Het Nieuwe Instituut pakt groots uit!

4767-het-nieuwe-instituut-pakt-groots-uit (Door Saskia Wigbold)

Onder de titel ‘Nieuw/New’ houdt het Nieuwe Instituut dit weekend (zaterdag voor genodigden) Open Huis. Een tentoonstelling met decors van fotograaf Erwin Olaf, de evenwijdige expositie ‘Bekleidung’ met artiesten als General Idea, Sarah Lucas, Andy Warhol en een interventie in het Huis Sonneveld door Rotterdams ontwerper Richard Hutten vormen de speerpunten van het programma waarmee het Instituut zich kenbaar maken wil maken bij het grote publiek.


Het Nieuwe Instituut is ontstaan uit een fusie tussen het Nederlands Architectuur Instituut, Premsela, Nederlands Instituut voor Design en Mode en Virtueel Platform het kennisinstituut voor ecultuur.

Directeur Guus Beumer. ,,Booijmans heeft 250.000 bezoekers dus het is al mooi als wij er 200.000 binnen halen.’’ Foto: Philip Driessen

Archief
,,Zo’n fusie roept altijd rumoer op,’’ vertelt directeur Guus Beumer. ,,De opdracht is om innovatief te zijn. Ik begin bij het archief. Dat is het hart van deze organisatie maar blijft tot nu toe onzichtbaar voor het grote publiek. Het plan is om het archief productief te maken voor de creatieve industrie door innovatie te koppelen aan de notie van conflict. Architectuur durft nauwelijks te adresseren.
De vraag naar innovatie kun je zichtbaar maken door deze te koppelen aan het archief. Het archief bevat kwetsbare rijkdom dat het zoekende proces van de auteur onderzoekt.’’ Zo bevat het archief 9000 schetsen van Herzberger die allemaal op pakpapier zijn geplakt. Een archivistisch bijzonder document.
,,Die wetenschappelijke taak staat zwaar onder druk. Dus organiseren we ‘fellows’ zoals met de T.U in Delft. De rijkdom van de bibliotheek en het archief willen we handhaven. Deze maatschappelijke legitimiteit kun je versterken door zichtbaarheid en onderzoek. Het Instituut heeft de opdracht om met de innovatie 350.000 bezoekers binnen te halen. Ik zeg maar alvast dat gaat ons niet lukken,’’ vervolgt Beumer. ,,Booijmans heeft 250.000 bezoekers dus het is al mooi als wij 200.000 binnen halen.’’

Maar hoe verfijnd het decor ook is en hoe mooi de make-up, de wijze waarop iemand kijkt is essentieel, stelt Olaf. Foto: Saskia Wigbold

Architect
,,Tijdens een etentje heb ik Olaf verteld dat ik niet met hem als fotograaf wilde gaan werken maar om Olaf neer te willen zetten als een soort van architect uit de 19e eeuw door zijn sets te laten zien waarmee hij de foto’s maakt,’’ legt Beumer uit. ,,Toen keek hij mij aan zo van ‘shit Beumer’ dat is wel een kijkje in eigen keuken!’’
,,Maar…,’’ vervolgt Beumer, ,,het sloot zo mooi aan op wat het instituut wil en gaat doen de komende tijd. Ik zei tegen Olaf, met behulp van jouw sets is men in staat om de discussie over nieuwe disciplines te voeren en over grenzen en over hoe die te veranderen. Dit zou een hele interessante plek kunnen worden! De wereld tussen 2D en 3D en kunst.’’
Het gaat over ruimte en design en over de glijdende schalen van de binnen- en buitenwereld, materieel en immaterieel. Tevens geeft Olaf een kijkje achter de schermen waardoor hij zich kwetsbaar opstelt. Wat dat betreft is het ook een kwetsbare tentoonstelling.
Erwin Olaf werkt al 12 jaar samen met Floris Vos. Vos heeft op basis van Olaf’s ideeën de decors gemaakt. Zes decors zijn uitgekozen en nagenoeg nagebouwd. Allen de set ‘Waiting’ is nieuw en speciaal voor deze tentoonstelling gebouwd. ,,Het reconstrueren van de decors was een hoop werk,’’ vertelt Vos. ,,Mijn tekeningen zijn niet zo goed en sommige attributen waren niet meer terug te vinden.’’
Omdat ze sommige stukken slechts tijdelijk in bruikleen hadden gehad moesten ze deze op een andere wijze zien te vervangen. De sets zijn tot in de kleinste details nagebouwd. Zelfs de plek waar het statief stond is gereconstrueerd en aangegeven met tape.

,,Wat mij interesseert is om de droomfabriek die iedereen in zijn hoofd heeft aan de gang te zetten,’’ vertelt Erwin Olaf. ,,En dat doe je ‘Set Design’. Zoals hier bij de set Grief Grace. Foto: Erwin Olaf

Droomfabriek
,,Wat mij interesseert is om de droomfabriek die iedereen in zijn hoofd heeft aan de gang te zetten,’’ vertelt Erwin Olaf. ,,En dat doe je ‘Set Design’. Zoals hier bij de set Grief Grace. Het model van die vrouw in dit luxe landhuis met die jurk en met die bank dat zegt iets over die vrouw. Het moet lijken of die vrouw er echt woont en of ze die bank zelf heeft uitgekozen, heeft gekozen om die whisky te drinken, dat blad te lezen…. Bij dit interieur past geen bloemetjesjurk. De inspiratie voor dit interieur is het modebeeld de glamour zoals die in de tijd van Kennedy werd uitgedragen. Dit verhaal gaat over de eerste traan. Wat gebeurt er met iemand als er iets verschrikkelijks is gebeurd? Verdriet is interessanter als het gedragen wordt door een rijke vrouw door glamour. Door het verdriet werkt de vitrage in het beeld als tralies.’’
Het verhaal van de set Keyhol is op geheel onverwachte wijze ontstaan. ,,De set bestaat uit twee werelden,’’ vervolgt Olaf. ,,Wat gebeurt er in de gang en wat gebeurt er in het magazijn? Ik had het mijzelf met deze opdracht erg moeilijk gemaakt tot ik het model op de set uit verveling zag gluren in het sleutelgat. Hij vertelde mij door deze reactie het verhaal: De ene wereld kijkt in de andere wereld. De Amsterdamse school en de ambachtelijkheid komt in dit decor samen. Ik begin altijd met het gevoel voor een tijdperk.‘’

Interventie 3: Een vaasje met bloemen geeft een warm detail aan het doorgaans strakke interieur. Foto: Saskia Wigbold

Maar hoe verfijnd het decor ook is en hoe mooi de make-up, de wijze waarop iemand kijkt is essentieel, stelt Olaf. Als de blik in de foto niet klopt, heb je een kut foto.’’

'Bekleidung'
De decors van Erwin Olaf lopen parallel met de tentoonstelling ‘Bekleidung’ die uit wanden bestaat met boeiend kunstenaarsbehang. Eén van de wanden bestaat uit aluminiumfolie dat volgens curator Erich Weiss ook in The Factory van Andy Warhol als behangpapier werd gebruikt. Warhol is met een geheel eigen behang ook onderdeel van de tentoonstelling. Bij sommige wanden moet je goed kijken om het patroon te ontrafelen. Het beeld met het feministische statement van Sarah Lucas werkt zo vervreemdend dat de zwevende projectielen pas na langer kijken duidelijk worden.
In de ruimte bevindt zich ook een decor lab waarin de bezoeker zijn eigen behangpatronen kan maken. Door een foto te maken kun je zien wat een patroon doet in de herhaling. Als je tevreden bent kun je je eigen patroon op een muur projecteren en zo je ontwerp vertalen naar een interieur.

 Dit behang van Mai-Thu Perret is onderdeel van de tentoonstelling ‘Bekleidung’ die uit wanden bestaat met boeiend kunstenaarsbehang.

Herdefiniëring grenzen
De interventie van Richard Hutten in het Huis Sonneveld herdefinieert de grenzen tussen toen en nu, stijl en auteurschap, modern en actueel. ,,Ik was creative director bij Gispen,’’ vertelt Richard Hutten. ,,Mijn werk heeft zo enkele aansluitpunten met dit huis.’’ Door verschillende toevoegingen zoals het servies van Berlage op de tafel in de eetkamer wordt er meer leven in de ruimte gebracht. In de keuken staat een tafel uit de collectie Gispen die speciaal voor deze interventie is aangepast.
,,De tafel is laag om een andere beleving van de ruimte te krijgen,’’ vertelt Hutten. ,,Zo zitten de genodigden hoger en oogt het geheel feestelijker.’’ Een vaasje met bloemen geeft een warm detail aan het doorgaans strakke interieur. De bedoeling is dat ook andere ontwerpers zullen worden uitgenodigd om in het huis interventies te plegen. Zo zijn er plannen om een modeontwerper de lege kasten te laten vullen met kleding in passende stijl en met respect voor het huis.

Voor het programma zie Het Nieuwe Instituut


willemijn :
Beste Saskia,
Dank voor het leuke artikel! Een opmerking, de afbeelding van het behang is niet van Andy Warhol, maar van Mai-Thu Perret. Wil je dit aub aanpassen? Dank!
Groetjes, Willemijn Thissen

Is inmiddels aangepast (red.)

maandag 18 nov 2013

Schrijf uw reactie








Type de code over:


Social media

KOPSTOOT

Militairen ‘blauw ‘ op straat


Gratis ochtendkrant Metro kopte gisteren:
‘Politie zal straks ‘nee’ moeten zeggen’.
En: De werkdruk bij de politie is zo hoog,
dat het aantal overtredingen van de
Arbeidswet dit jaar zal uitkomen op 200.000.

Gevolg: Politiemensen stukken minder gemotiveerd,
te hoge werkdruk leidt tot stress, burn-outs en
aantal ziekmeldingen onder onze wethandhavers
neemt alarmerende vormen aan.

Met nu zo’n 1100 nieuwe agenten erbij en dure
langdurige opleidingen, blijft het landelijke
Nationale Politiekorps dweilen met de kraan open.

Interview met hoofdagent: ‘Wat je alleen wel ziet,
Is dat de burgers langer moeten wachten op een
aangifte die ze hebben gedaan. En ze zullen minder
blauw op straat zien?’

Nog minder blauw op straat? Nog langer wachten
voor de burgers op aangiften? Kan het nog gekker.

De misdaad, zeker de zware criminelen tieren
tegenwoordig zo welig als nooit te voren. Gelegenheid
maakt de dief. Pakkansen steeds kleiner, de
veiligheid op straat en in het verkeer nemen
intussen eveneens alarmerende vormen aan.

Waarom op korte termijn geen militairen tijdelijk
betrekken als noodagent nu de nood het hoogst is.
Wat doen militairen eigenlijk in vredestijd?
Oefenen in de kazerne, in het bos, op het strand
En waarom dus niet direct op straat en in het verkeer?

Met zeer effectieve korte opleidingen tot agent, overal
direct inzetbaar, van terrorismebestrijding tot
invallen bij zware criminelennesten.

Simpel zolang de nood het hoogst is tijdelijk
met een het wisselen van een
groen naar een ‘blauw’ uniform. Met daarbij een
besparing van honderden miljoenen euro’s.

En anders, Opstelten zei het al in alle toonaarden:
'Blauw op straat,
meer blauw op straat,
nog meer blauw op straat.’

Allemaal, allemaal, hartstikke blauw op straat!


Jim Postma.

  • Nieuw

  • Reacties