Prins Bernhard en de Lockheedaffaire - een niet-strafzaak

15 november 2025 • 02:05 door Manuel Kneepkens
Prins Bernhard en de Lockheedaffaire - een niet-strafzaak
Laurens ten Cate. Foto J. de Nijs Anefo / Nat. Archief

De sociaaldemocraten (PvdA) zijn de monarchie in Nederland tot driemaal toe reddend te hulp geschoten. Drees in de Gré Hofmans-affaire, Den Uyl in de Prins Bernhard-affaire en Kok in de Zorrequieta-affaire.

                  Rood,dat vergeelt wordt oranje...

Hier wordt aan de 'Uyliaanse' reddingsactie aandacht besteed. Voornaamste reden voor deze keuze: Omdat deze reddingsactie een soort 'zen-boeddhistische ' uitkomst heeft gehad: de geboorte van een niet-strafzaak .
Uniek Dat dient niet in de vergetelheid te raken!.

Bovendien is er ook een persoonlijke reden. Ik was toentertijd 'in het jaar van Prins Bernhard, 1976', voorzitter van de Coornhertliga ,de vereniging tot strafrechthervorming. Toen een vereniging niet zonder politieke invloed op Justitieel terrein. Thans, helaas, non-existent. Hoewel zo'n type vereniging die zich kritisch opstelt t.o.v. justitie en politie eigenlijk meer dan ooit nodig is . Het toenmalige (kleine) ministerie van Justitie is immers inmiddels uitgedijd tot het monsterlijke Veiligheid en Justitie, 'een staat in de staat' 'waar inmiddels een gaan en komen is van klokkenluiders is.'
De Coornhertliga kon er toentertijd natuurlijk niet omheen om op de Bernhard-zaak te reageren. Ik schreef toen een (open) brief aan de minister-president over die affaire. Waarover straks.

Lockheed

In januari 1976 stond in de Wall Street Journal, dat prins Bernhard geld had aangenomen van vliegtuigfabrikant Lockheed, een bericht dat de Nederlandse Pers overnam. Premier Den Uyl wilde eerst niet reageren, maar kon er niet meer omheen, toen op vrijdag 6 februari van dat jaar Lockheed -topman Carl Kotchian voor de onderzoekscommissie van de Senaat zei dat in 1961 of 1962 aan een hoge Nederlandse functionaris een miljoen dollar en daarna nog eens honderdduizend dollar was betaald. Kotchian wilde bevestigen noch ontkennen dat het hier om Prins Bernhard handelde.

Toen op zijn wekelijks persconferentie toentertijd premier Den Uyl hier vragen over werden gesteld, beloofde hij een onderzoek in te stellen. En dat deed hij. Door het instellen van de commissie Donner – zo genoemd naar haar voorzitter, de vooraanstaande jurist Donner . Dit naar het voorbeeld van de 'drie wijze mannen-commissie' die in 1956 onderzoek had gedaan naar de Greet Hofmans-affaire over de aanwezigheid van de gebedsgenezeres Greet Hofmans op Paleis Soestdijk en de huwelijkscrisis tussen koningin Juliana en prins Bernhard, die ermee gepaard ging. De twee andere leden van de commissie waren Peschar, de president van de Algemene Rekenkamer en Holtrop, de oud- president van de Nederlandse Bank.

Crisisberaad Den Uyl

Binnen de regering vormde Den Uyl een crisisberaad, de 5 Lockheed-ministers. Behalve hemzelf waren dat van Agt, Vice-premier en Minister van Justitie; De Gaay Fortman, Binnenlandse Zaken; Van der Stoel, Buitenlandse Zaken en Duisenberg, Minister van Financiën. Vredeling de toenmalige minister van Defensie werd er buiten gehouden. Vreemd omdat het hier toch allereerst om een Defensie- zaak ging. Maar Vredeling stond bekend als een notoire Bernhardhater ('een typische mof') en hem kon Den Uyl dan ook missen als kiespijn bij zijn poging de monarchie te redden. Want dat is wat Joop den Uyl toen (succesvol) gedaan heeft...

Op 12 augustus 1976 kwam de commissie -Donner met haar eindrapport.
In het begin van de jaren zestig had Lockheed inderdaad een miljoen dollar aan de prins betaald. In 1978 was nog eens 100.000 dollar betaald. Waarschijnlijk waren die bedragen via tussenpersonen bij de prins terecht gekomen. Het spoor liep 'dood' bij de persoon van Alexis Pantchoulidzew, de huisvriend van...prinses Armgard, de moeder van prins Bernhard. Men had deze persoon kunnen vervolgen bv. wegens medeplichtigheid aan omkoping, en dan zou men gaandeweg tijdens dat strafproces onvermijdelijk op Prins Bernhard gestuit zijn, maar die gang van zaken is toentertijd zelfs niet overwogen.

Onaantastbaar en lichtvaardig

Al met al leidde het rapport tot de conclusie die Den Uyl die zou voordragen in de Tweede Kamer op de 'gedragen toon', waar hij patent op had: “...dat Zijne Koninklijke Hoogheid in de overtuiging dat zijn positie onaantastbaar en zijn oordeel niet te beïnvloeden was, zich aanvankelijk veel te lichtvaardig heeft begeven in transacties, die de indruk moesten wekken dat hij gevoelig was voor gunsten. Vervolgens heeft hij zich toegankelijk getoond voor onoorbare verlangens en aanbiedingen van de kant van Lockheed. Tenslotte heeft hij zich laten verleiden tot initiatieven die volstrekt onaanvaardbaar waren en die hem zelf en het Nederlandse aankoopbeleid bij Lockheed – en zo moet er thans aan worden toegevoegd ook bij anderen – in een bedenkelijk daglicht moeten stellen.”

Die 'anderen' sloeg op op de vliegtuigbouwer Northrop, omdat duidelijk was geworden dat ook van die firma geld door Bernard was aangenomen. Maar op die zaak was de commissie niet ingegaan: “Daar die zaak niet tot de onderzoeksopdracht behoorde.”
Op 19 augustus besloten de vijf Lockheedministers dat er geen strafrechtelijk vervolging zou worden ingesteld.. Het belangrijkste argument daarvoor: “Omdat een vervolging tot schade voor de monarchie kon leiden...”
Besloten werd wel dat de Prins al zijn functies moest neerleggen, allereerst de functie van inspecteur-generaal van de krijgsmacht. Daarmee achtte men de Prins genoeg gestraft. Voor zijn ernstige optreden ontving Den Uyl zowel in de Tweede Kamer als in de pers veel lof. Maar daarmee was de kous niet af.

Van Dam nam ontslag

De staatssecretarissen waren buiten het kabinetsbesluit gehouden (terwijl zij staatsrechtelijk bezien medeverantwoordelijk waren!) . Staatssecretaris van Dam pikte vervolgens het besluit tot niet-vervolging niet, toen hij er van op de hoogte raakte. Hij beschouwde de verklaring van Den Uyl in de Tweede Kamer als niet namens hem afgelegd. En schreef zijn ontslagbrief.
Daarin stelde hij dat dienaren van de kroon onkreukbaar dienen te zijn. En verder...als de prins hiermee weg kwam, waarom zouden dan dan andere Nederlanders bv. die ten onrechte een uitkering hadden opgestreken wèl worden vervolgd? Nee, de prins diende gestraft niet anders dan een frauduleuze uitkeringstrekker. Gelijke monniken, gelijke kappen!
Die ontslagbrief, zou, als die bekend was geworden, natuurlijk de hele Bernhardzaak weer doen oplaaien. Den Uyl haastte zich dan ook naar de woning van Marcel van Dam en praatte een hele nacht op hem in. Met succes. Van Dam trok zijn ontslagbrief in.

​Gelijke monniken, gelijke kappen!​

Maar ….met zijn Gelijke monniken, gelijke kappen had van Dam natuurlijk geheel en al gelijk. Mijn Coonhertliga-brief ging ook van dat adagium uit. Maar ik trok uit dat adagium een heel andere conclusie, blijkbaar zo onorthodox dat Den Uyl niet wist wat hij er mee aan moest. Behalve een ontvangstbevestiging van de brief en de belofte t.z.t. op in de inhoud in te gaan, heb ik van toenmalige minister-president en de zijnen in dezen niets meer vernomen.
Maar er was een gezaghebbend iemand aan de linkerkant van het politieke spectrum, die de Brief wèl een antwoord waardig vond, namelijk Laurens ten Cate, de hoofdredacteur van de Leeuwarder Courant .

Hij schreef in zijn blad: Gelijke monniken - Leeuwarder courant, 9 September 1976.

Het ligt voor de hand, dat het besluit van de regering om geen strafvervolging en ook geen onderzoek tegen prins Bernhard in te stellen, reacties opwekt. Er zijn meteen mensen geweest die zeiden: waarom doen ze met de prins niet wat ze met anderen doen ?
Een andere en betere reactie komt van de Coornhertliga. Dat is een vereniging voor hervorming van het Nederlandse strafrecht. Die vereniging draait de vraag precies om. Ze vragen: waarom doen ze met andere mensen niet, wat ze nu met de prins doen? En dat is een boeiende en klemmende vraag.
Een van de grondbeginselen van het Nederlandse recht is : alle burgers zijn voor de wet gelijk. Dat houdt in : alle burgers moeten ook gelijk behandeld worden.
Dus prins Bernhard moet net zo behandeld worden als anderen in zijn geval zou overkomen. Maar het omgekeerde kan net zo goed. Anderen dan prins Bernhard moeten precies zo behandeld worden als hij. Allemaal op grond van het beginsel der rechtsgelijkheid.
Wel, als men deze redenering toepast op wat er is gebeurd, dan wordt het aardig vast te stellen, wat er voortaan met anderen moet gebeuren. Dat doet de Coornhertliga. Zij zegt: prins Bernhard niet vervolgen, dan ook anderen niet vervolgen.
De Coornhert-liga geeft een aantal voorbeelden van ‘ wisselvallig beleid. Die voorbeelden zijn stuk voor stuk opvallend genoeg. Maar opvallender is toch de gedachte, dat er in dit geval is afgeweken van een rechtsbeginsel, dat de zekerheid van het bestaan in belangrijke mate dient. Dat moet natuurlijk niet en het was ook zeker niet de bedoeling van de regering.
De gedachte ligt zo voor de hand, dat niemand er eerder opgekomen is. Dat is alleen maar te verklaren uit de schrik, die algemeen door deze droeve gebeurtenis is ontstaan.

Nu er besluiten zijn genomen, die door de Tweede Kamer zijn aanvaard, is er alle reden na te gaan, wat er eigenlijk besloten is en wat dat betekent voor anderen dan prins Bernhard. Het ligt voor de hand te zeggen, dat die betekenis voor ieder in het land gelijk behoort te zijn, want iedereen telt voor het recht en wel precies evenveel.

De Coornhertliga heeft deze gedachte neergeschreven in een brief aan het kabinet en de volksvertegenwoordiging en dat is verstandig, want die zullen allereerst eens antwoord moeten geven op de vragen, die er in staan. De belangrijkste vraag is: wat doet de overheid met al die honderden andere mensen die aan de beslissingen met betrekking tot prins Bernhard rechten zouden kunnen ontlenen? Ook niet vervolgen? De strafvervolging stop zetten? Of niet?

Het is de vraag of daarop een antwoord komt. Met woorden tenminste. Er komt zeker een antwoord op met daden en dat luidt dan ‘nee’. Het is wel zeker , dat de regering de redenering van de Coornhertliga niet zal volgen. Haar beslissing met betrekking tot prins Bernhard wordt niet de norm, waarnaar zij het verdere vervolgingsbeleid zal afmeten. Alles gaat gewoon door, zoals het ging.

Daarmee is de onjuistheid van wat de Coornhertliga voorstelt allerminst vastgesteld. De manier, waarop prins Bernhard is behandeld, is een uitzondering. Zowel mr. van Agt als drs. Den Uyl hebben uitgebreid staan uitleggen, waarom de regering die uitzondering gerechtvaardigd vond. Verreweg de belangrijkste motivering: de gevolgen van een strafvervolging voor de monarchie.

En verder is er de redenering , dat de prins eigenlijk al zwaar gestraft is door de openbaarheid van het rapport-Donner.

Het laatste argument is niet zo sterk. Het geldt in elk geval voor iedereen. Altijd is er een bijkomende straf, die ligt in de publiciteit rondom het plegen van strafbare feiten en de vervolging daarvan. Dat speelt doorgaans geen rol bij de straftoemeting. Nu blijkt dus, dat deze publiciteit in dit geval wel wordt erkend als straf ! Dan moet dat ook voor anderen gelden.

De regering zou er goed aan doen de Coornhertliga een antwoord te sturen. Men mag wel als zeker aannemen, dat het kabinet zichzelf de Coornhertvraag ook heeft gesteld. Wel, wat was het antwoord?

Ten C. (Laurens ten Cate)

Op het antwoord van zowel de regering als de volksvertegenwoordiging wachten wij tot op de dag van vandaag. [M.K].

Laan en Postma 

Een goede tien jaar geleden trad ik toe tot de redactie van de elektronische krant Rotterdam Vandaag en Morgen.(V&M) . Die krant werd oorspronkelijk opgezet door oud-journalisten van het Vrije Volk, 'die het krantje maken niet konden laten' . Dit toetreden deed ik op instigatie van Jim Postma , de oud-misdaadverslaggever van het Vrije Volk. Met hem en ruimtelijke ordeningsexpert Hans van Heel ('Hans van het Heelal') had ik anderhalf decennium daarvoor de Stadspartij Rotterdam opgericht. Dus omwille van mijn oude bondgenoot heb ik dat toen gedaan.

RV&M werd in die tijd geleid door Geert-Jan Laan. Geert-Jan kon het niet nalaten elke vergadering opnieuw breed uit te wijden over zijn glorietijd als journalist bij het Vrije Volk. Dat was toen hij en zijn makker Rien Robijns druk bezig waren met onthullingen over de Northrop – affaire.

Op 1 februari 1977 meldde het Vrije Volk in koeienletters: “Geheim rapport prins en Northrop nog in de la!” Laan en Robijns schreven, dat Den Uyl van de commissie Donner nog een tweede, geheim rapport had gekregen en wel over de betrekkingen tussen prins Bernhard en vliegtuigbouwer Northrop. Daaruit zou blijken dat de prins via een tussenpersoon tussen 1968 en 1973 750.000 dollar van Northrop had gekregen.

Wigbold

Onbekend tot dat moment was – en ik weet het nu dank zij Geert Jan Laan – dat Den Uyl toen hevige druk op partijgenoot Wigbold, de toenmalige Hoofdredacteur van het Vrije Volk heeft uitgeoefend om Laan en Robijns te stoppen. Maar daar was hij bij Wigbold aan het verkeerde adres. Volgens Wigbold was de journalistiek er niet om zaken onder het tapijt te schuiven..
Een juiste, principiële houding. Die houding hield Herman Wigbold er helaas niet op na inzake 'de foto van Willem Kloppert'. Willem was de fotograaf van het Vrije Volk.  Zijn vrouw, Muriel, was een Française, waarvan de ouders in Parijs woonden.
Toen Willem Kloppert op een goede dag daar bij zijn schoonouders op het balkon stond, zag hij plots Prins Bernhard de straat over steken en aldaar aanbellen... .
Hij greep naar zijn camera en drukte af!

Kloppert en barones Grinda

Willem Kloppert checkte het adres .Het appartement, waarvan Willem de foto maakte, bleek te behoren aan...Barones Grinda. Bernhard minnares Poupette dus, bij wie hij een dochter verwekte, Alexia. Maar dat werd ons pas veel later bekend uit de gesprekken die de Volkskrant-journalisten Broertjes en Tromp, met de Prins hebben gehouden en die pas na de dood van de Prins gepubliceerd zijn.
Het onderhoud van zijn maîtresse & zijn dochter was blijkbaar een dure hobby. Vandaar dat Bernhard al dat extra geld nodig had, Hij had natuurlijk ook kunnen bezuinigen op zijn eigen exuberante levensstijl. Maar dat kwam bij de Prins niet op.
Kortom publicatie van die foto ( met daarbij het verhaal ) van Willem Kloppert was toentertijd zeker journalistiek relevant geweest.
Maar... Wigbold verbood het publiceren van verhaal & foto. Vreemd gaan was privé !
Dat ging het publiek niet aan. Volgens mijn vriend Ben Herbergs, toentertijd eveneens verslaggever van het Vrije Volk , was dat standpunt óók, omdat Wigbold zelf een notoire vreemdganger was.

Ben was namelijk aanwezig bij een pijnlijk incident. Toen Wigbold begraven werd, vielen hem langdurige lofprijzingen ten deel, o.a. over zijn integriteit. Dat werd de weduwe Wigbold teveel. Zij stapte naar voren en deed ter plekke, ten overstaan van al de aanwezigen op die uitvaart, een boekje open over de continue trouweloosheid van haar man!
De foto is nog jarenlang blijven liggen in een postbakje in de uithoek van het redactielokaal naast 'de cactus, die nooit water kreeg' en Dordtenaar Jan Eykelboom die aldaar almaar druk bezig was van journalist in dichter te transformeren.

Nostalgie 

Ja, die RV&M-vergaderingen waren van Vrije Volk-nostalgie vergeven!
En vroeg of laat kwam dan de vraag aan mij, de enige niet-Vrije Volker in het gezelschap: “Zeg, heb jij als toenmalig voorzitter van de Coornhertliga soms ook met de Bernhardzaak te maken gehad. Hoe was dat?”
Dus ik was zo goed niet of op een goede dag doorploegde ik mijn (slordig) archief en zowaar ik vond het terug, het stuk in de Leeuwarder Courant van Laurens ten Cate ...! Daar zwaaide ik mee op de volgende redactievergadering. Laurens ten Cate! Dat maakte indruk op de (ooit) linkse jongen van het Vrije Volk
En... had ik die brief toentertijd ook naar het Vrije Volk gestuurd? Ja, dat had ik! Nou dat was ze dan toentertijd ontgaan. Waarna ze overgingen tot de naborrel van de dag. Proost!

Over de columnist

Manuel Kneepkens

M.M.M. (Manuel) Kneepkens (Heerlen, 26 februari 1942) is een Nederlands dichter, publicist, politicus en jurist-criminoloog. 

Na het gymnasium op het Bernardinuscollege ging hij in Leiden rechten en criminologie studeren. In 1971 vertrok hij naar de Erasmusuniversiteit in Rotterdam. Daar was hij 23 jaar docent strafrecht en criminologie.

Mijnheer de President: in een republiek gebaseerd op recht en vrijheid is een vrije pers essentieel
07 dec
Mijnheer de President: in een republiek gebaseerd op recht en vrijheid is een vrije pers essentieel
Eigen stroom eerst
06 dec
Eigen stroom eerst
Mantelzorger van de VVD
06 dec
Mantelzorger van de VVD
ChatGPT gaat erotische teksten toestaan
04 dec
ChatGPT gaat erotische teksten toestaan
Nederland – Wolvenland
29 nov
Nederland – Wolvenland
Cookies

Deze website gebruikt noodzakelijke cookies voor een correcte werking en analytische cookies (geanonimiseerd) om de statistieken van de website bij te houden. Marketing cookies zijn nodig voor laden van externe content, zoals YouTube-video's of widgets van Sociale Media. Zie ons cookiebeleid voor meer informatie, of om je instellingen later aan te passen.