Een nieuwe Rotterdammer

7305-een-nieuwe-rotterdammer (Door Geert-Jan Laan)

In zijn meest recente collumn op deze site spreekt Ronald Sørensen vol lof over het jaarlijkse essay gevoegd bij het blad van de historische vereniging Roterodamum.

De schrijver daarvan Sylvain Ephimenco, oorspronkelijk Frans, maar in 1977 als 17-jarige nieuwkomer in Rotterdam gevestigd. Hij noemt zijn essay naar zijn eerste adres in Rotterdam: Feijenoordkade 13A-11.

Hoewel ik al bijna twintig jaar weg ben uit Rotterdam ben ik nog steeds lid van Roterodamum en zo kreeg ik het essay in de brievenbus. Ik heb het in een ruk ademloos uitgelezen. Sørensen heeft dus volkomen gelijk.

Wie het verhaal achter de meest geslaagde inburgering in Nederland en vooral Rotterdam wil lezen ,zal best nog moeite moeten doen om het te pakken te krijgen. Misschien ziet Roterodamum kans om een grotere oplage te verspreiden.

Het begin van het verhaal Feijenoordkade 13A-11 handelt over een brand aan die kade. Hierbij weet Ephimenco, zijn Nederlandse vriendin en enkele buren op het nippertje het vege lijf te redden. Hij ontvangt daar trots zijn eerste Rotterdamse vrienden. Maar hij maakt ook de onderkant van de Rotterdamse arbeidsmarkt mee met slecht betaald keihard werken gedurende lange dagen.

Zoals hij zelf zegt: “Hier begint mijn veroveringstocht naar een nieuwe en veelzijdige identiteit en naar de Nederlandse taal.”

Ronald Sörensen :
Leuk dat je het met me eens bent Gert-Jan.
Ik zou het bestuur van Roterodamum een email kunnen sturen of het essay in herdruk zou kunnen worden uitgegeven,maar dat werkt ongetwijfeld averechts.
Hopelijk hebben onze stukjes zoveel nieuwsgierigheid opgewekt, dat niet-leden er om gaan vragen?

dinsdag 12 jun 2018

Jan Tak :
Simpel gesteld, je bent Rotterdammer als je in Rotterdam, uit Rotterdamse ouders bent geborenen, dit gaat dus minstens drie generaties terug.
Maar bovenal herken je de Rotterdammer aan zijn/haar trots om zich Rotterdammer te mogen noemen, zijn Turkse buurman te mogen begroeten om ter gelijker tijd de zakkenwassers met Turkse vlaggen op "zijn" Erasmusbrug de vreselijke ziekten toe te wensen.

Tja en dan vallen er een hoop "wannabe's" en nepfiguren af, de echte Rotterdammer herkent deze sneu-neuzen op afstand en bromt dan binnensmonds het volledige repertoire.

dinsdag 12 jun 2018

Jeroen Waardenburg :
Een nieuwe Rotterdammer is een persoon die vandaag in Rotterdam geboren wordt.Voorts een echte Rotterdammer is altijd een geboren Rotterdammer.

dinsdag 12 jun 2018

Schrijf uw reactie








Type de code over:


Social media

Over de schrijver

Geert-Jan Laan

Geert-Jan Laan (1943, Delfzijl) is mede-oprichter van de nieuwe weekkrant Rotterdam Vandaag & Morgen.
Laan begon zijn journalistieke carrière bij Het Vrije Volk en het Rotterdams Parool, werkte van 1970 tot 1975 als sociaal economisch redacteur bij Het Vrije Volk en bedreef tussen 1975 en 1982 samen met Rien Robijns onderzoeksjournalistiek, o.a. naar Lockheed/Northrop, OGEM, etc. Ze wonnen de persprijs 1980 en publiceerden samen vijf boeken.

Daarna werkte Laan tot 1990 als plaatsvervangend hoofdredacteur/directeur van Het Vrije Volk te Rotterdam. Via zijn eigen PR- en journalistiek productiebureau deed hij in 1991 ,in opdracht van Robert Maxwel, onderzoek naar de eerste Nederlandse tabloid.

Hij was tot 2003 hoofdredacteur van Nieuwsblad/Dagblad van het Noorden en was onder meer voorzitter van het Nederlands Persmuseum te Amsterdam. Tevens was hij voorzitter van de Commissie Dag van de Persvrijheid.

KOPSTOOT

Militairen ‘blauw ‘ op straat


Gratis ochtendkrant Metro kopte gisteren:
‘Politie zal straks ‘nee’ moeten zeggen’.
En: De werkdruk bij de politie is zo hoog,
dat het aantal overtredingen van de
Arbeidswet dit jaar zal uitkomen op 200.000.

Gevolg: Politiemensen stukken minder gemotiveerd,
te hoge werkdruk leidt tot stress, burn-outs en
aantal ziekmeldingen onder onze wethandhavers
neemt alarmerende vormen aan.

Met nu zo’n 1100 nieuwe agenten erbij en dure
langdurige opleidingen, blijft het landelijke
Nationale Politiekorps dweilen met de kraan open.

Interview met hoofdagent: ‘Wat je alleen wel ziet,
Is dat de burgers langer moeten wachten op een
aangifte die ze hebben gedaan. En ze zullen minder
blauw op straat zien?’

Nog minder blauw op straat? Nog langer wachten
voor de burgers op aangiften? Kan het nog gekker.

De misdaad, zeker de zware criminelen tieren
tegenwoordig zo welig als nooit te voren. Gelegenheid
maakt de dief. Pakkansen steeds kleiner, de
veiligheid op straat en in het verkeer nemen
intussen eveneens alarmerende vormen aan.

Waarom op korte termijn geen militairen tijdelijk
betrekken als noodagent nu de nood het hoogst is.
Wat doen militairen eigenlijk in vredestijd?
Oefenen in de kazerne, in het bos, op het strand
En waarom dus niet direct op straat en in het verkeer?

Met zeer effectieve korte opleidingen tot agent, overal
direct inzetbaar, van terrorismebestrijding tot
invallen bij zware criminelennesten.

Simpel zolang de nood het hoogst is tijdelijk
met een het wisselen van een
groen naar een ‘blauw’ uniform. Met daarbij een
besparing van honderden miljoenen euro’s.

En anders, Opstelten zei het al in alle toonaarden:
'Blauw op straat,
meer blauw op straat,
nog meer blauw op straat.’

Allemaal, allemaal, hartstikke blauw op straat!


Jim Postma.

  • Nieuw

  • Reacties