(Door Hans Roodenburg)
Een jaarsalaris van circa 350.000 euro, inclusief bonussen, voor een relatief gemakkelijke baan waarvoor je misschien wel hoogopgeleid moet zijn maar eigenlijk ook niet de capaciteiten hoeft te hebben van de minister-president van dit land.

Dat is in het kort de kern van de heftige rel die is ontstaan over de honorering van president-directeur Hans Smits van het Havenbedrijf van Rotterdam. Hoewel het Havenbedrijf is verzelfstandigd (per 1 januari 2004) is de enige aandeelhouder de overheid (Rotterdam en de staat).
Aanjager
Met gemeenschapsgeld – het allergrootste deel van de winst komt de gemeente Rotterdam ten goede – draait het bedrijf uitstekend en is aanjager van economie en werkgelegenheid. Dat is ook niet zo moeilijk: bedrijven kunnen grond huren en schepen, die lucratieve havengelden opbrengen, komen bijna vanzelf wel naar de beste toegangspoort van Europa als goede faciliteiten worden geboden.
Na de rel om de bonussen van topman Jan Hommen van ING, de bankverzekeraar die dankzij miljarden overheidssteun overeind is gehouden, is er nu dus een ruzie over de beloningen bij een relatief beperkte onderneming (1200 werknemers) die in tegenstelling tot ING nog niet eens een échte particulier beursgenoteerde onderneming is maar in feite van de Rotterdamse gemeenschap.
Opgestapt
De salariskwestie heeft al geleid tot het opstappen van KPN-topman Ad Scheepbouwer (ook niet vies van hoge beloningen) als voorzitter van de raad van commissarissen van het Havenbedrijf omdat hij het niet eens is met het door de regering en de gemeenteraad gevraagde matigingsbeleid in de beloningen bij bedrijven die voor 100 procent in handen zijn van de overheid.
Hij vindt namelijk dat topmensen bij het Havenbedrijf ‘marktconform’ – wat dat ook moge zijn - gehonoreerd dienen te worden. Als 350.000 euro bruto per jaar al niet marktconform is voor de topman van een vooraanstaande internationaal dienstverlenend overheidsbedrijf (grotendeels kassier van havengelden en animator van infrastructurele projecten) dan is de vraag aan de orde wat al die andere mensen bij het Havenbedrijf wel niet mogen verdienen. Geen topmensen zonder kwalitatieve werknemers daaronder!
Eenvoudig
Voor de verzelfstandiging was het eigenlijk heel eenvoudig. Als gemeentelijke dienst mochten de ambtenaren, inclusief de topmensen, niet meer worden betaald dan wat daarvoor in de CAO-schalen stond vastgelegd. Dat betekende in die situatie dat Hans Smits thans niet meer zou mogen verdienen dan 225.000 euro en dat zou toch al tot de top van ambtenarenland Nederland behoren.
Ook geen misselijk bedrag als je nagaat dat de laagste salarisschaal (fulltime) circa 22.000 euro bruto bedraagt. Tien keer zoveel dus. Terwijl in de méér sociale jaren ’60 en 70 de norm was dat je als directeur (even los gezien van het feit of je als aandeelhouder ook nog dividend of vermogen kon opbouwen) niet meer mocht verdienen dan vijfmaal het netto salaris van de aankomende jongeling van wie men verwachtte dat hij ook wel zijn uiterste best zou doen om hoger op te klimmen.
Pijnlijk
Daarom is het des te pijnlijker hoe nu wordt omgegaan met de beloningen bij het verzelfstandigde Havenbedrijf. Het lijkt wel of iedereen – ook de hogere functionarissen onder de top - het nu ‘rechtvaardig’ vindt om exorbitant beloond te worden.
We herinneren ons nog de discussies over de verzelfstandiging van het Havenbedrijf op ‘armlengte’ van de gemeentelijk politiek. Een verzelfstandiging die zeer verstandig was want om zelfs de kleinste gronduitgiften van bedrijven aan het soms wel erg op details gerichte politieke opportunisme over te laten werkte wel erg vertragend, kostenverhogend en irritant. Sommige politici hebben helaas de gewoonte zich overal mee te bemoeien en te denken dat zij de wijsheid in pacht te hebben, laat staan dat zij zich laten leiden uit populistische overwegingen.
Daarom staat ons nog heel goed bij dat een aantal topfunctionarissen (onder wie de inmiddels veroordeelde toenmalige president-directeur Willem Scholten van het Gemeentelijk Havenbedrijf) vond dat de verzelfstandiging van het havenbedrijf niet moest leiden tot grote salarissprongen.
Uit de pan gerezen
Welnu, nauwelijks zeven jaar later zijn de topsalarissen uit de pan gerezen (ruim anderhalf keer zoveel als wat men vroeger als ambtenaar ‘kreeg’). Dat geldt overigens niet alleen voor de huidige president-directeur Hans Smits maar ook voor de topfunctionarissen (andere directeuren, topmanagers en hoge communicatiefunctionarissen).
Een ieder die indertijd eerlijk zei dat van hem of haar grote salarissprongen niet hoefden, hoor je daarover niets meer. Een zeer menselijke eigenschap in Nederland is als men zijn zakken kan vullen, zal men dat niet nalaten. Om een voorbeeld te noemen: we kennen iemand bij het Havenbedrijf, afkomstig van het ‘stadhuis’ die daar nauwelijks 100.000 gulden per jaar verdiende en dat nu minimaal in euro’s krijgt.
Verhoudingen zoek
Hoe belangrijk het Havenbedrijf voor de Rotterdamse samenleving ook is, de salarisverhoudingen zijn zoek geraakt. Een insider: ,,Bij het Havenbedrijf werden altijd al de beleidsmensen en de leiding veel beter gehonoreerd dan de ‘natte kant’ (het varend en maritiem dienstverlenende personeel, HR). Als je nu ziet wat Hans Smits, best wel een goede president-directeur, verdient voor wat hij moet doen - grotendeels toch representatief, organiserend en lobbyend - is dat in vergelijking met vroeger buitensporig.’’
Echter hierbij moet wel weer aangetekend worden dat de politiek – zoals zo vaak – achter de feiten aanloopt. Bij de verzelfstandiging werd weliswaar onderkend dat de beloningsstructuur wel iets moest veranderen (om kwalitatieve mensen te krijgen die er overigens grotendeels al waren) maar dat werd verder niet handen en voeten gegeven. Er werd een moreel beroep gedaan op vrijwillige matiging van salarissen, waarvan heel weinig is terechtgekomen.
Probleem
Nu zitten dezelfde politici met het probleem dat zij – ook voor de bühne – moeten pleiten voor een salarisverlaging (iedereen spreekt over de zogenoemde Balkenende-norm, circa 220.000 euro per jaar) voor mensen die bij overheidsbedrijven werken.
Hans Smits, overigens al lang bekend als een ‘duitendief’, kun je het niet kwalijk nemen dat hij streeft naar – in zijn opvatting – een marktconforme internationale honorering. Hij heeft dat ook in zijn eigen arbeidsvoorwaarden – een contract dat tot begin 2013 loopt – vastgelegd.
Het verhaal gaat dat hij best bereid is om na 2013 nog een nieuw contract aan te gaan. Dat laatste valt van hem te prijzen, want hij is deskundig genoeg om de ‘haventoko’ te leiden. Wat zou hij aan alle discussies hierover een eind kunnen maken door zelf vrijwillig akkoord te gaan met een nieuwe honorering die wel aan de overheidseisen voldoet. Van 250.000 euro per jaar valt toch heel goed te leven? Zeker als men het werk plezierig vindt.
Interessant
Ook wordt heel interessant wat de nieuwe financieel directeur Paul Smits (ook al afkomstig van Scheepsbouwers KPN, geen familie van Hans) gaat verdienen. Maar daarover houdt iedereen zich stil in het tijdperk dat openbaarmaking van inkomens aan de orde van de dag is. In de Verenigde Staten, waar de salarisverschillen overigens nog veel groter zijn, doet niemand daarover moeilijk.
En laten we de discussies over openbare ‘marktconform’ beloningen in ons land beperken tot de internationale topmensen die bij wereldspelers als Shell, Unilever, Philips en AkzoNobel behoren. Niet van een – zachtjes gezegd – Rotterdams bedrijfje!
Misschien moet een aantal andere bekenden van ons (hallo Rudolph, Tie, Sjaak, Minco en vele anderen) ook maar een klein stapje terugdoen of akkoord gaan met bevriezing voor meerdere jaren van hun honoreringen. Of anders proberen een baan te vinden die wel in overeenstemming is met hun inkomen. Want gelukkig staat het in ons land een ieder vrij de baan te zoeken die het best bij hem of haar past en de hoogst mogelijke beloning biedt. Bovendien kwaliteit verloochent zich niet!
Reacties (0)

Schrijf uw reactie





