Rotterdamse VVD blijft er op los jokken
De Rotterdamse VVD gaat onverkort door met het overdrijven van het aantal sociale huurwoningen in Rotterdam. In haar verkiezingsprogramma, waarmee de partij van lijsttrekker Tim Versnel een goed resultaat hoopt te scoren bij de gemeenteraadsverkiezingen van maart volgend jaar, staat dat in Rotterdam 44 procent van de woningen sociaal zou zijn.
Het mag dan kloppen dat woningcorporaties zo'n 44 procent van de woningen in de stad verhuren. Maar 'slechts' 36,5 procent daarvan behoort tot die sociale categorie. Dat zijn dus woningen met een huur onder de 900 euro per maand, prijspeil juli 2025. De overige woningen zitten in de prijsklasse daarboven. Oplopend tot meer dan 2000 euro (!) per maand.
Er zitten meer oneffenheidjes in het verkiezingsprogram van de VVD. Zo leest men daarin: "In Rotterdam zijn er op dit moment ongeveer 317.945 woningen". Per 1 januari 2024 waren dat er al 324.597. Dat aantal is heden ten dage inmiddels opgelopen naar pakweg 328.000 woningen. Dat terwijl het sociale aandeel - per 1 januari 2024 was dat 118.366 - al jarenlang licht aan het dalen is.
De onjuiste gegevens van de VVD berusten niet op toeval. Rotterdamse VVD'ers staan er bekend om dat zij steevast de omvang van de sociale sector te rooskleurig - dat wil zeggen: te hoog - weergeven. In 2018 bijvoorbeeld riep toenmalig lijsttrekker Vincent Karremans dat 70 procent van de Rotterdamse woningvoorraad uit sociale huur bestond. In 2023 was het gedaald naar 53,5 procent volgens raadsleden Diederik van Dommelen en Erik Verweij.
Weliswaar is de Rotterdamse VVD anno 2025 met de 44 procent uit het verkiezingsprogramma voor maart 2026 een stuk minder jokkebrokkerig. Maar waarheidsgetrouw dan wel feitelijk correct is het nog steeds bij lange na niet.