Wat kan Rotterdam toch godvergeten kleinsteeds zijn
Alsof hij niets beters en belangrijkers te doen heeft, bindt wethouder Pascal Lansink-Bastemeijer de strijd aan met luidruchtige weggebruikers. Dezulken moet Rotterdam een poepie laten ruiken, aldus deze bestuurder, die beweert elke dag klachten te ontvangen van boze burgers. Daarom vindt momenteel een experiment plaats met een camera die niet alleen beeld, maar ook geluid opneemt. Komt dat boven een bepaald niveau, dan is het: klik, ik heb je. De dader ontvangt een foto plus boete aan huis. Die bedraagt € 340.
Dit is krankzinnig. Dit is van de pot gerukt. Dit slaat helemaal nergens op. Wie te luidruchtig optrekt, zijn rap of salsa te hard aan heeft staan in de open wagen, of per ongeluk toetert, wordt met honderden euro's gestraft. Een gang naar de rechter zit er niet in, want het is een zogenaamde bestuurlijke boete, een vorm van belasting. Daar kun je niet zomaar tegen in beroep gaan. Het bedrag is buitensporig voor dit minimale vergrijp. Hier is geen sprake van gerechtigheid, wel van tirannie en willekeur. Een overheid die zo optreedt, en het ook nog zo sneaky doet, moet niet verbaasd zijn als de burgers reageren met wantrouwen.
De wethouder richt zijn agressie vooral op zogenaamde cruisers, die in een open auto door de binnenstad rijden. Zij komen ook nog van buiten Rotterdam, weet hij. Oudere Rotterdammers denken nu met weemoed aan een Amerikaanse film uit 1973 over dit onderwerp: American Graffiti, die de avond van het eindexamenbal in een Amerikaans stadje laat zien.
Zo niet de eigentijdse wethouder. Hij neemt technologie te baat om cruising in zijn stad tegen te gaan. Hij vindt een collaborerend bedrijfsleven aan zijn zijde om voor een handvol zilverlingen de benodigde apparatuur te leveren.
Pats, boem. 340 euro. En spraakmakend Rotterdam staat er nog bij te klappen ook. Wat kan het toch godvergeten kleinsteeds zijn hierzo. Mijn oma zei het al in de jaren vijftig: "Als je daar niet tegen kunt, moet je maar op de Mokerhei gaan wonen."