woensdag 23 september 2020

webZine over stad, cultuur
en wereld

Een ketelbinkie in krantenland (4)

23 februari 2016 (door Geert-Jan Laan)

Toch naar Rotterdam

Geert-Jan Laan vertelt: Op de eenmanspost Delft kostte het steeds minder moeite de dagelijkse pagina in Het Vrije Volk, ook dankzij de stiekeme samenwerking met anderen, te vullen. Ik wilde eigenlijk wel eens naar de economische redactie maar daar zou de komende jaren nog geen plek zijn. In begin 1968 zag ik een advertentie in het blad De Journalist.

Het Rotterdams Parool, kopblad van het Amsterdamse Parool, zocht een economisch redacteur die zich ook met de Rotterdamse haven en scheepvaart moest bemoeien. De brief was snel geschreven. Het gesprek in Amsterdam met de Rotterdamse chef Frans van Nieuwenhuijze verliep goed en ik kon in Rotterdam beginnen.


Ik kreeg wel in antwoord op mijn ontslagbrief een brief van dezelfde hoofdreacteur die mij bijna drie jaar geleden op staande voet had willen ontslaan. Hij sprak zijn teleurstelling uit dat ik alvorens te vertrekken niet eerst contact met hem had genomen.

Het Rotterdams Parool zetelde aan de Westblaak waar op dat moment de aanleg van de metro in volle gang was. Het was een kleine redactie, zo'n twaalf tot vijftien redacteuren, die dagelijks twee Rotterdamse pagina's leverden. De kopij ging per telex naar het hoofdkantoor en drukkerij aan de Amsterdamse Wibautstraat.
Het Parool was in Amsterdam ook de grootste krant. Dat was in Rotterdam wel anders. De grootste krant was de Rotterdamse editie van Het Vrije Volk. Daarna kwamen Het Rotterdams Nieuwsblad en het Algemeen Dagblad. Het Rotterdams Parool had zo'n 15.000 abonnees.

De aanleg van de metro in Rotterdam was in volle gang.Het werken in zo'n beperkte groep heeft eigenlijk alleen maar voordelen. Het ziekteverzuim is bijna per definitie lager omdat iedereen weet dat wanneer je wegblijft iemand anders jouw klussen moet overnemen. Het was ook een vrolijke bedoening daar aan de Westblaak. Plaatsvervangend chef was raadscollumnist Han van der Meijden.
Een van zijn armen, ik dacht zijn rechter, was verlamd, maar met zijn andere arm en hand tikte hij sneller dan menig complete journalist kon schrijven. Je kon meemaken wanneer je 's morgens binnenkwam en hij de baas was, iedereen op zijn bureau zat of stond te telefoneren en Han langs zijn neus weg zei: ,,We hebben vandaag besloten de stoelen af te schaffen.”

Het was ook een bonte verzameling karakters. De razende reporter Theo de Jong. Kunstredacteur Frans Happel,sportverslaggevers Dick van de Polder en Hans Reisman, soms bijgestaan door de jeugdige leerling Jan D. Swart. Jan D. ontwikkelde zich tot een groot schnabbelaar die tot en met in de gelederen van Feyenoord aardig wat geld wist te verdienen. Het buitengebied werd gedaan door Jan Vroegindewei, die zich later Jan Maneij noemde.

Dan waren er nog de uit Zwolle afkomstige Jan Gerritsen, later NRC-redacteur en Peter Riemersma, later Haagse Courant. De scheepstijdingen, toen een verplicht nummer, werden gedaan door Hans Roodenburg. Zijn bijnaam was 'Bunder'. Later bij Het Vrije Volk en nu nog steeds een gewaardeerd medewerker van deze site.

Maar zowel in Amsterdam als in Rotterdam pakten onweerswolken zich boven zowel Het Parool als Het Vrije Volk samen. Maar voor dat zover was vroeg Het Vrije Volk mij zo snel mogelijk terug te komen.

 

 

 

 

 

Zie ook:

Lees meer over:

journalistiek
Deel dit bericht met je vrienden!