De woningnood is internationaal, Europees en Nederlands. De EU investeert
Het Europees plan voor betaalbare huisvesting pakt de woningcrisis in Europa aan. Hoewel volkshuisvesting een verantwoordelijkheid van de lidstaten blijft, biedt de Commissie ondersteuning op gebieden waar Europese samenwerking extra voordeel oplevert.
Het plan richt zich op het vergroten van het woningaanbod door investeringen te stimuleren en bouwregels te vereenvoudigen. Deze aanpak verloopt onder meer door de versoepeling van staatssteunregels, waardoor overheden makkelijker financiële steun kunnen geven aan sociale woningbouw.
In veel landen spelen dezelfde structurele krachten tegelijk, waardoor vraag en aanbod uit balans zijn geraakt. Aan de vraagzijde zijn sociale tendensen cruciaal. Huishoudens worden steeds kleiner: meer mensen wonen alleen, stellen krijgen minder of later kinderen en scheidingen komen vaker voor. Daardoor zijn er meer woningen nodig voor hetzelfde aantal mensen. Tegelijk trekken jongeren en arbeidsmigranten massaal naar stedelijke regio’s, waar banen, onderwijs en voorzieningen geconcentreerd zijn. In veel landen is woningbouw gebonden aan strikte ruimtelijke ordening, lange vergunningsprocedures en lokale weerstand tegen verdichting. Daarbovenop zijn bouwkosten wereldwijd gestegen door duurdere materialen, hogere energieprijzen en personeelstekorten in de bouwsector. Deze factoren spelen niet nationaal, maar internationaal. |
Daarnaast komt er een nieuw investeringsplatform en een aanpak voor verhuur voor kort verblijf in gebieden met grote woningnood. Het beleid richt zich specifiek op kwetsbare groepen, zoals jongeren en studenten, via extra investeringen in studentenhuisvesting.
Ter ondersteuning van deze doelen wordt een Europese Alliantie voor Huisvesting opgericht met een Europese Huisvestingstop in 2026 als eerste mijlpaal.
Meer info: Factsheet; Europees plan voor betaalbaar wonen