Volkslied havenmannen: ‘Vogel op dak’


5119-volkslied-havenmannen-vogel-op-dak (Door Hans Roodenburg)
Twee iconen uit de historie van de Rotterdamse haven zijn overleden. Jacques Schoufour (86) op 14 augustus 2014. Een dag later Piet de Ruiter (75).
Ze zijn misschien niet zo bekend meer vanwege hun pensionering en/of ziekte. Beiden waren havenman van het jaar. De Ruiter in 1983 en Schoufour in 1987.
Wie kan hen beter schetsen dan de nieuwe voorzitter van de Stichting Haven-man/vrouw van het Jaar, Frank de Kruif?

Jacques Schoufour

Verandering
,,Jacques Schoufour heeft de verandering meegemaakt van het Rotterdam van de havenbaronnen naar de haven waarin internationale concerns het voor het zeggen kregen. Hij heeft daar zelf ook een rol in gespeeld. Hij stond mede aan de basis door in de bulksector een aantal familiebedrijven te laten fuseren. Het bedrijf waarvan hij aan de wieg heeft gestaan, de EMO, werd onderdeel van HES Beheer dat nu wordt overgenomen door een Amerikaanse investeringsmaatschappij.’’

Piet de Ruiter

Piet de Ruiter was volgens De Kruif wel een Havenman van het Jaar, maar kwam niet echt uit de haven. ,,Hij was een econoom en politicus die in het vroegere openbaar bestuur Rijnmond terechtkwam. Hij was een representant van de polder, waartoe de haven met zijn grote tegenstellingen tussen havenarbeiders en werkgevers in zijn tijd – begin jaren tachtig - nog niet behoorde. Er waren toen geregeld mannen van zijn slag nodig om in lange en harde onderhandelingen de breuken te lijmen en de sociale rust te bewaren.’’

CHIO
Hoewel wonend in België, net over de grens, was Jacques Schoufour vaak in Rotterdam te zien en luid en duidelijk te horen. Als een ware Rotterdammer strooide hij glimlachend, grappen en grollen makend, te pas en te onpas met gvd’s. Het meest bekend was hij als de grote man (erevoorzitter) achter het CHIO Rotterdam. Als paardenliefhebber heeft hij dat met vele rijke relaties op touw gezet.
Het verhaal gaat dat hij zelfs in zijn laatste jaren een lievelingspaard had waarop hij graag reed en aangezien hij slecht ter been was, was er een speciale installatie voor hem gemaakt om het paard te bestijgen. Enkele dagen voor zijn levenseinde werd hij opgenomen in een ziekenhuis in het Belgische Brasschaat. Zijn vrouw was al lang daarvoor overleden. Zijn rijke nalatenschap heeft hij goed geregeld door vele instellingen te bedelen.
Als Rotterdammer in hart en nieren was hij vaak te zien in zijn geboortestad. Hij was zoals vele rijk geworden Rotterdamse havenbaronnen vanwege de vermogensbelasting indertijd naar België verhuisd en is daar blijven wonen op een mooi complex. Tegenwoordig zijn er veel minder verschillen tussen de landen.

Jacques Schoufour was ook zeer bekend als de grote man (erevoorzitter) achter het CHIO Rotterdam. Foto: CHIO Rotterdam

Aanwezig
Bij vrijwel elke huldiging van de nieuwe havenman Haven- man/vrouw van het Jaar was hij begin januari nadrukkelijk aanwezig. Dat was niet voor niks want hij heeft wel wat betekent in de roerige historie van de haven. Na zijn opleiding bij het Rotterdamsch Lyceum (jawel nog met ‘ch’) in 1940-45 heeft hij de gehele ontwikkeling van de Rotterdamse haven van na de Tweede Wereldoorlog meegemaakt.
In 1953 werd hij directeur van Frans Swarttouw’s Havenbedrijf, later lid van de raad van bestuur van het Zwitserse Thyssen-Bornemisza Europe waar hij uiteraard de Rotterdamse havenportefeuille beheerde met het massagoedoverslagbedrijf Frans Swarttouw. Uiteraard was hij ook nog lid van het bestuur van de havenwerkgeversvereniging SVZ (tegenwoordig Deltalinqs) waarvan hij nog twee jaar voorzitter is geweest.
Anekdotisch voor de Rotterdamse havenwereld is dat hij nog een jaar net na de oorlog in Londen heeft gewerkt als havenarbeider. ,,Daar heb ik leren staken…’’
Hij maakte dikwijls deel uit van de Rotterdamse havenmissies die in het verre buitenland klanten gingen werven. In de vele interviews bij zijn benoeming tot Havenman van het jaar zei hij: ,,Het gebeurde wel eens dat tijdens de bezoeken aan Japan of de VS de gastheren in de late uurtjes begonnen te zingen. Dan moesten wij van onze kant ook iets doen. Omdat ik zo’n harde stem heb moest ik vaak de samenzang leiden. Eens hebben we het lied gezongen: ‘Er zat een vogeltje op het dak die kon niet kakken, enz...’. Dat werd mooi gedragen gezongen. Ze dachten dat het ons Nederlandse volkslied was. We kónden niet meer...”

Havenmannen Piet de Ruiter, Gerrit Wormmeester en Henk Molenaar (v.l.n.r.) met mevrouw De Ruiter. Foto: Jaap Kok

Herstructurering
Piet de Ruiter werd benoemd tot Havenman van het Jaar 1983 voor zijn aandeel in de altijd moeilijke herstructurering van het ouderwetse stukgoed dat in die tijd werd overvleugeld door de nieuwe ladingsverschijningsvorm, de containersector. Want in de ouderwetse stukgoedsector verdwenen vele duizenden arbeidsplaatsen van traditioneel laag opgeleide havenwerkers.
De oud-Rijnmondbestuurder was in 1981 gevraagd als voorzitter van de onderhandelingen over een sociaal akkoord. Het is hem gelukt het gesprek tussen werkgevers en werknemers, die keihard tegenover elkaar stonden, anderhalf jaar gaande te houden tot het akkoord er lag.
De Ruiter was ook het voorbeeld voor de coryfeeën in de Rotterdamse haven die een steeds hogere opleiding kregen. Hij had economie gestudeerd aan de Nederlands Economisch Hogeschool (HES) die overigens veel havenmanagement heeft voortgebracht.
Hij noemde zijn taak in het oude stukgoed ’leiding geven aan een groot gevecht’, waarin de partijen zelf hun problemen moesten oplossen. Het tegenwoordige poldermodel dus. De Ruiter: ,,Ik heb er veel van geleerd.’’ Later is hij nog directeur economische zaken van de gemeente Rotterdam geweest. De Ruiter was gehuwd en kreeg twee kinderen.

Schrijf uw reactie








Type de code over:


Social media

KOPSTOOT

Schreven de goden de Illias en mensen de Odyssee?

Julian Jaynes (1920-1997) was een Amerikaans psycholoog en een avontuurlijk wetenschapper van groot formaat.

Ik citeer uit Wikipedia:

Jaynes was eén van de eersten die een bewustzijnstheorie als puur wetenschappelijk propageerde. In zijn boek The Origin of Consciousness in the Breakdown of the Bicameral Mind uit 1976 beschrijft hij zijn "bicameral mind", ofwel bicamerale of tweekamerige geest, theorie.

Jaynes opvatting is dat de twee hersenhelften, tot circa 3000 jaar geleden, vrijwel onafhankelijk van elkaar hebben gewerkt. In die tijd zouden mensen onbewust zijn geweest en hebben geleden onder het fenomeen ‘stemmen horen’ en andere soorten hallucinaties en zelfs onder vormen van dissociatie zoals die van de meervoudige persoonlijkheid.

De doorbraak van ‘bicamerale geest’ tot bewustzijn zou ongeveer 2700 jaar geleden, ten gevolge van de opkomst van geschreven en gelezen teksten en de spraakevolutie van de oude Grieken, hebben plaatsgevonden. In die tijd, zesde eeuw voor onze jaartelling, werden door de Grieken de democratie en natuurfilosofie ontwikkeld, dat hij ziet als een bewijs voor zijn theorie.

Wanneer we dus, aldus Jaynes, deze definitie volgen, zouden we moeten inzien dat geen van de personages in bijvoorbeeld de Ilias een bewustzijn had. Woorden worden erin niet figuurlijk maar in hun letterlijke oorspronkelijke betekenis gebruikt. ‘Psyche’ betekent adem, niet ziel, geest of bewustzijn; ‘thumus’ betekent beweging/trilling, niet emotie; ‘nous’ betekent waarneming, niet voorstellingsvermogen enz.

Jaynes neemt aan dat de wereld van de Ilias van voor 3500 jaar geleden gedomineerd werd door een tweedelige 'bicamerale geest', waarvan de rechterhelft uitvoerend is en god heette en een linkerhelft die volgzaam was en mens werd genoemd. Het waren de goden die de mensen direct of indirect (via priesters etc.) bevelen tot handelen gaven.

De 'bicamerale mens', aldus Jaynes, ontstond zo'n 11000 jaar geleden ten noorden van de zee van Galilea waar toentertijd een theocratisch georganiseerde nederzetting was gevestigd. Deze samenlevingsvorm verspreidde zich gestaag. De bicamerale beschavingen ondergingen zo'n 3500 jaar geleden geweldige culturele (uitvinding en verspreiding van het schrift) en vulkanische uitbarstingen die vele koninkrijken uiteen deed vallen. In deze chaos kon alleen het bewustzijn zich handhaven. Deze verandering wordt, volgens Jaynes, verhaald in de Odyssee die een eeuw later dan de Ilias werd geschreven. Hierin vinden we bewuste personen en psyche, nous en thumus als metaforen van bewustzijn. Tot zover Jaynes.

(door Kees Versteeg)

De foto is van azquotes.com

  • Nieuw

  • Reacties