DICHTER-BOKSER JOOP 'WILDE BIZON' VAN DEN BOS 1928-2019

7991-dichter-bokser-joop-wilde-bizon-van-den-bos-1928-2019 (Door Paul P. Boute)


Vijftien maanden geleden vierden wij met Joop zijn negentigste verjaardag in het gebouw van de Rotterdamse Zeilvereniging in het nabij zijn van familie en vele vrienden. Een machtige mijlpaal voor onze Rotterdamse en vooral Kralingse dichter, voorheen huisschilder, koksmaat, varensgezel en bokser. In die laatste rol stond hij bekend als Wilde Bizon, de invulling van dat begrip laat ik aan de fantasie van de lezer over. (Kopfoto: Joop ‘Wilde Bizon’ van den Bos in bokshouding omstreeks 1949.)

Eerlijk is eerlijk, Joop oogde op die verjaardag al broos, maar hij genoot met volle teugen van de aandacht die de anderen hem met grote liefde schonken. Arie van der Krogt, zijn overbuurman, zong een prachtige ballade ter ere van hem. De zeilvereniging, waarvan hij al decennia lang lid was en sinds kort de alleroudste, smeerde de kelen van ons en het shantykoor, waarvan hij deel uitmaakte. De kleinkinderen hadden voor de hapjes gezorgd. Het was een prachtig feest!


In deze krant schreef ik toen hoe ik hem had leren kennen, wat hij allemaal had gedaan, zijn passies, zijn grappen en een enkele tekortkoming zoals zijn beruchte heimwee en af en toe een tikkeltje opscheppen. Zoals een echte bokser betaamt hoorde daar ook een beetje machogedrag bij, maar altijd op een ontwapenende wijze. Zijn grappen zorgden buiten Rotterdam wel eens voor wenkbrauw-fronsen, maar ja zeg nou zelf: er gaat toch niets boven Rotterdamse humor?! Amsterdam kon hij wel pruimen, vooral vanwege de Musea en de gevels van de grachtenpanden, waar we heel wat keren rondom ons museumbezoek naar hebben lopen kijken, hij meer dan ik. Ongevraagd gaf hij daar aan het werk zijnde schilders gratis advies. Die konden dat wel waarderen. Als je met hem in Rotterdam of in Bergen op Zoom liep zei hij vaak dat hij dat en dat pand nog geschilderd had.

Vorig jaar dus, waarin hij 90 werd, was wel zo’n jaar waarvan je zeker achteraf zegt, dat hij dingen voor de laatste keer deed. Begin februari naar Den Haag Museum de Gevangenpoort klom hij nog best de trappen op. In februari werd het toch ongeweten zijn laatste carnaval in het Krabbegat, vrij snel nadat de optocht de markt had bereikt wilde hij al naar het station, naar huis. In juli gingen we naar een van zijn favoriete musea, het Gemeentemuseum in Den Haag. We troffen het niet want het museum zat tussen twee grote exposities in en was vrij leeg. Na de koffie met appelgebak zei hij: laten we maar gaan om me in de museumcorridor op weg naar de tram toe te vertrouwen dat ik er maar rekening mee moest houden dat dit te vermoeiend was geworden en we waarschijnlijk niet meer zo ver weg moesten gaan en me daarna, een kwartier later, in de tram toch weer een plan voor een volgend uitje voor te stellen.

Zijn ferme tred was aarzelend geworden en werd steeds meer drentelen. Maar als je sprak: zet de vaart er maar in, dan lukte het weer even. Afgelopen najaar gingen we nog naar het Stedelijk in Schiedam en daarna naar de Rubenstentoonstelling in Boymans van Beuningen, in eigen stad. Het uithoudingsvermogen, de afstanden en de aandachtspanne werden korter. Waar de verflucht tijdens zijn werkzame leven en de klappen van het boksen (hij kon er goed ontwijken, van anderen die dat minder goed konden zei hij dat ze na een K.O. nog een tijd lang in de verte kerkklokken hoorden luiden) hem niet klein hebben gekregen deden dat nu de ouderdom en de tijd. Maar we gingen nog wel steeds op de late vrijdagmiddag met zijn Jenny en enkele vrienden naar het café, Het Rijk van Kralingen (Edwin) of De Wandelaar, luxe café voor Dames en Heren (Leo).

Het alcoholpercentage van het bier was inmiddels naar 0,0 geschroefd. Hij bleef nog lang fietsen waarbij we ons hart vasthielden en soms kwam hij bont en blauw van het vallen thuis. Spijtig genoeg begon dus de leeftijd zowel bij hem als bij zijn vrouw zijn tol te eisen. Indachtig het lied Old Soldiers never die, they just fade away zo ging het eigenlijk met onze Joop afgelopen weken, om uiteindelijk toch dit liedje te weerspreken. Met Bep van Klaveren, waarvan u Joops gedenkwaardige gedicht hieronder vindt, en met Muhammad Ali heeft hij gemeen dat ze de allerlaatste wedstrijd uiteindelijk verloren, ze zitten nu gedrieën op de Olympus van onze dierbare herinneringen, Joop in het midden!

Op de foto hierboven: Indringend portret Joop van den Bos 25 juni 2014. (Foto © Einar Been).

Op de foto hierboven: Joop ‘Wilde Bizon’ van den Bos in bokshouding omstreeks 1949. (Fotograaf onbekend)

Op de foto hierboven: Cultuurvorser Joop van den Bos in het (Vincent ) van Gogh Village Nuenen Noord Brabant. 16 oktober 2013. (Foto © Paul Boute)

Op de foto hierboven: Speciale postzegel Joop van den Bos 80 jaar in 2008. (Produkt © Paul Boute)

Op de foto hierboven: De ‘Wilde Bizon’’ ontvangt op zijn 90e verjaardag op 21 januari 2017 een rechtse hoek cadeau van ‘durfal’ Wim de Boek (Foto © Paul Boute)

Als Kopstoot stond tegelijkertijd op deze website van Joop van den Bos het gedicht ’Voor Bep’ uit de bundel ‘De linkse hoek loepzuiver’

Herman A. Hartgers :
Joop - Een man uit één stuk en.....
niet te koop.

vrijdag 26 apr 2019

Arie Torcque :
Mooi artikel, 1 opmerking, Rotterdammers scheppen niet op, overdrijven een beetje om het verhaal mooier te maken.

donderdag 25 apr 2019

Joop van der Hor :
Tijdens zijn leven was hij
voor de dood en niemand bang
Een prachtig mens; bokser en dichter
Zijn woorden kwamen soms harder aan
als zijn linkse directe
De dood heeft hem beslopen
gesmoord op het kussenslopen

woensdag 24 apr 2019

willem hest, van :
Joop... ik herinner je als die aardse Rotterdamse dichter met af en toe opeens een hemelse duik.
Oktober vorig jaar stond je er nog... met de vier laatste gedichten, een tikje wankel, maar met toch nog even die typische Joop-boks op dat ene moment. Vlakbij de Ebalstraat, in de botanische tuin, in de late najaarszon...

woensdag 24 apr 2019

Jan Schouten :
Hartelijk dank voor u mooie artikel .Wij zouden graag info ontvangen over de uit vaart van Joop .Groeten JanSchouten

dinsdag 23 apr 2019

Schrijf uw reactie








Type de code over:


Social media

KOPSTOOT

Aforismen 2: Oscar Wilde (1854 – 1900)


(Door Kees Versteeg)

Oscar Wilde was een schrijver van Ierse afkomst, die aan het eind van de negentiende eeuw de leider werd van een esthetische cultus; zijn credo luidde l'art pour l'art – kunst om de kunst. In zijn werk wemelt het van de aforismen. Voordat hij als toneelschrijver doorbrak strooide hij al met geestige aforismen op bijeenkomsten van de Londense society. Na een succesvolle reis naar Amerika in 1882 werd hij volgens sommigen de eerste popster uit de wereldgeschiedenis. Maar de geaffecteerde dandy riep ook veel weerstand op. Na een beroemd geworden proces in 1895 werd hij gevangen gezet voor het in de praktijk brengen van zijn homoseksualiteit. In 1900 stierf hij totaal verarmd in Parijs. Hij ligt naast tal van andere beroemdheden begraven op het Cimetière du Père-Lachaise, de grootste begraafplaats van Parijs.

Men moet altijd een tikje onwaarschijnlijk zijn.

De prettigste mensen zijn mannen met een toekomst en vrouwen met een verleden.

Het is monsterachtig hoe mensen tegenwoordig allerlei dingen achter iemands rug zeggen die volkomen waar zijn.

Een cynicus is iemand die overal de prijs, en nergens de waarde van kent.

  • Nieuw

  • Reacties