zaterdag 11 juli 2020

webZine over stad, cultuur
en wereld

'24 City': de werkelijkheid als fictie

14 oktober 2016 (door Ronald Glasbergen)

De film ‘24 city’ van Jia Zhangke uit 2008 is een surreëel sprookje over de immense veranderingen die China en zijn inwoners ondergaan. Zo op het oog een uitgewogen maar fascinerende documentaire over een voormalig militaire fabriek in Chengdu, die plaats moet maken voor ‘24 City’: een megacomplex van luxe torenappartementen.

De film draaide in 2008 in de competitie van het filmfestival in Cannes. Om de film in China uit te brengen moest de filmer eerst met de censuur onderhandelen. Ongeveer twee minuten moeten eruit, waaronder merkwaardig genoeg in communistisch China, een stuk uitvoering van de Internationale.


Tien jaar eerder, nog op de filmschool in Beijing, maakte Jia Zhangke de speelfilm ‘Pickpocket/ Xiao Wu’. De film ging over een zakkenroller die te lang was blijven hangen in een weinig rooskleurig milieu. De hoofdrol werd gespeeld door klasgenoot en latere vaste Jia Zhangke acteur, Hongwei Wan. De titel en het onderwerp waren een hommage de grote Franse filmer Robert Bresson. De film bevat iconische passages en won internationaal enkele prijzen. Jia Zhangke werd vanwege de film door de Chinese filmautoriteiten op de zwarte lijst gezet. Dat betekende dat hij geen films mocht maken, geen filmmateriaal mocht huren en geen films mocht laten ontwikkelen.

De film ‘Pickpocket’ speelde in de mijnwerkersprovincie Shanxi, ver weg van de censuur in Beijing. Geholpen door het buitenlandse succes laat Zhangke zich niet stoppen. Deels met dezelfde crew en acteurs als van ‘Pickpocket’ ging Jia Zhangke naar zijn geboortestad Fenyang in Shanxi. Onder het mom van het maken van een commercial werkte hij aan de coming-of-age film ‘Platform’ over een groep jonge theatermakers. Nadat de film opgenomen was, werd hij door producent Chow Keung in het geheim naar Hong Kong gebracht om daar ontwikkeld en gemonteerd te worden. ‘Platform’ ging evenals ‘Pickpocket’ in het buitenland in première en kreeg meerdere prijzen. De films waren alleen buiten China te zien, evenals ‘’Unknown Pleasures’ de opvolger die Jia Zhangke in 2002 maakt.

Gele aarde
Twee beroemde voorlopers van Jia Zhangke zijn de aanvankelijk zeer door hem bewonderde grootmeesters Chen Kaige en Zhang Yimou. In vroege films lieten ze China zien als een land dat leed onder een feodaal systeem en later de Japanse bezetting. Hun latere films zoals ‘The Emperor and the Assassin’ (Kaige 1998) en ‘House of the Flying daggers’ (Yimou, 2004) tonen China zien als een fantastisch en gewelddadig sprookje.

Begin jaren negentig studeerde Jia Zhangke schilderen aan de academie van Taiyuan, hoofdstad van Shanxi. Daarnaast schreef hij aan een roman. In die tijd zag hij voor het eerst de film ‘Gele Aarde’ van Chen Kaige uit 1984. De film speelt in 1940 in de provincie Shanxi en gaat over een jonge Maoist die boerenliederen moet optekenen om te zien of ze gebruikt kunnen worden voor de revolutie. Maar het was niet het plot waar de jonge kunststudent van onder de indruk was. Door ‘Gele Aarde’ zo vertelt Zhangke later, wil hij naar de filmschool. De film leerde hem dat cinema op een heel specifieke unieke wijze over een bepaalde omgeving kan vertellen.

Na enkele malen afgewezen te zijn voor de Filmacademie in Beijing, slaagde JIa Zhangke erin via de achterdeur, als toehoorder, te worden toegelaten. Nog als student maakte hij dus in 1997 de film de hem op de zwarte lijst van de filmautoriteiten deed belanden, wat hem er niet van weerhield verder films te maken.

In 2003 versoepelde de Chinese autoriteiten hun beleid. Nog steeds moesten filmmakers vooraf een samenvatting overleggen en werden hun films achteraf gecensureerd, maar filmers als Jia Zhangke mochten vervolgens weer officieel films in China maken en het vertoningsbeleid werd versoepeld.

Terugblikkend over een intussen aanzienlijke rij speelfilms en documentaires, waarin zijn oog als schilder goed herkenbaar is, nemen de films ‘Still life’ (2006) en ’24 City’ (2008) een bijzondere plaats in. ‘Still Life’ speelt tegen de achtergrond van de bouw van de Drie klovendam in de rivier Yangtze Kiang, een project waarvoor een hele stad gesloopt moet worden en miljoenen mensen moeten verhuizen. Als in die omgeving een UFO voorbij komt of een gebouw als ruimteschip gelanceerd wordt, valt het nauwelijks op, zo legde de filmmaker in een gesprek over de film uit: de snel veranderende werkelijkheid in dit China lijkt alle andere zintuigelijke ervaring te overtreffen.

‘Still life’ viel in vruchtbare aarde. Het was de tweede film ooit uit de Volksrepubliek China die een Gouden Leeuw in Venetië won. De eerste was ‘Het Rode Korenveld’ van Zhang Yimou.

UFO’s
Ook in ‘24 city’ de film die twee jaar na ‘Still Life’ uitkomt is de achtergrond en voor buitenstaanders bizarre geschiedenis. In Fabriek 420 worden onder geheimhouding reparaties aan straaljagers verricht – de fabriek gaat onder de naam van een gewone machinefabriek door het leven. Politieke commissarissen zien toe op discretie en volledige toewijding van de arbeiders. Dan verandert begin jaren tachtig de productie volledig, de fabriek wordt geprivatiseerd en gaat zich toeleggen op wasmachines en koelkasten. De werkers leven als altijd in nabij gelegen woonkazernes, tot de eigenaren en autoriteiten besluiten dat de fabrieksgebouwen het veld moeten ruimen voor ’24 city’’ een kolossaal appartementen complex.

De film die Jia Zhangke hierover maakt, legt anders dan ‘Still Life’ veel meer de nadruk op mensen en wat ze te vertellen hebben over zichzelf en hun geschiedenis met de fabriek. Doorsneden met dichtregels van Yeats en picturale observaties. Hoe goed vaste Zhangke-cameraman Yu Lik Wai (1966) is, zie je als een voormalig fabrieksarbeider, Xihun, een oud collega opzoekt, die dement is. Feilloos registreert de camera van Yu Lik Wai de emotie van beiden.

Jia Zhangke gebruikt in zijn film , naast interviews – vijf échte en vier met acteurs geënsceneerde- ook portretten van mensen en fabrieksinterieurs. Die opgelegde mix van echt en geënsceneerd geeft de film mede spanning, een soort ambivalente spanning die je doet nadenken over wat film, -beeld, geluid, verhaal - kan zijn. Soms is dat volslagen fictie en volslagen werkelijkheid binnen één enkele shot of scene, of zoals op filmscholen altijd ter sprake komt: elke speelfilm is de documentaire van zijn eigen opnamen.

Jia Zhangke zelf ziet documentair en fictief materiaal als aanvulling van elkaar. Met fictie kan je dingen zeggen die in documentaire niet zichtbaar zijn en vice versa. Het gaat hem om het creëren van een atmosfeer die recht doet aan een waar verhaal.

Dat hij niet aangeeft in welke delen het om fictie en in welke het om documentaire gaat, kan alleen een probleem zijn als men gelooft dat documentaire per definitie een hogere aanspraak op de werkelijkheid zou hebben dan fictie. Wie daar wat bedachtzamer tegenaan kijkt zal vermoedelijk net als Zhangke tot de conclusie komen dat zowel speelfilm als documentaire in hun vermogen om uitspraken te doen over de werkelijkheid van geval tot geval bekeken moeten worden.

Intussen lijkt Jia steeds meer het grotere publiek op te zoeken, ‘24’ city was een stap in die richting evenals zijn laatste twee speelfilms, ‘Touch of Sin’ uit 2013 en ‘Mountains may depart’ (2015). Het zal erom spannen of het Jia Zhangke daarbij zal lukken, een kritische artistieke luis in de pels van het nog steeds allesdoordringend systeem te blijven.

’24 City’ van Jia Zhangke draait op zaterdag 15 oktober om 14 uur éénmalig in de Centrale Bibliotheek op de vierde verdieping. Entree is gratis. De film wordt ingeleid door Ronald Glasbergen.

 

Zie ook:

Lees meer over:

China Film Jia Zhangke
Deel dit bericht met je vrienden!

De toekomst is vandaag, de geschiedenis wordt morgen geschreven