vrijdag 18 september 2020

webZine over stad, cultuur
en wereld

(2) 12/13 mei; Rotterdam vecht terug

11 mei 2015 (door Geert-Jan Laan)

Na de aanvankelijke overrompeling in de vroege ochtend van vrijdag 10 mei waarbij de Duitse parachutisten en luchtlandingstroepen het vliegveld Waalhaven wisten te veroveren werden versterkingen door de Generale Staf naar Rotterdam gestuurd. Zo'n 3500 man kwamen extra aan.

 

Na bijgekomen te zijn van de lange voettocht werden zij door commandant Scharroo ingezet voor de verdediging van het Maasfront met als voornaamste doel de Duitse overtocht van de Willemsbrug te verhinderen.


Al voor het uitbreken van de oorlog had Scharroo, net als overigens de Rotterdamse commissaris van politie Enthoven krachtig gepleit voor luchtdoelartillerie in Rotterdam gezien de ervaringen in de zojuist bezette Scandinavische landen Denemarken en Noorwegen.
Daar wilden ze in Den Haag niets van weten. Rotterdam lag ver achter het front. De beschikbare luchtdoelartillerie werd vrijwel alleen, overigens met groot succes, ingezet om het regeringscentrum in Den Haag te beschermen.

Bommenwerpers
Op maandag 13 mei 1940 kregen ook de laatste twee bommenwerpers van de Militaire Luchtvaart de opdracht de Willemsbrug en de spoorbrug te bombarderen. Dat mislukte. Een aanval van dertig mariniers mislukte uiteindelijk ook. Maar de Duitsers die zich verschanst hadden in een gebouw op de rechter Maasoever stonden op een zeker moment klaar zich over te geven.
Direct na de capitulatie deden al verhalen de ronde dat de mariniers als leeuwen, met het mes tussen de tanden, op de brug hadden gevochten. Zij zouden zelfs in de Maas gevallen Duitsers zijn nagesprongen waarna het water rood kleurde. De werkelijkheid is dat zes mariniers zich, gedwongen door het hevige Duitse vuur, onder een brugplaat hebben verscholen. Toen het grote bombardement begon hebben zij zich aan een touw in de Maas laten zakken.
Twee wisten zwemmend de kant te bereiken. De overige vier zijn weer teruggekeerd in hun schuilplaats en zijn later door de Duitsers gearresteerd. Het kan worden vastgesteld dat de mariniers inderdaad heftig hebben gevochten. Maar dat gold ook voor de andere legeronderdelen die bij de directe gevechten waren betrokken.

 

 

 

Op het Noordereiland zaten inmiddels 13.000 inwoners als ratten in de val. Er was geen voedsel. Geen gas of elektriciteit. De Duitse commandant General-leutnant Kurt Student hield de bevolking in een soort gijzeling. Foto: Beeldbank RijkswaterstaatVerzet
Op het vliegveld Waalhaven was inmiddels General-leutnant Kurt Student geland. Het duurde niet lang of hij kreeg te horen dat het zeker niet – zoals verwacht - als een mes door de boter ging. Het verzet op de rechter Maasoever was onverwacht sterk gebleken. De Nederlanders hadden nu ook zwaardere wapens tot hun beschikking.
Daarbij kwam dat 's morgens om elf uur plotseling de vier overigens verouderde kanonnen van de Nederlandse 1e afdeling van het 10de Regiment Artillerie, die commandant Scharroo verdekt had laten opstellen in het Kralingse Bos/Kralingerhout, het Duitse vliegverkeer op Waalhaven zo goed als tot stilstand bracht.
Die kanonnen konden precies de Waalhaven bereiken. Ze gaven zogenaamd vertraagd vuur af. In de eerste drie minuten gingen precies 5 projectielen van 10 centimeter richting Waalhaven. Later werden het er drie per minuut.
Door het vertraagde vuur ontstonden op de landingsbaan van Waalhaven forse trechters waar de Duitse vliegtuigen niet of nauwelijks langs konden. Dat werd nog verergerd door een wel geslaagde luchtaanval van de Britse RAF waardoor het vliegveld vrijwel geheel onbruikbaar werd.
De Duitsers moesten zich voor de aanvoer van nieuwe troepen nu concentreren op de pantsertroepen via de Moerdijkbruggen en de bruggen bij Dordrecht.

In de val
Op het Noordereiland zaten inmiddels 13.000 inwoners als ratten in de val. Er was geen voedsel. Geen gas of elektriciteit. De Duitse commandant hield de bevolking in een soort gijzeling. Met toestemming van de Duitsers gingen een dominee en een kapelaan met een witte vlag de brug over. Een angstige tocht.
Onderweg passeerden ze de lijken van de gesneuvelde Nederlandse en Duitse soldaten. Garnizoenscommandant Scharroo had geen enkel begrip voor een burgerdelegatie die om capitulatie vroeg. De opdracht was standhouden tot elke prijs.
In een Duitse legerorder in de avond van de dertiende mei wordt gesteld: ,,Op de noordelijke vleugel van het westelijk front is de tegenstand van het Nederlandse leger sterker gebleken dan was verwacht.” 's Middags al was de opdracht van Hitler binnen gekomen: ,,Het verzet in Rotterdam moet met alle middelen worden gebroken. Wanneer dat nodig was de stad te dreigen met een totale vernietiging en indien nodig ook uit te voeren.

Daar kwam nog bij dat de Duitse luchtlandingstroepen rondom Den Haag ook in grote moeilijkheden waren gekomen. De ‘Blitzkrieg’ dreigde een ‘Sitzkrieg’ te worden.

Wat zou de dag van morgen brengen… (zie ook gisteren).

 

 

 

 

 

Deel dit bericht met je vrienden!