donderdag 2 april 2020

webZine over stad, cultuur
en wereld

Foto: Uitgever met boek (Foto © Rinus Vuik).

Bel ik u wakker?

25 januari 2017 (door Jana Beranová)

Op 24 januari 2017 is het precies tien jaar na de dood van de bizarre, obsessieve schrijver, uitvinder van vieze woorden, spitsvondige entertainer en goede stilist A. Moonen. Maar ook van een verlegen man die stierf – zeventig jaar oud – in verschrikkelijk lege eenzaamheid. (Foto: Tekening voor Jana, zie verder de tekst)

Wie was deze man, die tijdens literaire voorleessessies het publiek geregeld trakteerde op een eindeloos herhalend lied ‘Ik ken niemand, niemand kent mij’. Wie was deze man die midden in de nacht mensen opbelde om een urenlange monoloog af te steken: Bel ik u wakker, beste man?


Foto: Uitgever met boek (Foto © Rinus Vuik).

Moonen was manisch-depressief. Ik leerde hem kennen in zijn glorietijd, eind jaren tachtig van de vorige eeuw, toen hij in Rotterdam kwam wonen. Hij had een kat. Ik ook, of beter gezegd: ik had er vier. Toen Moonen, om een of andere reden, bij iemand buiten Rotterdam ging logeren, vroeg hij me of ik voor zijn kat kon zorgen. Bij zijn terugkomst stopte hij zijn televisie – hij wilde met die banale wereld niets meer te maken hebben en dat tiefusding deed het toch maar half – in de handen van Jim, die met mij meekwam om de kat in goede orde af te leveren. Zo raakten onze levens elkaar, voor een kortere tijd. In maart 1987 trad hij op in mijn buurt, de Agniesebuurt, in de Nachtshow tijdens een festival. Ik betwijfel of iedereen zijn seksueel getinte vocabulaire kon waarderen, maar zijn humor, zijn ongelooflijke spitsvondigheid die hij er telkens weer spontaan uitflapte, veroorzaakte dreunende lachsalvo’s. Net als zijn optreden in RUR bij Jan Lenferink.

Op 25 november in hetzelfde jaar zou het World Trade Center officieel worden geopend door Koningin Beatrix. Ik vatte het idee op een boekje te maken over die ranke toren. Een beurs was immers vanouds een ontmoetingsplaats voor iedereen die zich bezig hield met handel, muziek, beeld en woord. Mercurius is niet voor niets god van handel en dichtkunst..De toenmalige directeur Henk van Engelenburg vond het goed en had er een budget voor. Naast het bekende lied ‘De Rotterdamsche beurs’ van Koos Speenhoff, verzamelde ik nieuwe gedichten van tien Rotterdamse dichters, onder wie A. Moonen.

Wij mochten allemaal onze gedichten ten gehore brengen voor Hare Majesteit. A. Moonen zorgde onmiddellijk voor enige reuring bij de beveiliging toen hij als ‘warming up’ zijn gedicht ‘Fata Morgana’ koppelde aan fanatieke gymnastiekoefeningen. Hij zwaaide plots met zijn armen, sprong in de lucht en was niet te stoppen. Gelukkig kon ik het snel goedpraten zodat hij niet werd uitgezet. Een paar dagen later bracht hij me een tekening, met opdracht. Alle publiciteitgeilheid, alle zogenaamde vrouwonvriendelijkheid en wat dies nog meer zij, was verdwenen. Voor mij stond een lieve verlegen man, en hij gaf me een mooie prent.

Kijk maar.

Foto: Tekening van Moonen voor Jana, zie tekst (Foto © Rinus Vuik)

De biografie Bel ik u wakker, beste man?Het monisch-manische schrijversbestaan van A. Moonen werd door Wim Sanders bijeengebracht voor uitgeverij De Weideblik en onder grote belangstelling gepresenteerd afgelopen zondag in galerie van Hans Walgenbach Art & Books.

Het kost 17,95 euro.

Foto: Feestrede Albert Wulffers. (Foto © Rinus Vuik)

Om het fenomeen A. Moonen aan de vergetelheid te onttrekken werd ook nog een schitterende feestrede uitgesproken (in beperkte bijlage tevens te koop) onder de titel Een mooi colbert door beeldend kunstenaar Albert Wulffers. Over de jaren zeventig, toen Moonen in Den Haag woonde. Een aanrader.

Moonen is begraven door de Sociale dienst in Rotterdam. Er is een lege grafsteen. De uitgeverij zal proberen daar iets aan te doen.

 

 

Fotograaf: Rinus Vuik
Deel dit bericht met je vrienden!

De toekomst is vandaag, de geschiedenis wordt morgen geschreven

Vandaag&Morgen is een uitgave van Stichting Third Road. Steun onze verslaggeving op NL55 INGB 0009 2593 29 t.n.v. Stichting Third Road