Ik herken mijn eigen buurt niet meer
Het SBS programma Nieuws van de Dag kent een vast patroon. Onder leiding van de jolige presentator Thomas van Groningen spuwen misnoegde dames en heren hun gal over het Nederland en de jeugd van tegenwoordig. Normen en waarden zijn zoek. Van serieus werken is geen sprake meer. Het zijn steeds weer nieuwe varianten op hetzelfde oude liedje. Wierd Duk is vaste gast. Dan weet je het wel.
Afgelopen donderdag kwam er een uitgekauwd thema aan de orde. Blanke Nederlanders lijden onder de aanwezigheid van teveel allochtonen. Aanleiding: de hoofdsocioloog van het CBS, dr. Tanja Traag, had in haar jaarlijkse interview met EW Magazine veel te zeggen over grote maatschappelijke problemen zoals de wooncrisis maar van het multiculturele drama maakte zij niet zo´n punt. De kritiek was niet van de lucht. Men had het over de dure wijk waarin mevrouw Traag ongetwijfeld woonde zodat zij makkelijk praten had. Juist de gewone man was de klos. Die zag zijn vertrouwde buurt veranderen in een Getto. Bekende litanie, dit maal naar voren gebracht door Shashi Roopram.
Nieuws van de Dag stuurde een cameraploeg naar Tuindorp Vreewijk. Het was daar niet moeilijksenioren te vinden die zich graag wilden beklagen: ze herkenden hun eigen buurt niet meer. Zó was alles veranderd. Zij zelf waren niet veranderd, de buurt wel. Dat namen ze de buurt kwalijk.
Vanuit dit gezichtspunt hadden zij gelijk. Het enige Hollandse aan Rotterdam-Zuid zijn sommige groentes die worden aangeboden op het Afrikaanderplein. Dan zeggen de mensen achter de kramen van bijvoorbeeld de sperziebonen: “´t benne Hollandse”. Nieuws van De Dag bracht een Turkse kapper in beeld op de Groene Hilledijk. Hollandse zaken had je ook niet meer.
Dit gelul is vermoeiend. Ik woon zelf in het stadsdeel waar ik meer dan een halve eeuw geleden opgroeide. Dat is haast zeventig jaar terug. Allicht dat dit nu heel anders is dan vroeger. Toch is het nog steeds een Nederlandse buurt. Alleen: dat Nederlandse ontwikkelt zich. Dat is anders dan vroeger. De winkelstraat achter mijn huis had helemaal leeg gestaan als het moest afhangen van winkeliers, net zo Hollands als de sperziebonen. Dat zijn er nog maar een stuk of drie. Die redden het omdat zij met de tijd zijn meegaan en in hun aanbod de veranderende smaken en vragen uit de directe omgeving centraal stellen. De tijden zijn anders. De mensen zijn anders. De dingen veranderen. De etalages net zo goed.
Ook ik herken de buurt van meer dan zestig jaar geleden niet meer. Overal staan auto´s. Geen bewoner komt nog op het idee de straat voor de deur van het trappenhuis te boenen wat in mijn vroege jeugd strijk en zet gebeurde. Dat komt door de individualisering en omdat mensen zich de afgelopen halve eeuw steeds minder verantwoordelijk voelen voor de buitenruimte. Dat hebben ze echt niet van nieuwkomers geleerd. Dat heeft te maken met de erosie van hoe het hoorde in de tijd van de verzuiling.
Maar je blijft het horen: “Ik herken mijn eigen buurt niet meer”. Wie dat zegt, sluit zichzelf af. Die houdt zich vast aan een roze herinnering van vroeger. Die mist de werkelijkheid. Die ziet alleen de bedreigingen. Niet de kansen. Die maakt zichzelf ongelukkig.