zondag 29 november 2020

webZine over stad, cultuur
en wereld

Digitale tijdperk is zegen voor iedereen

3 juni 2012 (door Hans Roodenburg)

De bevolking van een grote stad als Rotterdam is gemiddeld genomen veel jonger dan in de rest van het land.In Rotterdam is bijna 54 procent van de inwoners jonger dan 40 jaar.Aan te nemen valt dat het overgrote deel hiervan is meegegroeid met het digitale tijdperk.

Dat heeft in het algemeen voor een behoorlijke productiviteitsstijging in het bedrijfsleven gezorgd. In het bijzonder bij de media.Zelfs veruit de grootste bedrijfssector van Rotterdam, de haven, heeft daarbij veel baat gehad van de informatie- en automatiseringssystemen.

 

Telefoon

We gaan terug naar de beginjaren ’70. In journalistencafé De Schouw aan de Witte de Withstraat in Rotterdam, waar vele collega’s van ‘dé NRC’, Algemeen Dagblad en Het Vrije Volk aan de bar stonden of zaten, rinkelde in de namiddag of avond regelmatig de kroegtelefoon. Meteen riepen twee of drie collega’s ‘ik ben er niet’.

Vaak omdat ze wisten dat hun vrouw (jawel die deed nog veelal het huishouden) op zoek naar hen was. Legendarisch is het verhaal dat de barkeeper – inmiddels beu steeds maar weer dezelfde vrouw aan de telefoon te krijgen – de hoorn aan de innemende collega gaf. ,,Oh, ben jij het,’’ zei deze enigszins voorzichtig. Na een korte stilte: ,,Och, zet de aardappelen maar vast op. Wél één voor één.’’

 

Digitaal

Dat was ver voor het digitale tijdperk waarin door mobiele telefoon of smartphone thans iedereen vrijwel altijd bereikbaar of traceerbaar is. Toen maakten de journalisten hun stukjes, interviews en achtergrondverhalen nog op een ouderwetse schrijfmachine, de Remington!

De verwerking van de kopij duurde nog tweemaal zo lang. De laatste kopij moest je bij een avondkrant uiterlijk om 11.30 uur inleveren, terwijl het dagblad pas omstreeks 18.00 uur in de bus lag bij de abonnee. Ik zie nu in de avondkrant NRC Handelsblad soms nieuws staan dat om 13.30 uur is ‘vrij’ gegeven terwijl de avondeditie al in Rotterdam om 17.00 uur is bezorgd.

 

Productiviteitsstijging

Dankzij pc’s, smartphones en Ipads is er een enorme productiviteitsstijging in het journalistieke beroep gekomen. In de tijd dat collega’s nog volop in de namiddag in cafés of op terrassen in Rotterdam te vinden waren, was je met een stukje of een verhaal per dag een uitslover. Met research, onderzoek en met grote interviews waren sommige verslaggevers soms wel een week zoet.

We hebben het nu veel beter! Bronnen liggen voor het oprapen, publicaties zijn op internet razendsnel terug te vinden en interviews zijn doorwrocht geworden. De informatie ligt tegenwoordig letterlijk op straat.

Nadelen zijn er ook: een groeiend aantal communicatiedeskundigen, voorlichters en woordvoerders, ofwel – voor journalisten – ‘bootafhouders’. Ik herinner mij nog dat je als dagbladjournalist de burgemeester van Rotterdam of de topman van het toenmalige scheepsbouwconcern RSV heel snel aan de telefoon kon krijgen. Een tweede nadeel van de digitalisering is mijns inziens dat een deel van de media duidelijk op de populariteitstoer is gegaan.

 

Facebook

Columnist S. Montag (alias voor Henk Hofland die als jongeling nog het bombardement op Rotterdam heeft meegemaakt) – een van de oudste en actieve schrijvers van ons land – in zijn ‘Overpeinzingen’ (nummer 1662 in NRC Handelsblad) over de nieuwe generatiekloof: ,,Voeg je bij Facebook lees ik dagelijks in het scherm van mijn laptop. Ik moet er niet aan denken. Negen miljoen vrienden over de vloer. Ik kan mijn aantal vrienden op mijn vingers tellen. Dan heb ik nog een stuk of wat goede bekenden, aardige mensen en dat vind ik genoeg. Maar ik ben dan ook van de generatie van de kroontjespen.’’

De eigentijdse Google-topman Eric Schmidt vertelde het op de Universiteit van Boston nogal retorisch als volgt: ,,Wat is het eerste wat je doet als je opstaat? Je telefoon bekijken? Je laptop? Je e-mail lezen? Door de sociale netwerken gaan? Ik ben wakker, hier ben ik. Jij bent verbonden, jij bent online.’’

 

Vrienden

Vervolgens relativerend: ,,Het leven wordt niet gedeeld in de gloed van een beeldscherm. Het leven is geen serie van statusupdates. Het leven draait niet om het berekenen van het aantal vrienden – het draait om de vrienden op wie je kunt rekenen. Het leven gaat om van wie je houdt, hoe je leeft.’’

Niettemin is voor journalisten en anderen het – ongetwijfeld nog verder te ontwikkelen – digitale tijdperk een zegen geworden. Het enige minpuntje is dat je de collega’s nauwelijks meer in de kroeg tegenkomt voor roddels of gewoon sociale gezelligheid.

De vrije verslaggever in beginjaren ’70 van de aardappelen, die één voor één moesten worden opgezet, is overigens een paar jaar daarna gescheiden en leeft nu al lang en gelukkig heel rustig samen met zijn tweede echtgenote.

 

Of dat ook met het digitale tijdperk te maken heeft, weet ik niet. Wel dat ik nog in staat ben om op 67-jarige leeftijd dit soort stukjes te maken. De meeste van mijn vroegere collega’s, die met pensioen gingen, raakten hun ‘kroontjespen’ niet meer aan. Je hoort ook niets meer van hen, óók als zij niet zijn overleden.

 

 

 

 

Deel dit bericht met je vrienden!