COLUMNS

‘Zeeziek’ bij Zeeman

7367-zeeziek-bij-zeeman
(Door Jim Postma)

Gisteren stond ik als eerste bij de kassa van Zeeman met twee spuitbusjes deodorant van 99 cent per stuk. In mijn hand had ik al vast een twee-euro-stuk voor een snelle betaling. In de zaak aan de Zwartjanstraat was het net als buiten, drukkend heet. Mijn busjes had ik voor de neus van de kassajuffrouw neergelegd of vlak daarop komt van rechts vandaan een vader met zijn twee zoontjes plotseling zijn beklag doe n bij dezelfde kassa.

Normaal doe ik direct mijn mond open als ik ook maar het lichtste vermoeden heb dat iemand dreigt voor te ‘piepen’. Maar in dit geval was ik daar niet helemaal zeker van. Het kon zijn dat hij daar ook bij de kassa te wachten stond, alleen dan aan de andere kant. De man, een Marokkaan, sprak helder, haast op zijn Rotterdams: ‘Mijn vrouw heeft de verkeerde boodschappen gedaan en nu kom ik ze terug brengen. De maten kloppen niet.’

Daarop haalde hij uit de zak van Zeeman een stapeltje witte sokken en witte onderbroekjes. Kennelijk bestemd voor zijn zoons van tussen de zeven en acht jaar. Toch, ook al geïrriteerd door het afmattende weer, kon ik een kleine verwensing niet onderdrukken. Zo van: ‘Dat heb ik nou weer!’ En inderdaad beschik ik over de ongelooflijke kunst om bij kassa’s haast altijd de verkeerde rij te kiezen. Je kan er dan meestal donder op zeggen dat er eentje voor mij staat met een klaagzang voor de kassa. Zoals deze keer dus weer.

Retour
Als de man met zijn twee zoons maar heel even naar mij had gekeken met slechts mijn kleine boodschap, had hij mij even laten voorgaan. Dat had mij veel ellende bespaard. Nu begon het gegoochel bij de kassa, terwijl de rij wachtende achter mij groter werd. De kassadame nam een codescan en begon alle artikelen voor het retour te scannen. Daarop verscheen een retour-kassabon. Met een balpen begon zij die vervolgens van vinkjes te voorzien om te kijken of het allemaal wel klopte. Dat deed zij niet een keer, maar minstens twee of drie keer.

Vervolgens zegt zij tegen de klant: ‘Als u los vijf cent heeft dan krijgt u van mij zeven euro terug’. Het bleken ook allemaal artikelen te zijn van 99 cent per stuk. De man pakt een vijfcentstuk uit zijn beurs en overhandigt die met een glimlach aan de juffrouw. Vervolgens legt zij een briefje van vijf en een twee euro-stuk voor hem op de toonbank.

Hè, hè, ‘klaar is Kees’, dacht ik. En legde vervolgens mijn twee-euro-stuk vast op tafel. Toen zei de man: ‘Het klopt niet. Het zijn acht items van 99 cent.’ Als ik even naar de rij achter mij kijk, zie ik gefronste blikken van veelal Marokkaanse vrouwen. En ook ik begin nu een beetje witjes weg te trekken.

(Daarvoor had ik het eens bij een kiosk op het Centraal Station meegemaakt dat daar een kassajuffrouw niet uit het hoofd kon uitrekenen hoeveel 6 x 5 was. Daar had zij dus een rekenmachinetje voor nodig (‘wie de jeugd heeft, heeft de toekomst’, dacht ik toen).

Ongelovig
De ‘Zeemeermin’ achter de kassa van de populaire textielketen keek op dit moment ongelovig naar de klant. Die zei nu: ‘Ja, telt u het maar na!’ Daarop begon zij wederom alle sokken en onderbroekjes weer te scannen. Zo verscheen er een tweede kassabon en uiteindelijk nog een derde. ‘Check en dubbelcheck’, heet zoiets. Vervolgens begon zij met haar balpen weer langs alle artikelen te vinken.

Met als resultaat dat de rij wachtende maar bleef groeien. Het aantal verwensingen dat ik op dat moment liet vallen, zal ik hier maar niet herhalen. Ook achter mij was het geroezemoes in die trend niet van de lucht. Zelfs voor de man met zijn zoons werd het allemaal te veel. Hij zei: ‘Dat controleren en zo kunt u toch wat later doen. Geef mij nu maar mijn euro en ik ben weg.’ (Het waren inderdaad acht items van 99 cent).

‘Reddende engel’
Maar deze simpele oplossing was aan dovemansoren. Nu verscheen de ‘reddende engel’ op het toneel. Althans dat dacht ik. Een wat oudere gezette dame kroop door het kassaluik en maakte aanstalte om de nog steeds gesloten kassa twee te openen. Dat dacht ik wederom. Maar in plaats daarvan ging zij nog verhaal halen bij de jongere collega. En die bleef maar tellen en tellen.

Nu brak mijn klomp. Ik ontplofte zo wat. ‘Ik wil nu afrekenen’, sprak ik op hoge toon, ‘anders loop ik zo de deur uit. Sta hier verdomme al een kwartier te wachten voor zo’n kleine boodschap.’ De vader, die eveneens met vol ongeloof naast mij stond, geeft mij daarbij een bemoedigende knipoog.

Op dat moment verschijnt er een derde medewerker bij het hok van de kassa en gaat informeren bij de wat oudere kassadame ‘wat er nu allemaal aan de hand is?’, zonder een blik te werpen op mij en alle anderen achter mij. De senior bij kassa 2 wil daar nog op ingaan. Ik pak mijn deodorant busjes op en was in staat om er mee naar de kassadames te gaan spuiten! (YouTube!).

In plaats daarvan knal ik ze bij kassa twee op de toonbank, gevolgd door een klets van mijn pasklare twee-euro-muntstuk. ‘Ik wil afrekenen, nu!’, roep ik keihard door de zaak. Hiervan schrikt de oudere dame, maar wel met een verwijtende blik naar mij toe. Met duidelijke tegenzin rekent zij uiteindelijk mijn boodschapje af. Anders had ik er nog gestaan…

In de tussentijd staat de vader bij kassa een nog te wachten op zijn euro. Terwijl ik met grote opluchting de zaak verliet kon ik het niet helpen de man een bemoedigende tik op zijn schouders te geven en sprak tot hem: ‘Nou, sterkte in de strijd!’

Toen ik even later op straat tussen het winkelende publiek terecht kwam, voelde ik mij als ‘zeezieke Zeeman!’.

Jim Postma

Lees verder

Drank & drugs

7354-drank-drugs
(Door Alek Dabrowski)
Blowers drinken niet, de gemiddelde blower dan. Dat is een jongen van een jaar of zestien. Na schooltijd koopt hij vi[...]

Fietsers; de Duitse in het bijzonder

7328-fietsers-de-duitse-in-het-bijzonder
(Door Ronald Sörensen)
Enkele weken geleden wilde ik invoegen op een t-splitsing. Ik stond net op het fietspad om linksaf te slaan, toen ik [...]

Grijze wolven

7314-grijze-wolven
(Door Ronald Sörensen)
Vanochtend zag ik dat in Australië commotie is ontstaan, omdat soldaten in Afghanistan gelegerd een swastika vlag ha[...]

Een nieuwe Rotterdammer

7305-een-nieuwe-rotterdammer
(Door Geert-Jan Laan)
In zijn meest recente collumn op deze site spreekt Ronald Sørensen vol lof over het jaarlijkse essay gevoegd bij he[...]

Het Oude Tramhuis

7304-het-oude-tramhuis
(Door Alek Dabrowski)
Er zijn cafés die alleen diep in de nacht werden bezocht. Het besluit om er heen te gaan ontstond op een moment dat[...]

Een historische kat in de zak?

7290-een-historische-kat-in-de-zak
(Door Ronald Sörensen)
De houding van historisch genootschap Roterodamum t.o.v. de partij die de laatste 20 jaar de Rotterdamse politiek beh[...]

Lawine aan hulp

7280-lawine-aan-hulp
(Door Geert-Jan Laan)
Sinds ruim een jaar is mijn leven aangrijpend veranderd. Een hartaanval, veertien dagen in coma, mijn rechterbeen no[...]

Rondjes

7270-rondjes
(Door Alek Dabrowski)
De manier waarop mensen zich in de kroeg gedragen zegt veel over hun persoonlijkheid. Stel je wilt met een nieuwe [...]

De pil van Drion?

7267-de-pil-van-drion
(Door Frank Drion)
Enkele decennia geleden heeft mijn verre achterneef, professor Huib Drion eens geopperd, dat er toch eigenlijk een pi[...]

Roken mag

7255-roken-mag
(Door Alek Dabrowski)
Kroegtijgers die roken hebben het moeilijk in het huidige tijdsgewricht. Bij mooi weer kun je op een terras gaan zitt[...]

Social media

KOPSTOOT

Strontschuit


Op ons terrasje in de Teilingerstraat (zijstraat Schiekade)

zit een bouwvakarbeider / aannemer

te oreren tegen een ‘takkenwijf’.


‘Alles wat ik in haar huis doe, is in haar ogen fout’,

zo steekt hij van wal.

Zodoende ben ik nu alleen al twee weken

met haar badkamer bezig.

‘Zeg ik’, waar wil je de spiegel hebben?’.

Zegt ze daar!

Zeg ik voor de tweede keer:

‘Weet je het nu zeker?’

Antwoordt zij: ‘Zeker!’

Teken ik het helemaal af, volgens haar wensen

en moet daardoor boren tegen keiharde tegels.

Breken er op de koop toe nog een tiental van mijn boortjes.

Eindelijk hangt nu de spiegel,

komt ze binnenlopen en zegt:

‘Hij moet toch een stukje hoger,

zodat die gelijk zit met het stopcontact.’


En zo gaat dat nu in dat pokkenhuis van dat pokkenwijf

al voor de honderdste keer. Om gek van te worden.


Het heeft mij een ding geleerd:

‘Je zit sneller op een strontschuit, dan in de gouden koets!’


JP


  • Nieuw

  • Reacties