Inloggen Denk mee

Gabi Ngcobo - 'Carving a space for freedom'

05 september 2026 door Ronald Glasbergen
Gabi Ngcobo - 'Carving a space for freedom'
Gabi Ngcobo Foto M. Bolk / Melly

Rotterdam op Weg naar Nieuwe Tijden (2) In gesprek met Gabi Ngcobo

Rotterdam 2026 - Hoe zwaarbevochten de identiteit van het nieuwe Rotterdam is, kwam eerder aan de orde in het openingsartikel van deze reeks. Twee weken later spreek ik met Gabi Ngcobo, die in 2024 is aangesteld als directeur van het internationale kunstinstituut Melly aan de Rotterdamse Witte de Withstraat. Het instituut zelf is weer een getransformeerde opvolger van de roemruchte Galerie ’t Venster, die ooit begon aan de Gouvernestraat en die vanaf 1977 aan de Oude Binnenweg was gevestigd.

Inmiddels heeft het instituut zijn eigen geschiedenis en is Gabi Ngcobo de opvolgster van een roemruchte rij directeuren. De eerste, vanaf 1990, was de flamboyante Belg Chris Dercon, die later directeur van Museum Boijmans zou worden. De laatste voorganger van Ngcobo was de Mexicaanse Sofía Hernández Chong Cuy, onder wie de historische en met politiek omgeven naamsverandering van Witte de With Center for Contemporary Art naar Melly plaatsvond. Dat was in 2021 en de naam Melly is afgeleid van het kunstwerk van Ken Lum dat op de zijgevel van het gebouw prijkt.

Gabi Ngcobo is geboren in Umlazi (Durban, Zuid-Afrika) en studeerde en werkte onder meer aan de Wits School of Arts van de Universiteit van Johannesburg. Ze bracht naast haar Zuid-Afrikaanse docent- en curatorschap ook haar kennis en netwerken als vernieuwend curator aan onder andere de Biënnale van São Paulo van 2016 en de Biënnale van Berlijn van 2018 mee. Met die laatste nam ze - toepasselijk voor Berlijn - afstand van wat wel het ‘trauma van de geschiedenis’ werd genoemd.

Door haar hele werk loopt tevens het onderzoek naar manieren om, wat ze zelf noemt, het institutionele ‘rechtvaardiger en vreugdevoller’ te maken. Daarmee, en ook met haar al in Zuid-Afrika ingezette inzet voor een parallel systeem van het maken van kunst, academisch onderzoek en lokaal gemeenschapswerk, sluit ze nauw aan bij de al eerder ingezette koers van Melly.

In het uitgebreide gesprek hieronder reflecteert Ngcobo op haar Zuid-Afrikaanse wortels, haar conceptuele kaders, de dynamiek van instellingen, de spanningen en de dynamiek van de Rotterdamse substantie en niet in het minst op de vraag hoe kunst en instituties ruimte kunnen maken voor grotere vrijheid.

We beginnen het gesprek in de tentoonstellingsruimtes van Melly.

'What does a drawing want'  

Het onderzoek en artistieke kader dat Gabi Ngcobo bij Melly introduceerde, komt voort uit haar eerdere onderwijspraktijk en de visie die ze ook beschreef in eerdere gesprekken met de Raad van Toezicht van Melly:

"Ik denk al heel lang na over tekenen. Toen ik lesgaf aan de Wits School of Arts in Johannesburg, heette de cursus al sinds de jaren 70 Drawing and Design. Mijn collega Donna Kukama en ik doceerden experimentele, performatieve dingen, wat verwarrend was voor studenten. Ze vroegen: 'Waarom geef je deze dingen in een tekencursus?' Ik begon mezelf de vraag te stellen: 'What does a drawing want?' Niet wat de kunstenaar wil met de tekening, maar wat de tekening zelf wil."

"Het woord 'draw' heeft in het Engels zoveel betekenissen. Je kunt een tekening maken, maar je kunt ook bloed trekken (draw blood), een pistool trekken (draw a gun), gelijkspelen (a draw), een gordijn dichttrekken (draw a curtain), een lade openen (the drawer), of een lot trekken uit een hoed (draw from a hat). Toen het bestuur van Melly mij vroeg te solliciteren, presenteerde ik dit idee als een visie op de instelling, gebaseerd op deze meervoudigheid aan betekenissen."

"Ik voegde er withdraw (terugtrekken) en redraw (hertekenen) aan toe, en in mijn voorstel ook repeat. Het idee dat we teruggaan naar het tekenbord (back to the drawing board) om een situatie opnieuw te doordenken wanneer dingen niet meer werken of obsoleet zijn geworden. Toen ik het aan het team presenteerde, zeiden ze: 'Dit laat zich niet in het Nederlands omzetten'. En inderdaad, in mijn eigen taal, het Zoeloe, vertaalt het zich ook niet zo. In het Zoeloe is het woord 'dweba,' maar dat heeft niet dezelfde gelaagde betekenissen."

"Toen dacht ik: wat nu? Zo kwam ik bij het idee van improvisatie. Improvisatie heeft een sterke resonantie in Rotterdam, omdat het architectonisch een geïmproviseerde stad is, maar ook door de jazzgeschiedenis en het karakter van een havenstad. Voor mij is het hetzelfde: het gaat om het creëren van ruimte voor vrijheid. Hoe kunnen we werken in het voordeel van artistieke vrijheid, en wendbaar reageren wanneer er in de wereld iets verschuift?"  

Felipe Mujica  'Mijn.klok staat stil'  Foto K Daem

Hoe kan je instellingen opener maken?

Ze reflecteert op haar jeugd in Zuid-Afrika en hoe die haar kijk op maatschappelijke en artistieke instellingen heeft gevormd:

"Ik ben nu 52 jaar oud, wat betekent dat ik de eerste twintig jaar van mijn leven opgroeide onder het apartheidssysteem. Instellingen zijn interessant voor mij omdat het plaatsen waren waaraan ik heel lang niet mocht deelnemen. Dat was mijn ingang: hoe kunnen we instellingen laten werken voor, of meer laten representeren dan slechts één groep?

Het gaat erom hoe we ze kunnen openstellen, hoe we onszelf kunnen toestaan om eigenaarschap te hebben over instellingen — of dat nu artistieke instellingen zijn of bestuurlijke instellingen. Pas later begon ik tentoonstellingen te organiseren. Ik werd niet zomaar een curator; ik begon dingen te organiseren met vrienden. Een Zuid-Afrikaanse kunsthistoricus zei ooit tegen me: 'Als je de dingen die je doet niet benoemt, is het alsof je ze niet doet. Als je tentoonstellingen maakt, ben je een curator.' Zo kwam ik uiteindelijk terecht bij mijn master curatoriale studies aan Bard College in New York." 

Nohemi Pérez 'Journey to Who Knows Where - My Stroke, My Stride'.  Foto K Daem

Rotterdam -  Op zijn eigen manier een centrum  

Gevraagd naar een opmerking uit het eerdere interview in deze reeks dat Rotterdam historisch gezien geen 'kunststad' of kopersmarkt is, reageert Ngcobo met nuance over de positie van de stad:

"Rotterdam is geen metropool zoals New York, Londen, Parijs of Hong Kong, dus de kunstmarkt is hier anders. Maar het is nog steeds een centrum op haar eigen manier. Ik zit zelf niet in de kunstmarkt; mijn hele praktijk is er juist op gericht om zo veel mogelijk weg te blijven van de kunstmarkt."

"Toen ik in Rotterdam aankwam om aan het beleidsplan te werken, viel me op dat de stad opener voelt dan Amsterdam. Aankomen op het station in Rotterdam geeft ruimtelijk een heel andere ervaring. Wat me meteen opviel, was dat Rotterdam een rauwe rand heeft. Hoe mensen zich verhouden tot mij, tot het lichaam dat ik ben, voelde vertrouwder voor mij. De manier waarop mensen bewegen, ruimte innemen en met elkaar omgaan. De mix van mensen, de mengeling van wederopbouwarchitectuur uit de jaren 50 en wat er de afgelopen vijftig jaar is gebouwd — dat maakt het een fascinerende plek."

Gabi reflecteert op de geografie van de stad die sinds een paar jaar ook de hare is:

"Ik vraag me vaak af: waar is het centrum van Rotterdam? Men zegt bij de Coolsingel, maar de stad heeft niet echt één duidelijk centrum. Wat is het centrum van New York? Times Square? Rotterdam heeft ruimtelijke spanningen. Je ziet gebouwen die naar elkaar fronsen en naar elkaar glimlachen, maar tegelijk op één plek bestaan. Toen Marokko of Kaapverdië voetbalden en ik op de Nieuwe Binnenweg liep om die energie te voelen, dacht ik: wauw, wat een interessante plek met al deze mensen. Het is die wisselwerking die bijdraagt aan het karakter van de stad."​

Over de dynamiek van de macht, apartheid en schrijfster Bessie Head 

Het gesprek verschuift naar de definitie van macht binnen het culturele veld en de literatuur die Ngcobo inspireert:

"Instellingen zijn een vorm van macht. Ik ben geïnteresseerd in de dynamiek van macht. In mijn achterhoofd draag ik vragen mee uit het werk van Bessie Head, de Zuid-Afrikaanse schrijfster die in ballingschap leefde in Botswana. Ze schreef onder meer A Question of Power [red. 1974], een verwarrende, complexe roman die alle kanten op schiet, en het prachtige Maru [red. 1971], wat 'wolken' betekent in het Setswana. Ze schreef als scherpe criticus van het politieke systeem."

"Toni Morrison zei eens: 'Er is niets mis met macht, zolang je het op de juiste manier gebruikt. Je bent niet machtig om simpelweg machtig te zijn voor jezelf.' De juiste manier van macht gebruiken is om andere mensen te versterken (to empower). Waar wij in de kunstwereld mee te maken hebben, is geen harde macht zoals in de politiek, maar zachte macht (soft power)."

"Ik ben tegen het idee van cureren als een vorm van goedkeuring of validatie. Het idee dat 'als ik met een kunstenaar werk, dat betekent dat ik diegene goedkeur', vind ik bizar. Ik denk eerder: welk probleem moeten we op dit moment belichten? De kunstenaar kan het juiste probleem aandragen, en via die stem kunnen we het gesprek aangaan."

De traditie van Melly en 'We Don't Need Another Hero' 

Ngcobo gaat in op de institutionele geschiedenis van Kunstinstituut Melly en hoe ze voortbouwt op het werk van haar voorgangers:

"Als een instelling die om de zes jaar van directeur wisselt, hoef je niet alles om te gooien; je bouwt voort op wat er is. Ik erken de processen van mijn voorgangers, zoals de projecten en de verandering die Sofía Hernández Chong Cuy met het team heeft ingezet. Ik keek ook naar het programma van Catherine David rond 2002, die werkte met kunstenaars uit West-Azië en de Arabische wereld. Destijds voelde het alsof de landingsbaan er in Rotterdam nog niet helemaal voor was, maar die landingsbaan is er nu wel. Wat toen is geplant, kunnen we nu bekijken met het gevoel: het lijkt wel van vandaag."

"Ik heb het proces van de naamsverandering van Witte de With naar Melly destijds vanuit het buitenland nauwgezet gevolgd. In Zuid-Afrika veranderen we natuurlijk al sinds het begin van de democratie namen van straten en instellingen. Toen de studentenbeweging Rhodes Must Fall in Kaapstad opkwam om het standbeeld van Cecil Rhodes te verwijderen, ontketende dat een wereldwijde discussie over monumenten en herinnering."

"In 2018 cureerde ik de Berlijnse Biënnale onder de titel We Don't Need Another Hero. Dat verwees natuurlijk naar het nummer van Tina Turner. In de catalogus hebben we die songtekst ontleed: het gaat over de toekomst, over de kinderen, over het feit dat we geen helden of kolonisators op een voetstuk meer nodig hebben om ons de weg te wijzen. Die vragen leefden toen al sterk op mijn radar, wat mijn komst naar Melly extra betekenisvol maakte."  

Misheck Masamvu, installatie view  Foto K Daem

Lessen uit Zuid-Afrika 

Gevraagd naar haar geboorteland  beschrijft Ngcobo de complexiteit en de lessen die Zuid-Afrika de wereld kan bieden:

"Zuid-Afrika is een ingewikkelde plek vol alledaagse tegenstrijdigheden, maar het heeft prachtige mensen. Het is een zeer verdeelde en ongelijke samenleving — bovenaan de lijst van meest ongelijke plekken ter wereld. We hebben democratische vrijheid op papier, maar als zwarte mensen hebben we nog geen economische vrijheid."

"Tegelijkertijd zijn er zoveel mensen die getransformeerd zijn door Zuid-Afrikaans te zijn. Mensen van Indiase afkomst van wie de voorouders kwamen via contractarbeid, mensen van Europese afkomst die nog nooit in Europa zijn geweest maar in wezen Afrikaans zijn. Het idee van Ubuntu — 'ik ben omdat jij bent' — is daar voelbaar. Als je al die culturen en mensen ziet die elke dag proberen samen te leven en het samen op te lossen, denk ik af en toe: 'als we dit allemaal samen kunnen brengen, zou dit wel eens de blauwdruk voor de toekomst van de wereld kunnen zijn'."

"Geweld is natuurlijk een onderdeel van die geschiedenis. Het idee van Zuid-Afrika is geboren uit geweld, teruggaand tot de komst van Jan van Riebeeck in 1652. Maar misdaad en geweld zijn niet iets van de afgelopen twintig jaar; het kent eeuwenoude lagen. In de populaire cultuur en films zoals Tsotsi wordt vaak alleen dat geweld uitgelicht en verkocht aan de wereld. Maar er is zoveel meer: zoveel schoonheid, complexiteit en overvloed. Voor wie creatief is, is het een enorm vruchtbare plek voor de verbeelding."

Over ondoorzichtigheid als ruimte voor vrijheid

Vrijheid is een terugkerend motief in Ngcobo’s filosofie, zowel op persoonlijk als op institutioneel niveau:

"Mijn praktijk zoekt voortdurend naar manieren om ruimte te maken voor vrijheid. Artistieke vrijheid, maar ook de vrijheid om wendbaar te zijn. Ik hou ook van het idee van ondoorzichtigheid [red. opacity] als manier van werken. Binnen die ondoorzichtigheid kun je vrijheid vinden om langer aan iets te werken, in plaats van alles meteen volledig transparant en zichtbaar te moeten maken."

"Soms moeten dingen langzaam vrijkomen. Dingen die zich nu in de ruimte bevinden, maar pas over vijf jaar hun volle betekenis onthullen. In een wereld waarin iedereen eist dat er geen gordijnen zijn en dat alles transparant moet zijn, houd ik ervan om bepaalde dingen te verbergen, zodat ze zichzelf door de tijd heen langzaam openbaren."

Het voorecht van positie

Aan het slot van het gesprek gaat het over macht en positie, en we concluderen dat we nog lang door zouden kunnen praten, maar andere afspraken wachten. Dus sluiten we af.

Gabi Ngcobo, directeur van Kunstinstituut Melly:​

"Ik ben de eerste persoon in mijn hele familie die naar de universiteit is gegaan. Ik neem al mijn thuiservaringen mee waar ik ook ga; ik kan mezelf niet thuis achterlaten. Dat ik deze kansen heb gehad, is een voorrecht dat ook mijn familie heeft bevoorrecht. En dat voorrecht zet ik in om ruimtes te maken waar meerdere stemmen kunnen spreken."


Gabi Ngcobo, directeur Kunstinstituut Melly. Foto M. Bolk / Melly

​


Lezers zijn denkers: wat denk jij? Reageer hieronder.
Meer over:
Cookies

Deze website gebruikt noodzakelijke cookies voor een correcte werking en analytische cookies (geanonimiseerd) om de statistieken van de website bij te houden. Marketing cookies zijn nodig voor laden van externe content, zoals YouTube-video's of widgets van Sociale Media. Zie ons cookiebeleid voor meer informatie, of om je instellingen later aan te passen.