donderdag 9 april 2020

webZine over stad, cultuur
en wereld

Boete Royal Caribbean teruggedraaid; scheepswerven opgelucht

26 maart 2020 (door Janny Kok)

De rechter oordeelt dat cruiserederij Royal Caribbean ten onrechte is beboet. Daardoor komen neuwe orders voor Nederlandse scheepswerven in zicht. 

De intentie van vakbonden en van de Inspectie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid leek zo nobel: De Amerikaanse cruiserederij Royal Caribbean had in 2014 onder anderen Aziaten en Zuid-Amerikanen bij de zogenoemde riding crew zonder tewerkstellingsvergunning renovatiewerkzaamheden in het passagiersgedeelte van het cruiseschip Oasis of the Seas laten uitvoeren, terwijl het schip bij Keppel Verolme (nu Damen) in het Botlekgebied in droogdok lag. De Wet arbeid vreemdelingen (Wav) was daardoor volgens de Inspectie SZW (ISZW) grof overtreden. De opgelegde boete was niet mis: 8.000 euro per overtreding, resulterend in een totaalbedrag van maar liefst 992.000 euro.

Sindsdien durven de internationale cruiserederijen Nederlandse scheepswerven geen orders meer te gunnen, waardoor deze Nederlandse bedrijven jaarlijks een omzet van 100 miljoen euro derven. Naar nu blijkt, mocht de Nederlandse Staat de rederij helemaal geen boete opleggen voor het werk dat de riding crew aan de Oasis of the Seas deed.

De uitspraak van de rechter biedt de Nederlandse scheepswerven en toeleveranciers weer zicht op orders. 

Publieke belangstelling bij het vertrek van de Oasis of the Seas naar het dok bij Keppel Verolme in 2014.

Het spreekt voor zich dat de advocaten Gerdien van der Voet en Pieter Huys van AKD van een mooie overwinning spreken na de uitspraak van de Rechtbank Den Haag. Deze heeft volgens de raadslieden in een goed onderbouwd vonnis de opgelegde boete vernietigd. Mr. Dr. Gerdien van der Voet meldt op LinkedIn: “Jammer dat vakbond FNV tegen beter weten in pleit voor een hoger beroep. Er was in casu helemaal geen sprake van verdringing op de arbeidsmarkt, anders waren er voor de contractors geen tewerkstellingsvergunningen afgegeven. Een hoger beroep daartegen zou de werkgelegenheid binnen het Nederlandse maritiem cluster juist ernstig in gevaar kunnen brengen. Niet doen dus Minister Koolmees! “

Ze verduidelijkt  desgevraagd de uitspraak van de rechter: “Voor burgers en bedrijven moet vooraf duidelijk uit de wet blijken wanneer zij in overtreding zullen zijn. Dit is een belangrijk beginsel van onze rechtstaat. In dit geval mocht de rederij er op grond van bestaande wet- en regelgeving van uitgaan dat zij niet verplicht was tewerkstellingsvergunningen voor de leden van haar riding crew aan te vragen. Meer in het bijzonder gaat het dan om de bestaande uitzondering op de verplichting tewerkstellingsvergunningen aan te vragen als het gaat vervoersmiddelen in het internationale verkeer, zoals opgenomen in artikel 1 lid 1 sub b van het Besluit uitvoering WAV. De tekst van deze bepaling (noch de toelichting daarop) zondert een internationaal varend cruiseschip dat tijdelijk in droogdok ligt van het begrip ‘vervoersmiddel in het internationale verkeer´ uit.”

Gerdien van der Voet tijdens haar inaugurele rede als hoogleraar bijzondere arbeidsverhoudingen aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Ze bekleed die positie niet meer.

Hoger beroep nagenoeg kansloos

De geïnteresseerde leek zou op basis hiervan al kunnen concluderen dat een hoger beroep weinig kans maakt. Een vermoeden dat de Nederlandse Staat ‘fout’ zat met de ten onrechte opgelegde boete, kwam in januari van dit jaar  al op tijdens het Deltalinqs Jaardiner. Daar zei Minister voor Milieu en Wonen Stientje van Veldhoven in haar toespraak voor de honderden disgenoten dat de internationale regelgeving voor scheepsbouw en scheepsreparatie ruimte biedt om buitenlands personeel in te zetten op een Nederlandse werf zonder dat tewerkstellingsvergunningen hoeven te worden aangevraagd: “Ook voor reparatie aan cruiseschepen. Tegelijkertijd willen we de Nederlandse arbeidsmarkt beschermen en een eerlijke, gezonde en veilige werkplek garanderen voor elke werknemer. De sector en overheid werken nu constructief samen aan de promotie van deze Nederlandse bedrijfstak.”

De woordvoerder van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat moest na het Deltalinqs Jaardiner bij zijn collega’s van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid navragen waar de uitspraak van Minister Van Veldhoven over ging. Wat blijkt? Het gaat over de regeling international handelsverkeer die per 1 juli 2017 in werking is getreden. “Deze leent zich goed voor projecten als die voor specifieke werkzaamheden aan boord van cruiseschepen in een dok”, aldus woordvoerder Roel Vincken desgevraagd. Hij verwijst vervolgens naar de Kamerbrief van 14 oktober 2019. Daarin staat een mogelijke oplossing voor het probleem van de tijdelijke inzet van buitenlands personeel van buiten de EU.

Zoveel is duidelijk: de Inspectie SZW en het Ministerie van SZW waaronder deze dienst valt, moeten de uitspraak van de Rechtbank Den Haag heel serieus nemen. Een ambtenaar van die Inspectie sprak na een eerste bezoek aan de Oasis of the Seas in 2014 in de media voor zijn beurt. Hij had het destijds over een mogelijke forse boete wegens het werken zonder geldige tewerkstellingsvergunningen en andere vermeende wantoestanden als schending van de Nederlandse Arbeidstijdenwet en de Nederlandse Wet op het minimumloon. De man keerde later in dezelfde week met een grotere groep inspecteurs terug op de zogenoemde ‘plaats van de misdaad’ met alle gevolgen van dien. Inmiddels blijken 5,5 jaar na dato al deze aantijgingen ongegrond.

De betrokken ministeries proberen nu potentiële buitenlandse opdrachtgevers te informeren over het feit dat ze voor hun werknemers geen tewerkstellingsvergunningen hoeven aan te vragen.  De vraag is of Royal Caribbean en andere buitenlandse rederijen in de verleiding komen om Nederlandse scheepswerven weer werk te gunnen. Daarvoor is van cruciaal belang dat vooraf duidelijkheid bestaat over de geldende regelgeving.  De uitspraak van de Rechtbank Den Haag geeft tenminste die duidelijkheid.

Deel dit bericht met je vrienden!

De toekomst is vandaag, de geschiedenis wordt morgen geschreven

Vandaag&Morgen is een uitgave van Stichting Third Road. Steun onze verslaggeving op NL55 INGB 0009 2593 29 t.n.v. Stichting Third Road