerste tijdschrift uit ‘ Proefschrift’ geheten waarin ook gedichten van hemzelf stonden.

In verschillende gedichten, schreef hij over het Rotterdam van zijn jeugd, een stad die verdwijnt in de tijd: ‘Vermiste stad’ (2005)

De stad rust op een tweede stad, verzonken in de zee van tijd.
Van eeuwen, levensdronken, zijn harde trekken nagebleven.
Hier huist een ras,
dat van zijn ruigheid nooit genas. 't Is ingeklonken. 

In de laatste twee regels wordt de stad, worden zijn oude inwoners, ongelofelijk goed getroffen. Het gedicht is kenmerkend bondig en kort, maar veel lyrischer dan de concrete poëzie waarmee hij en zijn vriend Vaandrager ooit begonnen. Die twee gaan eind jaren vijftig deel uitmaken van de redactie het van oorsprong Vlaamse tijdschrift ‘Gard Sivik’. Het redactiekantoor van Gard Sivik komt op de Rotterdamse Essenburgsingel te zitten, in het souterrain van het ouderlijk huis van Sleutelaar. Armando(1929-2018) en Hans Verhagen(1939-2020) komen erbij. Met zijn vieren (dichterskoosnaam: de bende van vier) maken ze Gard Sivik tot platform voor hun poëzie. Het waren dichters die een echt Rotterdams geluid hadden, zei Bas Kwakman toen nog directeur van Poetry International er eens over: het zijn woorden en beelden die je ook op de Rotterdamse straat meekrijgt.

Sleutelaar pendelde al een tijdje op en neer Amsterdam. Hij werkte daar bij het opinieblad de Haagse Post. In 1967 besloot hij er te gaan wonen. Armando en Verhagen die beiden voor hetzelfde blad werkten waren hem voorgegaan.

Met Armando schrijft Sleutelaar in 1967 het interviewboek ‘De SS'ers'. Over 'Nederlandse vrijwilligers in de Tweede Wereldoorlog’ luidde de subtitel eufemistisch. Het schrijven van dat boek ging, vertelde Sleutelaar, volgens 'Gard Sivik' principes: ‘isoleren en annexeren’ Fragmenten uit het gewone leven, in dit geval uit de verhalen van ex SS'ers, werden gefilterd door Sleutelaar en Armando en zo tot ‘eigen literatuur’ gemaakt.

Ook als er weinig tijd was ging het dichten door. Sleutelaar over het schrijven van een gedicht: ‘Het was er, of het was er niet. Als het moment daar is, ligt het klaar in je hoofd’.

Zo was het ook met:

'Wollt ihr die totale Poesie?'

Dit eenregelig gedicht schreef Hans Sleutelaar in 1965. Hij spreekt er een halve eeuw later zijn verbazing over uit dat die regel ‘zo lang is blijven hangen’. Maar zo gek is dat nog niet. Parafrase van de infame regel van Goebbels over de 'totale oorlog' in het Berlijnse Sportpalast, is het een regel die als een tram in de winter door rails krijst. Poëzie en Oorlog.

Hij bracht het bij de Haagse Post tot adjunct-hoofdredacteur. In die functie schrapte hij genadeloos overbodige woorden uit teksten. Hij werd befaamd als redacteur van Johnny van Doorn en Jan Cremer. Kent u de wet van schrijver Sleutelaar? Hij zegt dat je altijd de helft van de tekst moet schrappen. Vanwege het vele weglaten werd hij de zwijgende dichter genoemd. Ook op latere leeftijd spreekt hij Hij sprak vaak zoals hij schrijft: bondig en trefzeker. Hij werd redacteur van een uitgeverij. Hij had daarna zelf een kleine uitgeverij. Die heette ‘Handhaven’ zo vertelt zijn vriend Peter Bulthuis, met wetshandhavende instanties als opdrachtgever.

Hij verhuist samen met echtgenote Kristien, als ‘ambteloos pennenvoerder’, naar Frankrijk en later naar Thailand waar zijn zoon ook woont. Wegens een ernstige ziekte van Kristien keerden ze terug naar Nederland. Naar Rotterdam de stad waar hij dus in terugblik over schreef: ‘De stad rust op een tweede stad, verzonken in de zee van tijd’. ‘Sleutelaar bezit geheimzinnige grootheid’ zei collega 'Gard Sivik'-schrijver HansVerhagen eens over hem.

Zijn echtgenote Kristien overleed in Rotterdam, aan de gevolgen van haar ziekte. Haar broer, cameraman Stephan Warmenhoven wilde een documentairefilm over Hans Sleutelaar maken, de dichter stemde in. Dat werd ‘Sleutelaar is hier’. Een Rotterdamse aanrader. De film ging op het IFFR  van 2018 in première.

Zijn laatste jaren bracht Sleutelaar door in Zorgcentrum Atrium aam de Karel Doormanstraat. Zijn gezondheid ging gestaag achteruit. Hij ging nog even naar verpleeghuis Pniël, kwam weer terug in Atrium. Hij overleed daar donderdag 25 juni laat in de avond, in het bijzijn van een oude vriend en van zijn dochter. De poëzie blijft.

De uitvaart van Hans Sleutelaar in beperkte kring vindt plaats op vrijdag 3 juli.Meer over zijn poezie vindt u onder andere in dit In Memoriam op Vers Beton. Een recente film van Stephan Warmenhoven en Carel van Hees over Sleutelaar in Atrium is te zien op Open Rotterdam. Delen van bovenstaande tekst komt uit eigen eerdere publicaties van de schrijver van dit stuk.

Zie ook:

Lees meer over:

hans sleutelaar poezie
Deel dit bericht met je vrienden!

De toekomst is vandaag, de geschiedenis wordt morgen geschreven