Prins Geert de Eerste van Venlo

20 februari 2022 door Manuel Kneepkens
Prins Geert de Eerste van Venlo
Focus op de middelste prins... Foto Dagoos cco

Het rechtspopulisme heeft zo zijn eigen prinsen. Prins Pim, Prins Geert & Prins Thierry (Prins Wappie).

Carnaval komt er aan , dus laten we eens focussen op de middelste prins, Prins Geert. Een bijzonder soort prins, want... een carnavalsprins.

En dan ook nog eens een bijzonder vreemde carnavalsprins, want eentje, die niet vrolijk, maar ….rancuneus is.

Venlo: stedje van plezeer

Hier volgt dus een nadere analyse van het fenomeen Wilders, de politicus afkomstig uit Venlo – het stedje van plezeer – het stadje van plezier. Een analyse, die o.a. antwoord meent te kunnen geven op de prangende vraag: waarom blondeert Geert Wilders zijn haar? ‘Het lijkt wel of hij een pruik draagt!’

Het geijkte antwoord daarop luidt: Geert Wilders heeft Indisch bloed. Hij, die te boek wil staan als ‘de Nederlander bij uitstek', maskeert zo zijn ‘Indo zijn’. Ik denk dat er mèèr aan de hand is

Als ik het woord ‘inburgering’ lees, heb ik de neiging het te lezen als ‘Limburgering’. Is dat dus omdat ik zelf uit Limburg kom? Misschien, maar het heeft vast ook te maken met vandaag de dag Nederlands bekendste Limburger Geert Wilders. Maar wat een vreemde Limburger is dat! Naar eigen zeggen lust hij ‘moslims rauw’.

Wonderlijk om zo’n discriminatoire boodschap van een Limburger te horen. Want hoe ingeburgerd is de Limburger zelf dan wel in Nederland? Eeuwenlang behoorde Wilders’ geboortegrond (en de mijne) tot de zogenaamde Generaliteitslanden. Limburg was een wingewest, nog net geen Nederlands Indië. Bovendien, als je de landkaart van Nederland beziet, bungelt met name Zuid-Limburg er wat zielig als een blinde darmpje bij.

Je zou dan ook verwachten dat Limburgers enig begrip zouden kunnen opbrengen  met de nieuwe zuiderlingen in ons land. Turken en Marokkanen komen tenslotte uit de Mediterranée. Mediterranée, zo blauw, zo blauw, zoals ons aller Toon Hermans placht te zingen, voorheen de bekendste Limburger van ons land. 

Maar zo werkt het blijkbaar niet. Nieuwkomers, die in een gemeenschap nog maar net geaccepteerd zijn, blijken zich vaak sterker tegen nòg nieuwere nieuwkomers te keren dan de oude hap. Tot zover is er wat Wilders betreft eigenlijk niets nieuws onder de zon.

Nieuw is de ongewone felheid van zijn optreden. Die is haast calvinistisch-Hollands. En zijn lompheid .Een VOC-mentaliteit. Wonderlijk voor een jongen uit Venlo. De Limburgse cultuur is er immers een van gemoedelijkheid. Zeker, de Limburger kan zich opwinden en daarbij fiks met de vuist op tafel slaan. Maar nooit zo hard dat zijn bierglas daarbij omvalt! Dat nooit!

Op dat punt wijkt Wilders nogal af. Zijn boosheid kent geen grenzen. Wat een wonderlijke tegenstelling oplevert tussen het uiterlijk van deze zachtmoedig ogende man met zijn haast zijige Mozartkapsel enerzijds en zijn keiharde uitspraken anderzijds.

Zou men Wilders slechts kennen van papier, dan zou men zich daarbij een totaal andere man voorstellen qua uiterlijk, een soort bullebak. Maar dat blijkt dus niet het geval.

Wilders is een typisch voorbeeld van een verhollandste Limburger. Een angry young man uit het Donkere Zuiden Beneden De Rivieren. Een man die zich harder en lomper voordoet om maar Hollandse dan  Hollandser  te zijn. Maar hij is niettemin in de eerste plaats een Limburger. Vrijwel geen van zijn bestrijders heeft dat goed in de gaten, en daarom falen zij zo. Wat is er dan zo Limburgs aan Wilders? Wel, hij voert een one man-show op in de politiek. Een oppervlakkige analyticus zal opmerken dat hij dat van Fortuyn heeft afgekeken.

Maar… wie ook weer  introduceerde in Nederland de one man show? Niemand minder dan Toon Hermans! Maar Toon had het weer van het Limburgse carnaval. Dat kent de zogenaamde zietsongen (zittingen) waarin een buuttereedner optreedt, een eenling met een pruik op, die vanuit een ton (buut) grappen maakt en de lokale notabelen bespot. Die grappen kunnen rustig de grenzen van het fatsoenlijke in ruime mate overschrijden. Dat doet er niet toe. De zaal roept Alaaf ! na elke kwinkslag,  hoe misplaatst ook, en het dweilorkest valt in met Tsjieng Boem!

Zietsong

Helaas, een zitting  van de Tweede Kamer is niet een Zietsong van de Venlose carnavalsvereniging. Niemand roept daar  Alaaf! of toetert Tsjieng boem! na alweer een botte oneliner van Geert Wilders. Dat zouden de andere Kamerleden eigenlijk wèl moeten doen. Dan was het gauw afgelopen met zijn fratsen.

Wilders’ roots liggen dus in het carnaval. Daar deed hij behalve de inspiratie voor zijn ‘pruik’ mijns inziens ook de inspiratie op voor  zijn ‘ kopvoddentax’.  Het woord  ‘kopvodden’  is een diabolische omzetting zijn van het woord ‘nonnenvo'  (‘achterwerk van een non ‘)  .De nonnenvot  is Limburgs favoriete carnavalsgebak! Ach, het is maar een gesuikerde gedachte!

Hoe dan ook, voor Wilders is Limburg de maat van alle dingen, ook al heeft hij dat zelf niet goed door. Geslaagde inburgering kan voor Wilders dan ook niet anders betekenen dan Limburgering. Is dat eigenlijk wel zo’n gek concept ? Hier in Holland blijven allochtonen op een of ander manier toch almaar tweederangsburgers. Zelfs de huidige derde generatie blijkt nauwelijks te ontsnappen aan dat lot. Maar Hollandse Limburgers worden, d.w.z. van mediterrane zuiderling tot noordelijke zuiderling, dàt moet toch lukken! .

Kortom, Wilders, ken jezelf! Word tot ons aller profijt de Limburger, die je hoort te zijn.

Besef je dan niet, dat dat stukje Zuid-Limburg, dat er als een soort blinde darmpje en bij de rest van ons land aan bungelt, levensnoodzakelijk voor ons Vaderland is, dat het zogezegd ‘zijn reden’ heeft, dat de (geografische) band met Holland ter hoogte van Sittard nooit is doorgesneden.

Waarom het feitelijk zo is, daarop is het geijkte antwoord van de Geschiedenis, het volgende.

Dibbets

In 1830 tijdens de Belgische opstand was het duidelijk dat Limburg, met name Maastricht, bij België wilde. Maar in Maastricht was het Hollands garnizoen onder leiding van generaal Dibbets gestationeerd, ‘wrede Dibbets”.

De actieradius van dat garnizoen strekte zich uit tot heel Zuid-Limburg. Dibbets wist Limburg eronder te houden - bij Holland dus. Tot op de dag van vandaag is Dibbets daarom zeer ongeliefd bij de Maastrichtenaren. Die, nog niet zo lang geleden, op hun zondagse wandeling door het Park, hun kinderen aanspoorden om op Dibbets graf, eigenlijk gedenkteken, te pissen. Dat lieten die jonge Maastrichtenaartjes zich geen twee keer zeggen..

Het enige wat nu nog in Maastricht aan het Hollands garnizoen herinnert is het carnavalslied “Zie de boerinnetjes met de rokjes zwaaien..”. De soldaten van het garnizoen deden natuurlijk  graag  en volop met het carnaval mee. Maar ze hadden dus hun eigen carnavalslied. In het Hollands. En dat  ‘Hollandse’‘lied heeft zich zowaar – én Maastricht is chauvinistisch! – temidden van de liederen in het Maastrichts dialect weten te handhaven.

Toon

Maar er is nog aan ánder antwoord  te geven dan het feitelijke. Dan keer ik terug tot Toon Hermans. Tot voor kort dé Limburger. Heel Nederland kende hem als zodanig. En had hem als zodanig lief!

Maar dat was dus wel een hèèl ander soort Limburger dan dè meest bekende Limburger van heden: Geert Wilders.

Toon Hermans kweet zich van de historische taak die de Limburger t.o.v. Nederland mijns inziens heeft, en wel grondig. Dat is: de Hollander menselijk houden. Niks VOC-mentaliteit, bonhomie. 

Zo heel anders dan Toon is Geert. Die redeneert blijkbaar zo. Wil ik als Limburger serieus genomen worden, dat moet ik nòg Hollandser zijn dan de Hollander. Weet je wat? Ik verf mijn haren geel. Dan ben ik nog meer kaaskop dan koning Willem Alexander!

Bovendien druk ik mij qua taalgebruik zo hard en grof mogelijk uit. Want Hollanders zijn lomperiken. Dat is geen nieuws. Door de eeuwen heen staan ze als zodanig bij andere volken bekend. Nou ik, Geert Wilders, ik ben van nu af aan nog lomper dan zij!

Traditie

Als niet- Hollander Hollandser dan de Hollander willen zijn, is overigens niet zo curieus als het lijkt.  Geert staat eigenlijk in een aloude politieke traditie.

Neem Alexander de Grote... Gedoodverfd in de geschiedenis als dé Griekse heerser. Maar Alexander was van geboorte helemaal geen Griek, maar een Macedoniër. .

Napoleon geldt als de Fransman bij uitstek, maar hij stamt van Corsica. Zes eeuwen lang behoorde dat eiland bij de toenmalige republiek Genua. Net een jaar voor Napoleons geboorte (1769) was het eiland bij Frankrijk gevoegd. De familie Bonaparte sprak thuis onderling geen Frans, maar een Italiaans dialect, het Corsicaans, sterk verwant aan het Toscaans. Napoleon was zich zijn Italiaanse afkomst overigens sterk bewust. Niet voor niets kroonde hij zichzelf niet alleen tot keizer van Frankrijk, maar óók tot koning van Italië.   

Hitler was geen Duitser maar een Oostenrijker. Stalin geen Rus maar een Georgiër. En Erich Wichman, Nederlands eerste fascist, was van Duitse afkomst en heette eigenlijk Erich Wichmann, met dubbel n dus Die laatste n schrapte hij om maar meer Nederlands te zijn. 

Geert, hou op met dat ueber-Hollands gedoe. Wordt wat je dient te zijn. Een Limburger in de goede zin des woords. Wees werkelijk een soort Mozart! Draag niet alleen zijn pruik!

Blaas eens een tsunami aan humaniteit op je lokfluit. Papageno! Papagena! Voeg eens een touch of humanity toe aan je PVV! Misschien dat dan het nageslacht je zal gedenken als meneer Milders, de Grote Geert.

 

Een Hollands cabaretier

Je grappen zijn hard. Hèèl hard!
Dat hoort ook zo!
Je bent immers een Hollands cabaretier

Mag je Wilders vergelijken met Hitler?
   
Nee, Hitler blondeerde zijn haar niet

Maar…het kan harder. 
Het moèt!
Je bent immers een Hollands cabaretier

Willen jullie meer of minder Limbo’s?
                               
Meer! 
                        
Meer!

Mooi. Dan gaan we dat regelen! 

Aldus onze VOC-Man uit Venlo 

Over de columnist

Manuel Kneepkens

M.M.M. (Manuel) Kneepkens (Heerlen, 26 februari 1942) is een Nederlands dichter, publicist, politicus en jurist-criminoloog. 

Na het gymnasium op het Bernardinuscollege ging hij in Leiden rechten en criminologie studeren. In 1971 vertrok hij naar de Erasmusuniversiteit in Rotterdam. Daar was hij 23 jaar docent strafrecht en criminologie.

Mens, durf te leven!
02 jul
Mens, durf te leven!
Het Afdelingshoofd Mobiliteit en de zijnen
02 jul
Het Afdelingshoofd Mobiliteit en de zijnen
Metamorfose
25 jun
Metamorfose
Je hebt van die dagen…
18 jun
Je hebt van die dagen…
De Grote Misleiding
11 jun
De Grote Misleiding
Cookies

Deze website gebruikt noodzakelijke cookies voor een correcte werking en analytische cookies (geanonimiseerd) om de statistieken van de website bij te houden. Marketing cookies zijn nodig voor laden van externe content, zoals YouTube-video's of widgets van Sociale Media. Zie ons cookiebeleid voor meer informatie, of om je instellingen later aan te passen.