Zijn mooiste uren

6994-zijn-mooiste-uren (Door Geert-Jan Laan)

Op dit ogenblik viert de Britse acteur Gary Oldman triomfen in de Nederlandse bioscopen met zijn vertolking van Winston Churchill in de mei dagen van 1940 toen Hitler geheel Europa leek te bezetten.De film heet "His finest hour". Ik zou dat vertalen in het Nederlands als:,, Zijn mooiste uren."

Ik ben zo langzamerhand een van de weinige mensen die Churchill nog echt, in wekelijkheid -levend en wel- nog hebben gezien. Ook de datum weet ik nog precies. Dat was op 7 juli 1960. Ik was een jong studentje op de Regent Street Polytechnic in Londen

Er vielen een paar lessen uit en mijn vriend Neil Farmer zei voor de grap:,Zullen we eens op de publieke tribune van het Lagerhuis gaan kijken." Dat vond ik een goed plan. De enige veiligheidsmaatregel bestond uit het invullen van een formulier waarin wij beloofden geen bommen of explosieven naar beneden te gooien. De dag tevoren was Britse labour politicus Aneurin Bevan overleden.. Hij was in de jaren dertig een gevreesde vakbondsleider van de vakbond voor havenarbeiders, zeelieden en aanverwante bezoekers.

Hij was minister van Arbeid geweest in het oorlogkabinet van Winston Churchill. In de film staat Churchill onder hevige druk een aparte vrede met Adolf Hitler.te sluiten. Vooral vooraanstaande conservatieven dringen daar op aan. Churchill zat helemaal rechts op de eerste bank, die verder helemaal gevuld was met ministers van de Conservatieve Partjj Aan de overzijde zaten de prominente leden van de Oppositie De labourleden dus. Nye Bevan. had recht tegenover Churchill gezeten. De voorzitter roemde de kwaliteiten van de overleden linkse politicus. Churchill leunde op zijn stok en zweeg. Na de toespraak liep het Lagerhuis leeg. Alleen Churchill bleef zitten. Toen vrijwel iedereen weg was kwam hij overeind en liep hij naar de overkant. Vlak voor de plek waar Bevan had gezeten boog hij zijn hoofd en knikte.

In het verslag van de Britse krant The Guardian noemde de verslaggever dit eerbetoon :Zijn "dearest ennemy." Zijn meest geliefde vijand.En ik was erbij.

Schrijf uw reactie








Type de code over:


Social media

Over de schrijver

Geert-Jan Laan

Geert-Jan Laan (1943, Delfzijl) is mede-oprichter van de nieuwe weekkrant Rotterdam Vandaag & Morgen.
Laan begon zijn journalistieke carrière bij Het Vrije Volk en het Rotterdams Parool, werkte van 1970 tot 1975 als sociaal economisch redacteur bij Het Vrije Volk en bedreef tussen 1975 en 1982 samen met Rien Robijns onderzoeksjournalistiek, o.a. naar Lockheed/Northrop, OGEM, etc. Ze wonnen de persprijs 1980 en publiceerden samen vijf boeken.

Daarna werkte Laan tot 1990 als plaatsvervangend hoofdredacteur/directeur van Het Vrije Volk te Rotterdam. Via zijn eigen PR- en journalistiek productiebureau deed hij in 1991 ,in opdracht van Robert Maxwel, onderzoek naar de eerste Nederlandse tabloid.

Hij was tot 2003 hoofdredacteur van Nieuwsblad/Dagblad van het Noorden en was onder meer voorzitter van het Nederlands Persmuseum te Amsterdam. Tevens was hij voorzitter van de Commissie Dag van de Persvrijheid.

KOPSTOOT

De kluts kwijt


Je zou ze de kost moeten geven die gedurende

deze enorme hittegolven de kluts zijn kwijt

geraakt. Waarvan recentelijk weer ondergetekende.


In de bloedhitte ben ik op zoek naar een

Kringloopwinkel in het dorp Oude-Tonge. Daar

buiten, midden in natuurgebied en boerenland,

bivakkeer ik vaak om de hitte in de stad te ontvluchten.


Hoewel, zo ontdek je al snel van stad naar platteland:

‘Vluchten kan niet meer.’


Afijn. Een keer had ik daar jaren geleden in dit vriendelijke

dorpje een matras gekocht voor mijn buitenhuisje.

Maar nu kon ik de tweedehands-winkel niet meer

direct terugvinden.


Geheel de weg kwijt stopte ik mijn oude bestelwagentje

langs de kant van de weg, toevallig in de buurt van

een autogarage. Zo’n vijftig meter daar vandaan.


De goedlachse automonteur wees mij onmiddellijk

de goede richting. Namelijk naar de volgende rotonde.

Ik had mij dus eenvoudig vergist. Omdat de monteur

mijn auto niet zag, vroeg hij: ‘Bent u lopend?! Het is nog

wel zo’n driekwart kilometer hier vandaan?’


Geruststellend antwoord ik hem: ‘Nee, mijn wagen

staat wat verder op. Ik was alleen even de kluts kwijt.’


Op dat moment loopt de monteur naar een van de

auto’s en vraagt met een ‘big smile’: ‘Zo, u was de kluts

kwijt, hè? Nou, dan heeft u geluk. Heb er hier nog eentje

liggen voor een goedkoop prijsje. Hoeft u ook niet meer

naar de Kringloopwinkel.’’


Jim Postma


  • Nieuw

  • Reacties