Beelddicht: Rubens De pruimedanten uit T.
Gedicht vergiftigd op 26 april 1986
Op schilderijen uit de Gouden Eeuw liggen ze
als opgebaard op zilveren schalen
klootjes uit de Hades, verdacht glanzend
Over hun zoetige lijkjes staat vaak gebogen
in zwart fluweel, een jongen…
(en waar hangt dit schilderij dan wel? In Sint Petersburg
in de Hermitage? In ’t Boijmans, tijdelijk?)
Wat wil deze puber met pruilmond, overrijp?
( Z’n moeder, Isabella Brands, teder rondborstig
ingesnoerd in wel 17 stuks damast, satijn &
schoon Antwerps gekantklost ondergoed
zoent ‘m wellustig, de vrucht van haar schoot).
Wat moet dit joch, dat de duisternis streelt
met ’n wat week handgebaar
z’n lippen ’n natte verfstreep op de hare
haar tepels, dodelijk?
Als dit gaan valse Rubens moet verbeelden
(uit een verzonnen Rusland…)
Eet ik een pruimedant op
Albert en Nicolaas Rubens. Bld. Rubens / cco

manuelkneepkens@vandaagenmorgen.nl