woensdag 20 oktober 2021

webMagazine over stad, cultuur
en wereld

De vierde stand Afb. Giuseppe Pellizza da Volpedo 1901

Eerste Kamer neemt nieuwe wet inburgering aan

4 december 2020 (een van de redacteuren)

De Senaat stemde dinsdag 1 december unaniem in met de wet voor een nieuw inburgeringsstelsel. Op voorstel van minister Koolmees van Sociale Zaken en Werkgelegenheid leren nieuwkomers straks zo snel mogelijk de Nederlandse taal en gaan ze aan het werk. De bedoeling is dat de wet op 1 januari 2022 te laten ingaan. De Tweede Kamer nam op 2 juli de wet al aan. 

Unaniem aangenomen

Minister Koolmees: “Dat de senaat unaniem voor deze wet is, laat zien dat alle partijen het belangrijk vinden dat nieuwkomers zo snel mogelijk echt mee kunnen doen in onze samenleving.”

Het nieuwe inburgeringsstelsel

In het nieuwe stelsel geldt een hogere norm voor het taalniveau dan voorheen en combineren asielmigranten taallessen met (vrijwilligers)werk of stage. Met name jonge inburgeraars kunnen een andere route volgen: zij krijgen intensieve taallessen en volgen tegelijkertijd vakken als rekenen, Engels en leervaardigheden en studieloopbaanbegeleiding. Zij ronden dan in gemiddeld anderhalf jaar de inburgering af en stromen in het vervolgonderwijs in. Tot slot is er een kleine groep inburgeraars voor wie deze twee routes allebei niet haalbaar zijn. Zij gaan in het nieuwe stelsel meer tijd besteden aan het leren van de taal, zelfredzaamheid en participatie in de samenleving. Ook zij sluiten in het nieuwe stelsel hun inburgering af met een certificaat. In het nieuwe stelsel worden geen ontheffingen op basis van aantoonbaar geleverde inspanningen meer verleend.

Naast de taaltrajecten gaan alle inburgeraars actiever kennismaken met de lokale arbeidsmarkt. Ook komen ze meer en vaker in de praktijk in aanraking met Nederlandse kernwaarden zoals gelijkheid en vrijheid van meningsuiting.

Groter rol gemeenten

Gemeenten krijgen een belangrijke rol in het nieuwe stelsel: zij staan het dichtst bij de inburgeraars. Daardoor kunnen zij het maatwerk leveren dat nodig is. Ook gaan gemeenten de asielstatushouders die bijstand ontvangen ontzorgen. De gemeenten gaan voor deze groep de eerste zes maanden de huur, zorgverzekering en rekeningen voor gas, water en licht vanuit die bijstand betalen. Deze begeleiding moet zorgen voor rust en stabiliteit bij het begin van de inburgering. Hier staat tegenover dat inburgeraars die zich onvoldoende inzetten, vaker en sneller dan in het huidige stelsel te maken krijgen met sancties, zoals een boete.

Gezinsmigranten

Ook voor gezinsmigranten verandert er wat. Om hen beter bij de samenleving te betrekken en hen beter te ondersteunen, worden zij in de nieuwe situatie actiever begeleid door gemeenten. Wel blijven gezinsmigranten zelf hun taallessen en –examens betalen, waar nodig met een lening van DUO.

Huidige stelsel voldoet niet

Het huidige inburgeringsstelsel voldoet op een aantal punten niet. Veel inburgeraars doen er te lang over om in te burgeren. Daarnaast worden ze niet gestimuleerd om het hoogst mogelijke taalniveau te behalen.

Het bestaande systeem laat ook ruimte voor kwaadwillenden om bijvoorbeeld via het declaratiesysteem bij taallessen te frauderen. Dit systeem wordt afgeschaft. Straks worden de taallessen voor deze groep door de gemeenten betaald die met beproefde taalinstituten werkt.

Vertraging invoer wet

Aanvankelijk zou de wet op 1 juli 2021 ingaan. Dat bleek niet haalbaar. Daardoor wordt de groep inburgeraars die nog onder de huidige wet valt groter. Koolmees heeft in de Eerste Kamer toegezegd de gevolgen voor deze groep in kaart te brengen en met betrokken partijen zoals de gemeenten te overleggen over goede begeleiding van deze groep.

 

Zie ook:

Lees meer over:

migratie
Deel dit bericht met je vrienden!